157
0

Blogger

Adrie Kok (1955) schrijft essays over ethiek en integriteit en blogt over onderwerpen die het spreekwoordelijke daglicht niet of nauwelijks kunnen verdragen. Hij haat liegen, onrecht, graaien en machtsspelletjes. Zou graag in een Nederland willen leven waarin mensen geen pootje gelicht worden of een sliding van achteren krijgen. Hij houdt in willekeurige volgorde van zijn vrouw, drie dochters, de Algarve en Campari-tonic.

Aan alleen transparantie heb je niets

De onderliggende normen en waarden van de boodschapper zijn ook belangrijk

Nadenken over ethiek, integriteit en transparantie is uitstekend. Het helpt Nederland verder in het vormen van relaties tussen partijen die producten of diensten aan te bieden hebben en die deze producten en diensten consumeren.

Transparant zijn over de waarden die gepaard zijn gegaan met de ontwikkeling, productie en vermarkten van een product of dienst, is waardevol voor diegenen die ze gaat aanschaffen. In dit nog relatief jonge vakgebied zijn we pas aan het verkennen en aan het boetseren.

Erna Scholtes promoveert op 16 april op haar proefschrift: ”Transparantie, icoon van een dolende overheid”. De boodschap die zij bij de verdediging aan haar toehoorders terecht gaat meegeven, is dat – kort samengevat – transparantie een begrip is dat in de politiek en bij bestuurders heel populair is geworden, maar dat de betekenis ervan niet eenduidig is. Verder stelt zij dat lenige begrippen als transparantie onmisbaar voor bestuurders zijn. ”Het gebruik ervan is dan ook niet af te keuren, maar we doen er goed aan kritisch te blijven op de achterliggende bedoelingen”, zo valt in het persbericht van Tilburg University te lezen.

Met respect, maar ik beweer iets anders. Spreken over en promoveren op alleen transparantie, heeft iets van een ongelijkheid met twee variabelen waarbij het antwoord reeds vaststaat. Aan transparantie alleen heb je als toehoorder niets. En zeker als je de onderliggende normen en waarden van de boodschapper (nog) niet kent. Je koopt niets voor alleen een transparant verhaal van een schijnbaar bewogen bestuurder over de bijdrage van zijn organisatie aan het terugdringen van het smelten van de noordelijke ijskap, als hij privé aandelen van kolencentrales aanhoudt.

Met name medepromotor professor Pauline Meurs heeft in het begin van deze eeuw prima werk verzet om tot meer en betere verantwoording te komen. Met de governancecodes die zij in het kielzog van de inmiddels overleden Morris Tabaksblat voor de not-for-profit organisaties heeft gemaakt, laat zij zien dat good governance (verantwoording over deugdelijk bestuur) gebaseerd is op normen waarbij de (organisatie)waarden leidend zijn. Het zijn dus de normen en waarden waar iedere governancecode op drijft. Dit uitgangspunt wordt nog eens versterkt door de ontsnappingsclausule die in de code ingebakken zit: ”apply or deny”, ofwel: pas toe of negeer. En leg je negeerkeuze uit.

Transparantie is in mijn ogen per definitie het einde van een keten. Transparantie dient de resultante te zijn van integer handelen op basis van een (bedrijfs)ethisch waardenpalet; ”Cultural Web”, voor intimi. Ben je integer, dan ben je de facto altijd bereid om op ieder gewenst moment verantwoording af te leggen over de keuzen die je hebt gemaakt. Ook over de impopulaire keuzen. En je wilt ook graag in discussie met je toehoorders over de dilemma’s die je onderweg hebt moeten overwinnen.

Mijns inziens staan de tegenwoordige denkers over transparantie als solitair vakgebied, aan de verkeerde kant van het proces. En dat is een feest voor lieden die wel transparant willen lijken maar het in de kern niet zijn. Transparantie kan voor deze lenige bestuurders een verhullende deken zijn, die naar willekeur ingezet kan worden. Lenig, in de zin van gewiekst, staat haaks op de essentie van transparantie. Het gevaar loert dat de jongens van de afdeling Marketing met transparantie aan de haal gaan. Dan zijn we verder van huis omdat er dan heel snel sprake zal zijn van een in inhoudsloos begrip dat transparantie heet.

Transparantie heeft nog een derde, en zo u wilt, een vierde keerzijde. Deze ligt in het verlengde van de eerder gemaakte Marketing-opmerking. Sommige zaken hoeft “de doelgroep” helemaal niet te weten. Transparant zijn over transparantie is overbodig en zelfs ongewenst. Van een pak melk in de supermarkt willen we de ingrediënten weten om te kunnen bepalen hoe gezond deze inhoud voor ons is. Er hoeft voor de gemiddelde consument niet vermeld te worden van welke koe deze melk afkomstig is, waar zij graast en wat zij aan vierkante meters krijgt toebedeeld. Als het een BSE-vrij exemplaar is dat in een weiland rondstapt, dan is de consument al dik tevreden.

Generieke consumententransparantie heeft een beduidend andere dynamiek dan bijvoorbeeld de transparantie van de bestuurder van PostNL, die via de achterdeur werknemers ontslaat en ze door de voordeur weer parttime aanneemt. Hij zal deze mensencarrousel desgevraagd proberen uit te leggen. Technisch, financieel en feitelijk. Wat mij interesseert, is hoe zijn bedrading én de bedrading van zijn organisatie in elkaar zit. Om te kunnen inschatten of er sprake is van een recidivegevaar.

Dit artikel staat ook op de website van Adrie Kok

Geef een reactie

Laatste reacties (0)