10

Allochtone borstkankerpatiënten veel minder vaak doorverwezen

Allochtone vrouwen die op jonge leeftijd borstkanker krijgen, worden door artsen vervolgens beduidend minder vaak doorverwezen voor een erfelijkheidsonderzoek. Dat meldt NRC zaterdag.

Bij het constateren van borstkanker, is een dergelijke doorverwijzing gebruikelijk, aangezien familieleden eenzelfde erfelijke aanleg voor de ziekte kunnen hebben. Desondanks krijgen met name jonge Turkse en Marokkaanse borstkankerpatiënten dit potentieel levensreddende advies niet. Zo ontdekte klinisch geneticus Margreet Ausems van het Universitair Medisch Centrum in Utrecht.

Ausems team onderzocht 477 dossiers van borstkankerpatiënten uit zes verschillende ziekenhuizen. Daarbij is specifiek naar vrouwen onder de veertig jaar gekeken, omdat zij te allen tijde in aanmerking komen voor het erfelijkheidsonderzoek. Wat blijkt: van de Turkse en Marokkaanse vrouwen, neemt slechts 48 deel aan het onderzoek, terwijl dat bij de andere vrouwen met borstkanker ruim 80 procent is.

Dat is niet omdat vrouwen van Turkse en Marokkaanse komaf minder kans hebben de ziekte te krijgen. Eén op de acht vrouwen in Nederland krijgt borstkanker, ongeacht welke afkomst zij hebben. De kans dat genetische aanleg voor de ziekte aanwezig is, is bij alle vrouwen even groot. Dat het percentage doorverwijzingen dan toch zo enorm ver uit elkaar ligt, ligt volgens de onderzoekers aan de uitleg van de chirurgen.

Nadat borstkanker is geconstateerd, moet de chirurg uitleg geven over de ziekte en de behandelingsmogelijkheden. Daarnaast moet de patiënt in veel gevallen worden doorverwezen voor het erfelijkheidsonderzoek. Maar, zo zegt Ausems:

Artsen blijken dat wel te vergeten bij jonge Turkse en Marokkaanse borstkankerpatiënten. Een deel van deze patiënten is laaggeletterd, laagopgeleid of spreekt niet goed Nederlands. Het is dan voor de arts al erg lastig goed uit te leggen wat de ziekte en behandelingen inhouden.

Zorgwekkend, want uit de cijfers blijkt dat de meeste vrouwen na een doorverwijzing het erfelijkheidsonderzoek laat verrichten, wederom ongeacht welke afkomst zij hebben. Ongeveer 10 procent van de vrouwen die het onderzoek laat verrichten, blijkt inderdaad een defect aan het gen verantwoordelijk voor borstkanker te hebben.

Familieleden van patiënten die een afwijking in dit gen hebben, hebben een verhoogde kans op borstkanker en eierstokkanker. Wanneer je weet dat je drager bent van dit gendefect, kun je bijvoorbeeld kiezen voor preventieve borstverwijdering en komt de patiënt in aanmerking voor preventieve verwijdering van de eierstokken.

Cc-foto

Geef een reactie

Laatste reacties (10)