84

Verbod op godslastering is geschiedenis

Kamermeerderheid stemt op initiatief van SP en D66 voor schrappen van gedateerde wet 

Op initiatief van de SP en D66 heeft een meerderheid van de Tweede Kamer zojuist een eind gemaakt aan het verbod op smalende godslastering. De wet – die uit 1932 stamt – heeft weliswaar ‘slechts’ tot negen veroordelingen geleid, maar staat al langere tijd ter discussie. Daarmee zou een wet zijn aangenomen waarvan niemand precies wist wat ermee bedoeld werd.

De wet werd in het leven geroepen in een tijd waarin er veel spanningen waren tussen protestanten, katholieken, communisten en socialisten. Toenmalig minister Donner (de grootvader van) zou met de wet de rust willen bewaken, maar anderen zagen in de wet juist een aanleiding om godsdienstkritiek aan banden te leggen. Donner wilde uitingen bestraffen “die in haar uitdrukkingswijze zelf een honen van de persoon Gods bevatten”. Kritiek leveren op God en het geloof werd door de wet niet verboden.

SP’er Jan de Wit: “Deze bepaling is meer dan 80 jaar geleden in het wetboek gekomen om foute redenen, namelijk om een niet-gelovige minderheid de mond te snoeren. Vandaag zetten we een juiste stap, door een wetsartikel dat onderscheid maakt tussen gelovigen en niet-gelovigen uit de strafwet te halen.”

Het Ezel-arrest uit 1968 luidde de langzame ondergang van de wet in. Toen beschreef Gerard Reve God als een ezel waar hij geslachtsgemeenschap mee zou willen hebben. Reve werd uiteindelijk door de Hoge Raad vrijgesproken.

Geef een reactie

Laatste reacties (84)