70

Aboutaleb: discriminatie en racisme ‘levensgevaarlijk’

‘Racisme en discriminatie zijn een soort onzichtbaar betonrot in de samenleving.’ Dat heeft de Rotterdamse burgemeester Aboutaleb gezegd in reactie op een onderzoek naar discriminatie van moslims in Rotterdam-Rijnmond. ‘Levensgevaarlijk,’ aldus de burgemeester.

Het onderzoek waar Aboutaleb op reageert is uitgevoerd door het Spior, de koepel van islamitische organisaties in de regio. De resultaten laten zien dat discriminatie vele malen vaker voorkomt dan blijkt uit de officiële cijfers van de politie en antidiscriminatiebureaus. In 2015 en het eerste kwartaal van 2016 zijn bij de politie en het Rotterdamse antidiscriminatiebureau Radar in totaal 85 meldingen gedaan. Bij het Spior kwamen daar in dezelfde periode nog eens 174 meldingen extra bij.

Volgens Aboutaleb moet er worden opgepast voor het ‘betonrot’, want: ‘Niet iedereen is zich ervan bewust en het manifesteert zich pas als dat balkonnetje naar beneden komt.’ Ook vindt hij dat de samenleving de laatste tijd is verhard.

Het debat over misstanden rond de islam en moslims in relatie tot terreur is verworden tot een vrijbrief om op mensen te schelden en discriminerende uitlatingen te doen.

Onaanvaardbaar, aldus Aboutaleb. Volgens de burgemeester mag in de samenleving geen enkele ruimte bestaan voor welke vorm van racisme dan ook: ‘Nul incidenten per jaar is het enige aanvaardbare resultaat.’ Dat kan overigens alleen gebeuren als mensen onderling een ‘stevig debat’ voeren. ‘Als de overheid in beeld is, heeft de discriminatie zich al voltrokken: in de bus, op school, op andere plekken.’

Het Spior denkt dat het aantal meldingen van discriminatie nog maar het topje van de ijsberg is. Uit het onderzoek is namelijk ook gebleken dat maar weinig moslims melding willen maken van wat hen is overkomen, vaak omdat ze geloven dat het nutteloos is om aangifte te doen.

Slachtoffers van moslimdiscriminatie zijn overwegend vrouwen met een hoofddoek. Bij ruim 10 procent van de meldingen gaat het om jonge kinderen. Bij een kwart van de gevallen waren de daders bekenden van het slachtoffer, bijvoorbeeld collega’s of schoolgenoten.

Bron: NOS
cc-beeld: Roel Driever

Geef een reactie

Laatste reacties (70)