16

Palestijnse schrijver in het nauw door taboedoorbrekend boek

Een jonge Palestijnse schrijver is gestrand in Qatar, nadat de Palestijnse autoriteiten op de Westelijke Jordaanoever alle exemplaren van zijn laatste roman in beslag hebben genomen. Tegen de schrijver zelf loopt een arrestatiebevel. Hij wordt ervan beschuldigd in het boek ‘seksuele termen’ te hebben gebruikt. In werkelijkheid is het boek een aanklacht tegen fanatisme, religieus extremisme en komen er zaken als homoseksualiteit in voor.

De jacht van de autoriteiten op de 29-jarige Abbad Yahya en zijn boek ‘Misdaad in Ramallah’ hebben voor een maatschappelijke discussie gezorgd tussen de conservatie meerderheid en de liberale minderheid binnen de Palestijnse samenleving. Dat doet op het moment echter weinig voor de situatie van de schrijver zelf. In een telefoongesprek met The Associated Press heeft Yahya gezegd Doha niet te kunnen verlaten, waar hij op bezoek was toen het arrestatiebevel werd uitgevaardigd. Yahya durft de Qatarese hoofdstad niet te verlaten uit angst gearresteerd te worden zodra hij voet zet op Palestijnse bodem.

De roman volgt de levens van drie jonge Palestijnse mannen die elkaar in Ramallah ontmoeten, het hoofdkwartier van de Palestijnse Autoriteit, de overheid die de Palestijnse gebieden bestuurt op de door Israël bezette Westelijke Jordaanoever. De drie mannen werken samen in een café, waar een jonge vrouw wordt vermoord.

Een van de drie, een homoseksuele jongen, wordt gearresteerd en ondervraagd. Hoewel hij een alibi heeft voor het tijdstip van de moord, ontdekken de agenten zijn geaardheid en de jongen wordt mishandeld en vernederd. Uiteindelijk verhuist hij naar Frankrijk, op zoek naar een maatschappij waarin hij wel geaccepteerd wordt.

De tweede man komt in de problemen omdat zijn conservatieve familie ontdekt dat hij in een café werkt waar alcohol wordt geschonken, iets wat verboden is binnen de islam. In de loop van het verhaal radicaliseert de man en ontpopt zich uiteindelijk als religieuze extremist.

De derde man was de geliefde van de vermoorde vrouw. De moord achtervolgt hem. Verlamd van angst heeft hij het zien gebeuren, niet wetend of hij achter de moordenaar aan moest gaan, of zijn stervende vriendin moest redden. Niet langer in staat om met het verlies om te gaan, pleegt hij zelfmoord. Een scène die symbool staat voor de Palestijnse nationale beweging die er maar niet in slaagt het land te redden en zich los te maken van de 50-jarige bezetting door Israël.

De Roman steekt de draak met de Palestijnse leiders en zet hen neer als een stel mislukkelingen. Daarnaast maakt Yahya gebruik van uitgesproken seksueel taalgebruik, wat voor het conservatieve deel van de Palestijnse samenleving onaanvaardbaar is. Volgens de Palestijnse hoogleraar literatuur Adel Osta is Yayha met zijn boek over de schreef gegaan.

Ook het hoofd van de Palestijnse unie van schrijvers Murad Sudani bekritiseert het werk van Yahya. Volgens hem heeft Yahya ‘een dom boek’ geschreven dat tegen de nationale en religieuze waarden van Palestina ingaat in een poging te slijmen bij het westen en om prijzen te winnen. ‘De taak van een schrijver in bezet gebied is mensen hoop en blijdschap geven, niet om nationale symbolen af te vallen,’ vindt Sudani.

De druk van de Palestijnse Autoriteit op de bevolking is stevig toegenomen sinds het niets meer te zeggen heeft over Gaza, waar tien jaar geleden de militante beweging Hamas aan de macht kwam. Sindsdien maakt de Palestijnse Autoriteit jacht op – veelal jonge – Palestijnen die via sociale media kritiek durven te uiten op het bestuur.

Abbad Yahya, bron: Facebook

De ophef rond Yahya zorgt ondertussen voor een groeiende interesse in het boek op de Westelijke Jordaanoever. Een boekverkoper in Ramallah laat weten dat hij in de eerste twee maanden sinds de publicatie slechts tien exemplaren had verkocht. Op de dag van het verbod verkocht hij er zeventien. Dat zouden er ongetwijfeld meer zijn geworden, ware het niet dat de politie zijn winkel binnenviel en alle overgebleven exemplaren in beslag nam.

Ook de uitgever van het boek, Fuad Akleek ,moest eraan geloven. Hij werd in een boekwinkel gearresteerd ‘op een zeer vernederende manier’. Akleek werd zonder arrestatiebevel meegenomen en urenlang vastgehouden tot de Palestijnse minister van Cultuur Ehab Bsaiso zich persoonlijk met de arrestatie bemoeide. In de tussentijd had de politie alle overgebleven exemplaren van het boek op de hele Westelijke Jordaanoever in beslag genomen.

‘Het is geen misdaad om een boek uit te geven,’ zegt Akleek die daarmee doelt op het morele aspect van het verbod, als ook op de daadwerkelijk niet bestaande wet die een dergelijk boek zou verbieden. ‘De enige die over een boek en de schrijver ervan mogen oordelen, zijn de lezers.’

Akleek vindt minister Bsaiso aan zijn zijde. Die heeft heeft inmiddels de Palestijnse officier van Justitie verzocht het verbod op te heffen en het arrestatiebevel te laten varen. Dat is vooralsnog niet gebeurd. Hoewel Yahya in Doha uit handen van de Palestijnse autoriteiten kan blijven, maakt hij zich zorgen om zijn familie. Volgens hem worden zijn familieleden op de Westelijke Jordaanoever bedreigd en geïntimideerd door conservatieven die zich, hoewel ze het boek niet gelezen hebben, enorm opwinden over de inhoud. Op Facebook vindt Yahya wel de nodige medestanders, daar wordt zijn pagina inmiddels bedolven onder de steunbetuigingen.

Bronnen: NZHerald, AlAraby

Geef een reactie

Laatste reacties (16)