Laatste update 21:09
7

4 mei-lezing Roxane van Iperen: Beschaafde taal is altijd de eerste getuige van onheil

Roxane van Iperen heeft tijdens de Nationale Dodenherdenking in de Nieuwe Kerk in Amsterdam haar 4 mei-lezing Stemmen uit het diepe voorgedragen. Daarmee maakte de schrijfster diepe indruk. In de lezing werpt Van Iperen een blik op het oorlogsleed uit het verleden en toont parallellen met het heden.

Al direct aan het begin van de lezing houdt Van Iperen Nederland een spiegel voor en vertelt hoe het ontstaan van de Nationale Herdenking ‘een verhaal ter ondersteuning van moreel herstel en wederopbouw’ moest zijn. Een verhaal waarin vele aspecten van het leed uit de Tweede Wereldoorlog niet werden belicht, iets wat het herdenken tot op de dag van vandaag heeft gevormd:

Zo ontstond een opbeurend zelfbeeld op basis van niet-weten. Niet-weten hoe woorden tot een geoliede vernietigingsmachine leidden, waarin velen onmisbare raderen waren. Niet-weten van de trauma’s van de vogelvrijverklaarden, wier stemmen merendeels en letterlijk in rook opgingen. Niet-weten als bron van misplaatste weemoed over vervlogen tijden, waaruit ook hedendaagse politici nog gretig tappen.

Van Iperen noemt met naam en toenaam slachtoffers van de Holocaust in Nederland en laat zo zien hoe zij pas een gezicht krijgen wanneer hun lot van begin tot eind onder de loep wordt genomen. Ook laat ze zien dat de discussie over waar de scheidslijn tussen ligt goed en fout in de oorlog te lang een onzuivere was. Mede daarom zijn er ook vandaag de dag nog vele geluiden die als “goed” worden gepresenteerd, terwijl maar de vraag is in hoeverre dit terecht is:

Toevallige slachtoffers, toevallige daders. Dimlichten op het verleden, nog voordat de feiten in kaart zijn gebracht. Een doodlopende groef die ons ervan weerhoudt verder af te dalen, omdat dat te pijnlijk is. Afdalen, niet alleen in de geschiedenis – ook in onszelf.

Kortom, een verhaal kan pas verteld worden, een geschiedenis kan pas recht gedaan worden, wanneer alle stemmen zijn gehoord. ‘Twee minuten stil zijn zonder de bereidheid álle stemmen aan te horen, is je adem inhouden en blijven steken in een oppervlakkig verhaal. Niet alleen als het gaat over wat we herdenken, maar ook wie er mag spreken,’ spreekt Van Iperen.

Dat is waar Van Iperen de link legt tussen heden en verleden:

Een kenmerk van ongelijkwaardigheid is dat leden van de inferieur geachte groep altijd een taakje hebben; ze moeten hun bestaansrecht bewijzen om gehoord te worden. De geslaagde migrant. De geïntegreerde Roma. De ingetogen homo. Maar de Nederlandse joden wáren geassimileerd, spraken dezelfde taal als hun buren, met wie zij eeuwen zij aan zij hadden geleefd. Niettemin werd driekwart van hen vermoord – het hoogste aantal van West-Europa.
Minderheden die hun waarde moeten aantonen: nog zo’n groef die blijft terugkeren, op dit moment in het debat rond het coronavirus. Wat je ook vindt van de aanpak, je kon niet om de discussie over selectie heen, of ‘triage’. Beschaafde taal is altijd de eerste getuige van onheil.

Lees hier de volledige toespraak, of zie de video bovenaan dit artikel. Niet te zien? Klik hier.

Hoe vaak spreek je iemand met een andere kijk op de wereld? Joop.nl, EW en Arminius willen je uitnodigen voor een wandeling of een videogesprek met iemand die over sommige zaken een andere mening heeft. Doe je mee? Beantwoord de eerste stelling hieronder. Meer lezen over De Wandeling? Klik hier. Zie je hieronder geen stelling? Pas je cookie-instellingen aan of klik hier.

Geef een reactie

Laatste reacties (7)