21

Wat bewuste quinoa eters zouden moeten weten

Het graan-achtige spul is hartstikke hip. Zo hip zelfs dat Bolivianen en Peruvianen het niet meer kunnen betalen

Het graan-achtige spul quinoa is hartstikke hip. 2013 is door de FAO (Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties) zelfs uitgeroepen tot ‘Het Internationale Jaar van de Quinoa’. Onder vegetariërs en veganisten is het populair, maar ook alles-eters lopen weg met de vruchtjes van dit gewas. Maar waar komt het eigenlijk vandaan? En hoe ethisch verantwoord is quinoa eten eigenlijk?

Quinoa (Chenopodium quinoa) - Neglected and Underutilized species
Quinoa (spreek uit: kien-wa) komt uit onder meer Peru. Jarenlang was het alleen in reformwinkels te krijgen, totdat de hoge voedingswaarde van het graan-achtige spul (quinoa is rijk aan essentiële aminozuren, fosfor, koper, magnesium en ijzer, maar is glutenvrij) onder de aandacht kwam.

Quinoa kwam bekend te staan als de gezonde vleesvervanger. “Het wondergraan uit de Andes.” De heerlijke nootachtige smaak zorgde er uiteindelijk voor dat de populariteit steeg, en daarmee ook de verkoopcijfers en de prijs. Sinds 2006 is de prijs van een kilo quinoa verdrievoudigd. Een Boliviaanse boer ontvangt ongeveer 1,5 euro per kilo. In Nederland kost een kilo al gauw zeven keer zo veel.

Het gevolg van die prijsstijging is dat Peruvianen en Bolivianen, voor wie quinoa jarenlang een gezonde voedingsbron is geweest, het niet meer kunnen betalen. Geïmporteerde junkfood is in die landen goedkoper. In Lima kost quinoa inmiddels zelfs meer dan een hele kip.

Een kwart van de Boliviaanse bevolking (2,5 miljoen mensen) leidt aan chronische honger en ondervoeding. Zij die vroeger quinoa tot hun beschikking hadden, worden nu gedwongen uit te wijken naar minder voedzame voedingsmiddelen als rijst.

In 2008 ging volgens het Boliviaanse Ministerie van Plattelandsontwikkeling bijna 82 procent van de quinoa naar het buitenland. De ene helft legaal, de andere helft via informele kanalen. Er bleef slechts 18 procent over voor binnenlandse consumptie.

Op alle fronten wordt koortsachtig gewerkt aan het verder vergroten van de export. Want hoewel de arme bevolking geen quinoa meer kan eten, is de stijgende vraag naar het wondergraan goed nieuws voor de boeren. Het land waar de boeren op werken wordt dan ook zo intensief bebouwd, dat het al snel uitgeput raakt en geruime tijd niet te gebruiken is.

In de zoektocht naar land dat gebruikt kan worden voor de verbouwing van quinoa, laaide vorig jaar een eeuwenoud conflict over landsgrenzen tussen de departementen Quillacas, Oruro, Coroma en Potosí weer op. Quinoaboeren gingen elkaar daar te lijf. Honderden agenten moesten ingezet worden om de gemoederen te sussen.

cc-foto: Bioversity National

The Guardian: Can vegans stomach the unpalatable truth about quinoa?

NRC: Het internationale jaar van de quinoa

Los Tiempos: Violencia en límite de Oruro con Potosí por quinua

Geef een reactie

Laatste reacties (21)