21

Schoonmakers aan het woord in Zembla

Na de schoonmaakwoede: wat is er sinds de stakingen veranderd?

Dit voorjaar hebben de schoonmakers in Nederland negen weken gestaakt, de langste staking sinds 1933. Destijds volgde ZEMBLA een aantal schoonmakers.

De stakende schoonmakers wilden meer loon, een beetje respect, maar vooral betere werkomstandigheden. Want vaak krijgen ze zo weinig tijd dat die wc in de trein of in het ziekenhuis niet goed schoon wordt, terwijl ze dat wel graag willen. Inmiddels is er een nieuwe CAO.

In de ZEMBLA-aflevering ‘Na de schoonmaakwoede’, vanavond te zien op Nederland 2, gaat de redactie terug naar een aantal hoofdpersonen om te vragen wat er sinds de staking veranderd is.

Nederland telt ongeveer 150.000 schoonmakers, een grote meerderheid is vrouw en laag opgeleid. Sommigen van hen hebben meerdere banen. De meeste schoonmakers werken voor grote bedrijven, zoals ISS, Asito, CSU, Hago en GOM. De schoonmaakbranche heeft een jaaromzet van ongeveer 3,4 miljard euro. Al een aantal jaren zijn de schoonmaakbedrijven verwikkeld in een concurrentiestrijd. Om opdrachten binnen te halen, vragen ze minder geld aan hun opdrachtgevers, die ook veel minder willen betalen voor schoonmaak. De te lage prijs wordt door de schoonmaakbedrijven terugverdiend door schoonmakers in kortere tijd meer werk te laten doen. Vaak ook met minder mensen. De arbeidsomstandigheden zijn daardoor verslechterd.

De heer Mouch maakt treinen schoon op Den Haag CS. Hij verdient 1.250 euro in de maand. Van zijn salaris moet hij ook de reiskosten betalen om op zijn werk te komen, want zoals zoveel schoonmakers krijgt hij geen reiskostenvergoeding. Om geld uit te sparen, reist hij één zone in plaats van twee met de tram, de rest loopt hij. Het half uurtje lopen per dag levert hem 20 euro in de maand op. 

Mevrouw Christine Monk-Simon werkt voor GOM in een ziekenhuis en maakt ’s avonds een hele afdeling alleen schoon. Omdat ze niet wil dat haar kinderen in armoede opgroeien, heeft ze naast haar werk in het ziekenhuis nog een andere schoonmaakbaan. Bij elkaar werkt ze 32,5 uur per week voor nog geen 1.000 euro netto per maand.

“Mijn kinderen verdienen een betere toekomst. Als ik niet genoeg salaris heb, dan komt hun toekomst in gevaar, want dan kan ik allerlei dingen voor hun niet meer betalen.”

De heer Mokhtari maakt op station Zwolle alle perrons schoon. Dat doet hij iedere dag van vier uur ’s middags tot twaalf uur ’s nachts. Maar net als de andere schoonmakers kan ook hij zijn werk niet doen zoals hij wil. Hij verdient 1.300 euro per maand. “Ik sta altijd rood. Elke maand weer. Ik kan mijn kinderen niet alles geven.”

Ella Zander, directrice van een klein schoonmaakbedrijf, vindt dat sommige grote schoonmaakbedrijven niet integer werken: “Ze bieden per dag 4 uur schoonmaak aan. En zetten dan 3,5 uur in zonder dat de klant het weet. Er wordt veel ’s avonds en ’s nachts gewerkt, het kantoor is dan leeg. Zo pakken ze een half uur winst.”

Hago-topman Steph Feijen geeft toe dat er een moordende concurrentiestrijd is en dat zijn bedrijf hier deels ook aan meedoet:

“Schoonmaken is een loonkostenvraagstuk. De ureninzet bepaalt of een contract renderend is of niet. Omdat het uurtarief niet dekkend is, kunnen niet alle uren ingezet worden die geoffreerd zijn. In feite zitten we de boel te verdoezelen.”

Feijen wil hier liever niet aan meedoen, maar dan moeten de opdrachtgevers wel meer willen betalen voor schoonmaak.

De ZEMBLA-aflevering ‘Na de schoonmaakwoede’ is te zien op zondag 4 juli om 21.45 uur bij de VARA/NPS op Nederland 2.

Geef een reactie

Laatste reacties (21)