Kinderen met een ernstige psychische ziekte, moeten vaak veel te lang wachten op behandeling. De wachttijd kan zelfs bij ernstige gevallen oplopen tot een jaar. Dit komt, volgens veel kinderpsychiaters door het overhevelen van psychiatrische zorg naar gemeenten. Dat blijkt uit een enquête van de Nederlandse Vereniging van Psychiatrie.

Schrijnend

De zorgverleners moeten afspraken maken met 388 verschillende gemeenten, die allemaal hun eigen regels hebben. In de praktijk betekent dit dat er zelfs wachttijden zijn voor crisisopnames, waarbij de zorgvraag acuut is en patiënten onmiddellijk geholpen zouden moeten worden. Er zijn te weinig plekken in de crisisdiensten om mensen op te vangen, maar ook te weinig plekken om patiënten naar door te verwijzen voor geschikte langdurige opvang.

Sommige instellingen zijn daarentegen helemaal gestopt met het behandelen van jongeren, omdat er teveel bureaucratische rompslomp was om nog goede zorg te kunnen verlenen. Zo vertelt Bianca Theelen van eetstoornis kliniek Human Concern: ‘Het is echt schrijnend om te zien, Maar we zijn helaas niet in staat om nu onder deze condities de behandeling te bieden die ze eigenlijk wel keihard nodig hebben.’

Bureaucratie en bezuinigingen

De decentralisatie van de zorg, is ook nog eens gepaard gegaan met een enorme bezuinigingsslag. Op de GGZ is wel met dertig procent bezuinigd, terwijl er een grote administratieve belasting bij kwam. Om te kunnen blijven functioneren moesten er administratoren aangenomen worden, terwijl behandelaars, therapeuten, psychologen en psychiaters op straat komen te staan.

Volgens Hilmar Backer, kinder- en jeugdpsychiater, hebben gemeenten zelf onvoldoende kennis en ervaring van de zorgverlening en willen zich ook nog wel eens inhoudelijk met de behandeling van patiënten gaan bemoeien. ‘Het is onmogelijk geworden om de behandeling te bieden, die we zouden willen bieden. Ook doorplaatsing naar andere instanties is onmogelijk, omdat daar vergelijkbare problematiek speelt’ aldus Backer.

Schuld van het gezin zelf

Staatssecretaris van Rijn zegt zich niet te kunnen herkennen in het negatieve beeld dat door de enquete naar voren komt.

‘Als ik kijk naar het geld dat we uitgeven aan de GGZ geven we meer geld uit dan omringende landen. Nederland is een van de koplopers. Twee is, het is zo belangrijk om als er een probleem met een kind is niet alleen maar te kijken of er een GGZ-vraagstuk is, maar ook te kijken hoe het met het gezin zit. Is er een opvoedingsprobleem? Hoe zit het met school?’

Verder wordt er in de kamer vooral gekeken naar de budgetten en hoe die beter per gemeente verdeeld kunnen worden.

Hilmar Backer snapt niet waarom er alleen maar over gesproken wordt. ‘Er is geen kinderpsychiater die denkt dat we dit met een paar miljoen extra op kunnen lossen. Het probleem is veel structureler’. Volgens Backer moet beleid gewijzigd worden waardoor er weer landelijke regie is over de kinderpsychiatrie. ‘Je hebt ook niet in iedere gemeente andere verkeersregels en andere verkeersborden.’

Nieuwsuur: ‘De kinderen worden hier de dupe van’

Lees ook: De wachttijden in de GGZ rijzen de pan uit

Geef een reactie

Laatste reacties (29)