Laatste update 16:26
65

Extreemrechts en wit nationalisme grootste terreurdreiging VS

Witte nationalisten en andere ultrarechtse extremisten zijn verantwoordelijk voor 67 procent van alle terreuraanslagen en -plannen op Amerikaanse bodem dit jaar. Zeker de helft daarvan was gericht op demonstranten. Dat blijkt uit onderzoek van denktank Center for Strategic and International Studies (CSIS) die sinds 1994 alle binnenlandse terreur monitort.

De bevindingen staan in schril contrast met de beweringen van president Donald Trump dat het gevaar komt van extreemlinks, door hem gemakshalve allemaal geschaard onder de noemer Antifa. In plaats daarvan blijkt uit het onderzoek dat er dit jaar slechts één extreemlinkse aanslag is geweest, namelijk de moord op de extreemrechtse Aaron Danielson tijdens een demonstratie in Portland, gepleegd door iemand die zichzelf omschrijft als antifascist. Volgens extremisme-experts gaat het om de eerste moord door een antifascist in de VS in een kwart eeuw.

Sinds de politiemoorden op onder meer de zwarte Amerikanen George Floyd en Breonna Taylor wordt op veel plekken in de VS gedemonstreerd tegen politiegeweld en institutioneel racisme. De regering-Trump heeft in veel gevallen de demonstraties beantwoord met politiegeweld, uitgevoerd door massaal ingevlogen speciale ordetroepen. Volgens Trump nodig omdat “Antifa” volgens hem een gevaar voor de nationale veiligheid is. Om diezelfde reden probeert hij de demonstranten op de nationale terreurlijst te laten plaatsen.

Het aantal mensen dat door binnenlandse terreur om het leven is gekomen dit jaar is vooralsnog wel beduidend lager dan in voorgaande jaren, namelijk vijf, waaronder dus Aaron Danielson. De andere slachtoffers waren twee politieagenten, gedood door een lid van de anti-overheidsgroepering Boogaloo, de zoon van een rechter in New Jersey door een zelfverklaard anti-feminist en bij een Black Lives Matter-demonstratie in Texas werd een van de betogers, Garrett Foster, doodgeschoten door de extreemrechtse Daniel Perry*.

De dubbele moord op Black Lives Matter-demonstranten in Kenosha, gepleegd door de 17-jarige Kyle Rittenhouse wordt in het onderzoek niet aangemerkt als terrorisme, omdat de analisten geen duidelijk politiek motief konden ontdekken of hard konden maken dat de moorden met voorbedachten rade werden gepleegd. Rittenhouse staat bekend als overtuigd Trump-supporter met een voorliefde voor de politie. Hij reed de bewuste avond zwaarbewapend de staatsgrens over tussen zijn huis in Illinois naar Wisconsin waar hij uiteindelijk de demonstranten onder vuur nam.

De uitkomst van het onderzoek komt overeen met de bevindingen van Trumps eigen ministerie van Binnenlandse Veiligheid (Homeland Security). Uit een deze maand uitgebrachte dreigingsanalyse bleek al dat witte supremacisten ‘de hardnekkigste en dodelijkste bedreiging vormen voor het thuisland’.

Bron: The Guardian / cc-foto: Anthony Crider

*In een eerdere versie stond abusievelijk vermeld dat Garry Foster de dader was in plaats van het slachtoffer.

Geef een reactie

Laatste reacties (65)