23

Mannen aan het werk: Nederland zet streep onder Europees vrouwenquotum

EU-lidstaten bereiken geen akkoord...Minister Lodewijk Asscher houdt de boot af

De Europese lidstaten zijn verdeeld als het op vrouwenquota aankomt. Vooral Nederland en Duitsland houden de boot af omdat het volgens hen een kwestie zou zijn die nationaal opgelost dient te worden, al is dat in decennia nog niet gebeurd.

In Brussel werd maandag overlegd door Europese ministers en één van de punten op de agenda was het vrouwenquotum. De eis is dat 40 procent van de topfuncties bij beursgenoteerde bedrijven vanaf 2020 door vrouwen wordt bekleed.

De Europese Commissie staat achter de plannen maar een aantal landen houdt de boot af. Zo zeggen Nederland en Duitsland onder andere seksegelijkheid wel belangrijk te vinden maar blijkbaar niet genoeg om een Europees quotum in te stellen. Het zou – volgens hen – een nationale aangelegenheid zijn.

In Nederland is minister Jet Bussemaker (OCW) verantwoordelijk voor deze specifieke portefeuille. Zij dreigde afgelopen jaar met quota. Op Europees niveau is de portefeuillehouder – om een of andere reden – haar mannelijke collega Lodewijk Asscher en die ondersteunt het initiatief niet. 

Eerder dit jaar werd bekend gemaakt dat de nationale poging om meer vrouwen in de top te krijgen mislukt is. Het streven was om minimaal 30 procent vrouw aan de top van het bedrijfsleven te hebben. 

In Nederland was het aandeel vrouwen in de raad van bestuur in 2014 ongeveer 9,6 procent. In de raden van commissarissen is dat 9,8 procent. 

In Europa komt vooral Noorwegen in de buurt van seksegelijkheid. De raden van bestuur van de grootste bedrijven bestaan – als een gevolg van quota – voor 42 procent uit vrouwen en voor 58 procent uit mannen. 

Het is uit talloze onderzoeken gebleken dat diversiteit loont. Een onderzoek uit 2011 van de Universiteit van Amsterdam stelt dat effect het grootst is bij 50 of 60 procent vrouwen. Het levert een beter bedrijfsimago op, meer oog voor de belangen van klanten en werknemers en minder riskant gedrag. In de Volkskrant stond er een uitgebreid artikel over. 

De goede prestaties zijn er aantoonbaar aan te danken dat werknemers elkaars werk goed in de gaten houden, de zogenoemde monitoring. Verder blijken mensen in gemengde teams elkaar de ruimte te geven om zich te ontwikkelen en goede prestaties te leveren.

cc foto: Flazingo Photos

Geef een reactie

Laatste reacties (23)