7

Kabinet gaat vrijblijvend om met energiedoelen

'Haalt bij lange na de doelen in het Energieakkoord niet'

Het kabinet neemt afspraken over duurzaamheid niet serieus. Dat is op te maken uit de wijze waarop het omgaat me die afspraken: het kabinet komt ze niet na. Dat meldt NOS op basis van bronnen uit de Nationale Energieverkenning 2015. In dat rapport staat hoe het met de afspraken gesteld is. De conclusie: niet zo goed.

Er komen in Nederland wel steeds meer windmolens bij, maar de verduurzaming gaat veel trager dan is afgesproken. Zo is afgesproken dat het aandeel duurzame energie in 2020 op 14 procent moet uitkomen. Volgens de beramingen haalt Nederland dat niet, het percentage blijft steken op 11,9 procent. De oorzaak ligt volgens NOS-verslaggever Henrik-Willem Hofs bij de lange en ingewikkelde procedures voor de bouw van windmolens op land en de aanleg van warmtenetten. Het gevolg is dat slechts iets meer dan de helft van de afgesproken besparingen in 2020 gehaald zullen worden.

In een reactie op het rapport – dat overigens nog gepubliceerd moet worden – zegt Greenpeace dat de geloofwaardigheid van het Energieakkoord in het geding is. Greenpeace:

Bij het sluiten van het akkoord was er sprake van een half vol glas, nu blijkt er weer een slok uit genomen. Dit is niet genoeg, zeker in het licht van de klimaatzaak én de klimaatonderhandelingen in Parijs eind dit jaar. Rutte kan daar als leider pas een beroep doen op andere landen om verder te springen, als hij het huis in eigen land op orde heeft. […] Met vrijblijvende afspraken en louter verleiding komen we er niet, maatregelen moet meer verplichtend worden.

BNR zet de belangrijkste uitgangspunten van het Energieakkoord op een rij:

– Een besparing van het energieverbruik met 1,5 procent per jaar in de combinatie van nieuwbouw en bestaande huizen, de industrie, de agrarische sector en het overige bedrijfsleven.

– Opschalen van hernieuwbare energieopwekking. In combinatie met energiebesparing moet in 2020 14 procent van alle energie op een duurzame manier worden opgewekt, oplopend naar 16 procent in 2023.

– Afbouw capaciteit oude kolencentrales. Per 1 januari 2016 zullen drie centrales uit de jaren tachtig gesloten zijn. De resterende twee volgen op 1 juli 2017.

– Een verlaging van de CO2-uitstoot in mobiliteit en transport van 17 procent ten opzichte van 1990 in 2030, oplopend naar een reductie van 60 procent in 2050.

– Het verzilveren van werkgelegenheidskansen. Ingezet wordt op ten minste 15.000 extra arbeidsplaatsen in de periode 2014 tot en met 2020 in de bouw en de installatiesector en op termijn in de duurzame energiebranche.

cc-foto: Jako Jellema

Geef een reactie

Laatste reacties (7)