Laatste update 15:40
72

Media negatiever over moslims dan over kanker

De New York Times (NYT) is ‘aanzienlijk bevooroordeeld’ jegens moslims en de islam. Dat blijkt uit een onderzoek dat consultancy bureau 416 Labs eind vorig jaar heeft uitgevoerd. Volgens het rapport is door de gekleurde berichtgeving de gemiddelde NYT-lezer sneller geneigd moslims ‘collectief verantwoordelijk te houden voor de gewelddadige acties van enkelen’.

‘Toen we aan het onderzoek begonnen hadden we wel verwacht dat de islam een van de meest negatief behandelde onderwerpen in de NYT zou zijn,’ zegt co-auteur Usaid Siddiqui. ‘Wat ons echter wel verbaasde, was dat in vergelijking met iets inherent negatiefs als kanker, islam nog steeds slechter scoort.’

Om tot de resultaten te komen hebben de onderzoekers ruim 2,6 miljoen papieren en digitale edities van de NYT vergeleken uit de periode 1990 tot en met 2014. Daarbij werden koppen ingedeeld in de categorieën positief, negatief en neutraal, door het sentiment in een woordcombinatie te toetsen aan een waarde gesteld door het woordenboek.

Wat blijkt: de islam werd negatief neergezet in 57 procent van de krantenkoppen in de periode van het onderzoek. Ter vergelijking: over kanker en cocaïne werd in respectievelijk 34 en 47 procent van de gevallen negatief bericht. Over kanker werd in dezelfde periode twee keer zo vaak positief bericht als over de islam.

Berichten over het christendom en het jodendom kregen in respectievelijk 37 en 34 procent van de gevallen een negatieve kop, 20 procent minder vaak dan de islam. In 2014 kwam de islam voor in gemiddeld 5,4 koppen per dag, een stijging van bijna duizend procent ten opzichte van 2013. Dat is volgens de onderzoekers niet eens heel verrassend, gezien de opkomst van IS. Maar in diezelfde periode steeg ook het aantal negatieve koppen over moslims van 35 naar 68 procent.

Hoewel de laatste jaren het aantal negatieve berichten in de NYT flink gestegen is, is de negatieve berichtgeving zelf niet nieuw. Uit het onderzoek blijkt dat de islam op dat gebied in elk gemeten jaar het hoogst scoort. Volgens medeauteur Owais Arshad bevestigt het onderzoek voornamelijk met harde cijfers wat de moslimgemeenschap al veel langer vermoedde.

‘Door de jaren heen werd het gewoon steeds te hardnekkig om nog te negeren,’ zegt Arshad. ‘Onder mijn vrienden die moslim zijn heerst ook een duidelijke opvatting dat de media geen bron van informatie zijn, maar een bron van bevooroordeelde informatie.’

Het rapport bewijst ook dat de vooroordelen over moslims lang niet meer alleen het terrein zijn van de conservatieven.

Hoewel de progressieve media doorgaans veel genuanceerder zijn in hun berichtgeving, zijn ook zij er uiteindelijk voor gezwicht om moslims neer te zetten als “de ander”.

Geen opzet
Toch geloven de auteurs niet dat de New York Times met opzet de islam en moslims als slecht wegzet. Desondanks bedienen ze zich van taalgebruik dat de suggestie wekt dat alle moslims collectief schuld hebben aan de daden van andere moslims.

In de berichtgeving is volgens de auteurs geen enkele ruimte voor bijvoorbeeld kunst, muziek en literatuur uit de islamitische wereld. ‘Hoe kun je nou stellen dat moslims uitsluitend goed zijn voor oorlog, geweld en terreur?’ zegt Arshad. ‘De islamitische wereld is een complexe en veelzijdige cultuur die zich uitstrekt van Indonesië tot Marokko en in de hele westerse wereld voorkomt. Dat wordt allemaal teruggebracht tot maar een heel klein stukje.’

Volgens het rapport heeft de bevooroordeelde berichtgeving over islam en moslims ernstige gevolgen.

‘Het veiligheidsbeleid en de war on terror worden gerechtvaardigd door te wijzen op de gevaren van militante moslims en jihadisten.’ Uit het onderzoek blijkt dat het woord ‘militant’ in de top vijf staat van woorden die naast ‘islam’ of ‘moslims’ wordt meegegeven. De andere vier zijn neutrale woorden als ‘staat’. In de top 25 associatieve woorden is er geen een ingedeeld als positief.

Anti-moslimretoriek genormaliseerd
Behalve de koppen is er ook een schier oneindige hoeveelheid artikelen die ronduit islamofoob zijn. Vaak worden de meest uitgekauwde oriëntalistische clichés opgelepeld en wordt de islam opgevoerd als een ware doodscultus. Zo stond in een artikel genaamd “Seksuele misère en de islam” geschreven: ‘In sommige landen van Allah heeft de oorlog tegen vrouwen de vorm aangenomen van een inquisitie. Mensen in het westen ontdekken, met angst en beven, dat seks in de moslimwereld ziek is en dat die ziekte zich verspreidt naar hun eigen landen.’

Dit soort artikelen, gecombineerd met het overweldigende negativisme in de koppen, maken de NYT medeschuldig aan het normaliseren van haatzaaien jegens islam en moslims. Het salonfähig maken van anti-moslimretoriek leidt aantoonbaar tot een toename van islamofobe incidenten en geweldsdaden.

Een van de suggesties die de onderzoekers doen om deze vorm van overmatig negatieve berichtgeving tegen te gaan, is het aannemen van journalisten, redacteuren en opiniemakers die zelf moslim zijn. Iets waar de New York Times hopeloos in faalt. De krant heeft geen enkele columnist of (eind)redacteur in dienst die moslim is.

De onderzoekers willen wel duidelijk maken dat het probleem zich verre van beperkt tot de New York Times. Die krant is simpelweg uitgekozen, omdat de benodigde data bij de NYT vele malen makkelijker te verkrijgen was dan bij andere kranten. Maar het gaat om een probleem dat zich voordoet bij vrijwel alle media. Een preciezer onderzoek van die data zal spoedig volgen. De onderzoekers hopen dat hun onderzoeken zullen bijdragen aan een verminderd negatieve weergave van de islam.

Bron: Alternet
cc-beeld

Geef een reactie

Laatste reacties (72)