20

Katoensubsidies houden Afrikaanse boeren arm

Fairtrade organisaties roepen landen op te stoppen met katoensubsidies

Afrika kan niet concurreren met de westerse katoenprijs omdat Europa, China, Amerika en India hun katoenproductie subsidiëren. De prijs blijft daardoor zo laag dat de Afrikaanse katoenboeren op internationaal niveau niet kunnen mee concurreren. Oxfam rekende uit dat de subsidies de arme Afrikaanse boeren jaarlijks 182 miljoen euro kost.

Europa, China, Amerika en India gaven samen 34 miljard euro uit aan katoensubsidies, schrijft The Guardian. Daarmee overspoelen ze de internationale markt en houden ze de prijs voor katoen zo laag dat de vier grootste katoenproducenten in Afrika een vitaal inkomen mislopen. Dat blijkt uit het rapport The Great Cotton Stitch-up dat deze week onder de loep wordt genomen bij de handelsbesprekingen in Doha.

Het rapport focust zich op de vier grootste katoenproducenten van Afrika: Benin, Burkina Faso, Chad en Mali. Zo’n 5 tot 10 procent van hun inkomen is afhankelijk van de katoenproductie. Het grootste gedeelte van het katoen exporteren ze naar fabrieken in China en India.

In 2005 deden regeringen al een poging om een einde te maken aan de katoensubsidies, maar nog niet alle landen zijn het met elkaar eens. De Britse Liberaal democraat Vince Cable hekelt de katoensubsidies. “Het huidige systeem van subsidies kan niet goed zijn en is zeker niet eerlijk. De principes van Fairtrade moeten worden geintegreerd in het mondiale handelssysteem. De Britse regering is vastbesloten om aan dit doel te werken.”

The Guardian: Cotton subsidies costing west African farmers £155m a year, report reveals
cc-foto: 10b travelling

Geef een reactie

Laatste reacties (20)