66

NRC interviewt Job Cohen: de beste quotes

De fatsoenlijkste man van Nederland ziet het liefst een grote linkse partij

Vijf maanden na zijn vertrek geeft de voormalig PvdA-leider een uitgebreid interview aan Marc Chavannes in NRC Handelsblad. De man die tot verbijstering van velen in enkele maanden tijd veranderde van ‘de beste burgemeester ter wereld’ in de ‘slechtste partijleider van Nederland’ is open over zijn falen. Joop selecteerde de opvallendste uitspraken. Het hele lezenswaardige interview met de fatsoenlijkste man van Nederland is te vinden in de betaalde editie van NRC Handelsblad.

Townhall Amsterdam
Dat Job Cohen nog steeds Job Cohen is wordt in het interview meer dan duidelijk. Hij is bedachtzaam, zoekt naar consensus in plaats van conflicten, zelfs in zijn hardste kritiek. 

– Over de media: “Ik vind die eikels van PowNews verschrikkelijk, maar ik kan niet ontkennen dat zij iets toevoegen. Toen Mark Rutte, Maxime Verhagen en Geert Wilders hun coalitieakkoord presenteerden, stelde Rutger Castricum de terechte vraag waarom Rutte in het midden stond, en niet Wilders. Maar je moet er wel mee weten om te gaan.”

– Over de gelekte mail van Frans Timmermans die tot zijn val leidde: “Ik geloof er niets van dat hij het zelf heeft laten uitlekken, ik zou niet weten waarom. Ik vermoed dat iemand dat heeft gedaan die dacht: zo, dan zijn we in één klap van die twee af. Mij heeft hij nooit verraden voor zover ik weet.”

– Over hoe Wilders tegen hem tekeer ging in de Kamer: “Ik vond het gedrag van Wilders eigenlijk stupide en daardoor moeilijk om antwoord op te geven. Waarschijnlijk was de enige strategie die in de buurt zou komen van succes om even hard terug te meppen. Dat is iets wat ik niet kan en niet wil, en wat mij totaal ongeloofwaardig gemaakt zou hebben omdat het niet bij mij past.” Hij constateert dat hij niet in staat was de toon en lijn van het debat te veranderen.

– Over zijn aantreden als partijleider: “Alles overziend wordt de hele gang van zaken het best omschreven door het woord ‘onvoorbereid’. In alle opzichten.” Hij beschrijft zichzelf bijna als een observerende buitenstaander, verbaasd over de opwinding die zijn aantreden veroorzaakte: “Daarom stortte mijn wereld ook niet in toen duidelijk werd dat het niet lukte. Ik ben natuurlijk wel teleurgesteld dat het niet werkte.”

– Het interview in Trouw waarin hij toenadering tot de SP bepleitte en de kritiek daarop leidde tot zijn val maar Cohen zegt dat hij zijn vertrek al langer overwoog. Voor hem speelde de vraag of hij in staat was de oppositie tegen het Catshuis-akkoord dat toen nog in de lucht hing zou kunnen leiden. “Toen heb ik Jacques Wallage geraadpleegd. Mijn conclusie was: ik zie het me niet meer redden. Hans Spekman vond het niks. Die probeerde het me uit het hoofd te praten. Maar ik vond dat niemand er mee opschoot als ik het rekte.”

– Over zijn matte uitstraling in vergelijking met Roemer zoals naar voren kwam tijdens een gezamenlijk bezoek aan een sociale werkplaats: “Ik dacht dat we daarnaartoe gingen om samen een beeld te krijgen van wat daar gebeurt. Maar het ging heel ergens anders over. Ik vond het gênant, die mensen die worden gebruikt als decor om ons in het zonnetje te zetten. Daar krijg ik dan zo’n weerzin tegen, dan doe ik niet meer mee. Dat was een beetje dom.”

– Over het probleem van de Partij van de Arbeid om zowel hoog- als laagopgeleiden te bedienen: “Ik herinner me nog wel dat Femke Halsema in haar nadagen zei: de Partij van de Arbeid moet nou wel eens een keertje kiezen. Mijn antwoord daarop is altijd geweest: geen sprake van, wij gaan helemaal niet kiezen. Het zijn juist partijen als GroenLinks en D66 die naar mijn gevoel veel te veel alleen maar rekening houden met het gegoede deel van onze samenleving.”

– Over de samenwerking op links: “In de komende jaren zou je met een grote progressieve volkspartij zoveel sterker staan; dan zou je veel meer kunnen bereiken. Tegelijkertijd realiseer ik me – en dat heb ik ook ondervonden – hoe verschrikkelijk moeilijk dat is. Maar het zou een zegen zijn voor het land.”

– Over de rol van de PVV die een groot aantal zetels weet te bemachtigen. Cohen denkt dat de groei van de PVV voorbij is maar dat is niet alleen maar gunstig: “Een grote PVV leidt eerder tot een links-van-het-middenkabinet. Dat is een cynische constatering terwijl moreel gezien verzwakking van de PVV goed nieuws voor Nederland is.”

– Over hoe de invloed van de ziekte van zijn rouw die MS heeft op zijn leven en functioneren. Hij zei altijd dat het geen invloed heeft maar beschrijft nu een gesprek met een hulpverleenster: “Op een gegeven ogenblik liet zij het woord ‘rouw’ vallen. En ik dacht rouw, hoezo rouw? Wat heeft dat er nou mee te maken? Maar dat is natuurlijk wel precies waar het om gaat. En je dat te realiseren, dat je al zoveel bent kwijtgeraakt. Op de een of andere manier heeft mij dat enorm geholpen om daar weer mee verder te kunnen. “

Het interview toont vooral dat Cohen dezelfde is gebleven. Hij zoekt nuances in plaats van soundbites. Hij wil zich niet laten vangen in het web van vastomlijnde tegenstellingen. En hij is nog steeds niet opgewassen tegen de ja-nee cultuur van de media. Na uitleg van zijn entree als leider en zijn plannen voor het land stelt Chavannes de vraag: “Dus uw missie was toch om premier te worden?”

Cohen antwoordt: “Nou ja, nee… “

Cohen: linkse partijen omvormen tot één progressieve volkspartij

cc-foto: PvdA

Geef een reactie

Laatste reacties (66)