40

Rijke, westerse bedrijven profiteren vooral zelf van hulp

Deskundigen over het huwelijk tussen sociale projecten en commerciële belangen

De economie van ontwikkelingslanden op gang helpen door hulpgeld aan bedrijven te geven, is steeds vaker het adagium als het over ontwikkelingshulp gaat. Ook Nederland met minister Ploumen doet met haar nieuwe beleid mee aan deze mode. Maar het blijken vooral rijke westerse bedrijven die profiteren, schrijft de Volkskrant woensdag.

Get Microsoft Silverlight
Minister Ploumen van Ontwikkelingssamenwerking en Internationale handel verdedigde de nieuwe strategie afgelopen zondag nog in het programma Buitenhof (video). Deskundigen op het gebied van ontwikkelingssamenwerking vragen zich echter af of sociale projecten en commerciële bedrijven wel zo goed samengaan. Een aantal van hen discussieert donderdag in het Tropeninstituut in Amsterdam over de zegeningen en beperkingen van  een huwelijk tussen bedrijfsleven en hulpverleners. Zij doen dit op een symposium van het vakblad Vice Versa, zo meldt de Volkskrant.

Sprekers zijn onder anderen Emily Darko van de Britse adviesorganisatie Overseas Development Institute in Londen en Jeroen Kwakkenbos van Eurodad, het studiecentrum van de onafhankelijke hulporganisaties (ngo’s) in 16 Europese landen, gevestigd in Brussel.

Kwakkenbos:

Ik ben niet tegen deze samenwerking, het gaat om de manier waarop het gebeurt. Er is nu te weinig aandacht voor de bedrijven in de ontwikkelingslanden. Goed gerichte hulp aan de particuliere sector kan enorm veel effect hebben: werkgelegenheid, groei, armoedevermindering. Maar dat zien we veel te weinig gebeuren.

Emily Darko:

De houding van donoren tegenover het bedrijfsleven verandert. Voorheen hielpen ze vooral bij het opzetten van ondernemingen in ontwikkelingslanden, nu zie je meer en meer dat ze proberen multinationals te interesseren voor economische projecten met een sociale en duurzame doelen. Het is niet langer de staat versus het bedrijfsleven bij ontwikkelingshulp.

De meeste landen in Afrika maken een groeispurt mee, dat heeft niets te maken met de ontwikkelingshulp. Waarom zou daar ook nog eens belastinggeld in moeten worden gepompt?, vraagt de Volkskrant.

Darko:

Die samenwerking tussen bedrijfsleven en donoren is nuttig bij specifieke problemen, bijvoorbeeld bij niet-functionerende markten. Je hebt een maatschappelijke organisatie ter plekke nodig om te weten te komen waaraan het ligt; een overheid voor beleid, donoren en internationale bedrijven om de plaatselijke markt aan de gang te krijgen. Bedrijven willen winst maken, dus die hebben in zo’n geval een financiële tegemoetkoming nodig.

Kwakkenbos:

‘Er wordt nog te vaak gedacht: als er maar economische groei is, vermindert de armoede vanzelf wel. Als je alleen uit bent op nieuwe markten openleggen en consumenten vinden, ben je niet eerlijk bezig. Dat is een discussie van twintig jaar geleden: wat goed is voor de markt, is goed voor de armen. Dat is een fabeltje gebleken. Toch wordt dat idee nu vaak in een nieuwe verpakking aangeboden met een paar smileys erop.’

De conclusies van de Eurodad-studie ‘Private profit for public good?’ zijn niet erg hoopgevend. Het merendeel van het geld bleek besteed aan de aankoop van goederen en diensten die werden geleverd door bedrijven uit de rijke landen. Het hulpgeld voor overheidsdiensten (onderwijs, gezondheidszorg) nam af, ten gunste van het particuliere bedrijfsleven, aldus de Volkskrant.

Volkskrant (betaalde toegang): Vooral rijke bedrijven profiteren van hulp

Kijk op viceversaonline.nl voor meer informatie over de bijeenkomst van aanstaande donderdag

Geef een reactie

Laatste reacties (40)