517
2

oud-hoofdredacteur NOS Journaal

Nico Haasbroek werkte voor VARA en VPRO onder andere als correspondent in Duitsland en New York, was hoofdredacteur van Radio en TV Rijnmond en van het NOS-Journaal.

Afscheid van een rampplek

Brief aan het thuisfront vanuit Bangladesh

Op de laatste dag in Dhaka schrijft Nico Haasbroek een brief aan zijn vrouw, dochter en de huisdieren, waarin hij terugblikt op twee weken Bangladesh. Hij was daar ter gelegenheid van de herdenking van de ramp in de textielfabriek op Rana Plaza, een jaar geleden.

Lieve Mieke, George, Larry, Ginger en Flip,

Mijn klus voor PUM en de FNV zit er weer op. De krant hier schrijft dat het op de herdenkingsdag van Rana Plaza, 40.7 graden Celsius was, de hoogste temperatuur in 54 jaar. Geen wonder dat ons busje oververhit raakte.

Dhaka CityHebben jullie mijn ansichtkaart al ontvangen? Dat ik het niet erg vind om weer naar Rotjeknor terug te keren is dat ik niet goed tegen zo’n mannenmaatschappij als hier kan. In mijn koffietent zitten alleen mannen. Terwijl ik dit schrijf komt er een vrouw binnen. Als ‘vrouwenman’ haat ik landen waar je niet gewoon met vrouwen in contact kan komen en communiceren. Komt het hier vooral door de islam? Ik weet het niet. In Indonesië en Turkije had ik er minder last van.

In de textielfabrieken zitten de vrouwen ook aan de onderkant. Gisteren vroeg een ngo-vrouw van Fair Wear, die zei in Rotterdam te hebben gestudeerd, of ze me kon spreken. Ik zei: ‘Kom maar naar Barista’, mijn koffiehuis. Maar ik weet zeker dat ze niet komt. De vrouw die hier net binnenkwam, durft mij niet aan te kijken.

Ik ga maar even verder in ons boekenclubboek van Helga Ruebsamen. Het titelverhaal ‘Beer is terug’ zit goed in elkaar door de manier waarop de Beer als hond en de Beer als man in elkaar verstrengeld zijn. Maar meer nog geniet ik van ‘La Superba’ van Ilja Leonard Pfeijffer. Wat een prachtig boek. Weet je nog van onze reis vorig jaar en het mooie bezoek aan Genua en vooral Nervi aan zee? Het keert allemaal terug in zijn verhaal.

Mijn stukjes op de site van Joop.nl  over Rana Plaza worden wel redelijk gelezen, maar er wordt niet op gereageerd. Hoe zou dat komen? Omdat het gewoon geen goeie stukjes zijn? Omdat het over onbekend buitenland gaat? Omdat ik het over luie en bange journalisten heb? Omdat mijn kritiek hout snijdt? 

The Daily Star, mijn lijfblad hier, beschrijft hoe veel mensen die het in Bangladesh wat betreft Rana Plaza voor het zeggen hebben, zoals ILO-vakbondsleiders en diplomaten en ministers gisteren niet de moeite namen om naar de rampplek te gaan om hun medeleven te betuigen, maar kozen voor het uitkramen van clichématige statements in hotels zoals het Ruposhi Bangla Hotel. De feiten zijn van de krant, de interpretatie is van mij. Men had zelfs nabestaanden naar die hotels gereden.

Onze manifestatie ter plekke, in aanwezigheid van heel veel slachtoffers en overlevenden, kreeg nauwelijks aandacht. Ik heb er ’s avonds in mijn hotelkamer geen beelden op de lokale tv-kanalen van terug gezien. Zo werkt het. De communicatiestrategen van de grote instituties organiseren slim hun eigen werkelijkheid rond Rana Plaza, maar de resultaten zijn nog mager. Ik lees een verhaal van Sadaf Saaz Siddiqui en zij beweert vrij overtuigend dat de regering van Bangladesh nog niks heeft gedaan om te garanderen dat nieuwe gebouwen door betere bouwvoorschriften wel veilig zullen zijn.  

Mieke, jij stuurde mij een link van het nieuws in The Guardian over 1 jaar Rana Plaza. Ja, zo’n krant snapt wel hoe het moet. Die brengen een actuele foto van het protest ter plaatse met relevante tekst. Ik kon zo als oude rot via Radio 1 een live impressie geven. Volgens mij is Radio 1 daarvoor vooral bedoeld. Vergeet het maar.

Weet je nog dat ik aan het begin van verblijf hier heb ik geprobeerd om de hersens van vakbondsmensen en ngo-ers wat anders te programmeren? Mijn boodschap was: 1. beelden worden belangrijker dan woorden; 2. gebruik meer de nieuwe media en minder de oude; 3. bedrijf vaker zelf journalistiek in plaats van dat over te laten aan de standaard journalistiek en 4. als je niet origineel ben, dan val je niet op.

Als metafoor gebruikte ik Barbie, symbool van Westerse kleding, nota bene in Indonesië geproduceerd. We maakten als onderdeel van de training foto’s en filmpjes, maar de techniek liet ons gedeeltelijk in de steek. Ik ga proberen om in Nederland alsnog een minifilmpje te maken en dat online te zetten. Hoe Barbie als werkneemster van een textielfabriek onder een steen bedolven en door vlammen verteerd wordt. En dan als laatste beeld: No more Rana Plaza. Het toeval wilde dat ik in Dhaka de Nederlandse kunstenaar Tinkebell tegen kwam. Ik ken haar werk niet. Maar de overeenkomst tussen Tinkerbell (Disney sprookjes) en the Snow White versie van Barbie is frappant.

Ik had ook het idee om Rana Plaza via een livestream en tien verschillende invalshoeken tot leven te brengen. Voor het realiseren van een dergelijk idee is, zo bleek mij, meer tijd nodig. Denk er alleen maar aan wat er gebeurt als tijdens zo’n streaming de stroom uitvalt, wat hier schering en inslag is, om even in textieltermen te praten. Een praktisch probleem was ook dat zoiets technisch moeilijker in Savar te realiseren is, terwijl daar wel vooral de geschikte mensen zitten.

Het idee laat me niet los en weet je wat het gekke is? Bijna al die tien mensen zijn inmiddels via deze stukjes de revue gepasseerd. The Dutchman, dat  was ik. De ondernemer, Mr. Marklin, de journalist (via The Daily Star), de fotograaf via de expositie 1134 lives no numbers, de vakbondsman bij de manifestatie gisteren, de geestelijke, de kunstenaar Tinkebell en THE VICTIM (overal en altijd). Alleen het model niet, maar misschien was dat ook geen goed idee.

Ik mis jullie. Morgen 12 uur lang Turkish Airlines. En dan thuis Nederlandse yoghurt en Nederlandse oude kaas. 

Liefs, Nico

Geef een reactie

Laatste reacties (2)