21

Bijna helft inwoners berucht skioord heeft corona gehad

In het Oostenrijkse skioord Ischgl heeft 42,4 procent van de bewoners antilichamen tegen het coronavirus in het bloed. Dat blijkt uit onderzoek van de Medizinische Universität Innsbrück, waarvoor 1.473 mensen (oftewel 79 procent van de bevolking) werden getest.

Ischgl was een van de grootste covid-brandhaarden van Europa. Hoewel de autoriteiten wisten dat het virus rondging in de populaire wintersportbestemming wachtten ze lang met het sluiten van de pistes en kroegen. Zo kon het virus zich vanuit Ischgl verspreiden over Noord-Europa.

Een opmerkelijke rol was daarbij weggelegd voor een après-skibar waar bezoekers voor een drankspel pingpongballen in hun mond stopten en in een glas probeerden te spugen. De pingpongballen werden hergebruikt en niet altijd afgewassen.

Slechts 15 procent van de bewoners van Ischgl die geïnfecteerd zijn geweest met het coronavirus, meldde zich met klachten. Volgens onderzoeker Dorothee van Laer waren de meeste besmettingen asymptomatisch.

Nu meer dan 40 procent van de bevolking corona heeft gehad, is Ischgl hard op weg naar groepsimmuniteit. Aangenomen wordt dat 60 procent van een populatie sars-cov2 moet hebben gehad, om verdere verspreiding van het nieuwe virus ernstig te bemoeilijken.

“Zelfs als er nog geen sprake is van groepsimmuniteit, zou een groot deel van de bevolking in Ischgl nu wel beschermd moeten zijn tegen het virus”, tekent Het Laatste Nieuws op uit de mond van Van Laer.

In Nederland heeft 5,5 procent van de bloeddonors corona-antistoffen, zo bleek uit onderzoek in mei van Sanquin. Als de bloeddonors representatief zijn voor de Nederlandse bevolking zou dat betekenen dat zo’n 950.000 Nederlanders het virus hebben gehad.

Het is nog altijd niet bekend hoelang een infectie met het coronavirus voor immuniteit zorgt. Bij andere coronavirussen verdwijnt de immuniteit na een paar jaar, en kan iemand opnieuw besmet raken.

cc-foto: Hans Braxmeier

Geef een reactie

Laatste reacties (21)