2.028
22

Medewerker Natuurmonumenten

Menno Huge is public affairs medewerker bij Natuurmonumenten in Overijssel

Afscheid van een vogel

Het afscheid van het korhoen uit Nederland is geen incident, maar onderdeel van een mondiale uitsterfgolf

Het korhoen is officieel opgegeven: de natuurbescherming moet de strijd voor behoud van het dier staken. Het lijkt erop dat maar weinig mensen er wakker van liggen, want dit zagen we toch aankomen? “Uitsterven hoort bij het leven, er gaan soorten weg en er komen soorten bij” Dit is een halve waarheid: er zijn weliswaar altijd al soorten uitgestorven, maar nu het uitsterven 100 tot 1.000 keer zo snel gaat door menselijk toedoen is dat wel een reden voor ernstige zorg. En er komen ook geen soorten bij, we zien alleen dat bepaalde dieren en planten zich uitbreiden. Op Europese of mondiale schaal is er dus sprake van een enorme verarming.

De mens blijkt net zo verwoestend voor de natuur als de meteoriet die 65 miljoen jaar geleden onder meer alle dinosauriërs wegvaagde. Ecologen maken dat op uit de snelheid waarmee planten, vogels en vlinders de afgelopen tientallen jaren terrein verliezen. Van alle soorten is een derde op zijn retour. De vlinders, vogels en planten worden de afgelopen tientallen jaren op steeds minder plekken gezien. En dat betekent dat hun aantal drastisch aan het dalen is. De afgelopen veertig jaar verloor meer dan een kwart van alle planten terrein. Van de vogels leverde 56 procent leefgebied in en van de vlindersoorten werd zelfs 70 procent teruggedrongen. Het afscheid van het korhoen uit Nederland is dus geen ‘incident’.

Dood uit de planten vallen
Het korhoen sterft uit omdat er te weinig insecten zijn, blijkbaar gaat het dus ook erg slecht met veel insecten. En met andere dieren, want toen de hop in de jaren ’50 in Nederland uitstierf, was dat door toedoen van minder insecten. De roodkopklauwier ging om dezelfde reden en de klapekster is daarom nu ook bijna uitgestorven. De insecten verdwijnen vanwege ons slechte milieu, met name de stikstofdeken over ons land heeft vergaande gevolgen. De verhouding van voedingstoffen in planten verschuift zodanig dat in proefopstellingen de rupsen dood uit de planten vallen. De heide van het korhoen is inmiddels tienmaal zuurder dan ze van nature was.

Lastig is dat de achteruitgang zo langzaam gaat, dat het ons te weinig verontrust. Als we het over het korhoen hebben, zijn we vergeten dat de duinpieper, kwak en waterspreeuw ook al eens verdwenen zijn. Over 10 jaar stelt iemand de vraag of het behoud van de laatste grutto of geelgors echt zoveel moet kosten. Het is de inflatie van ons natuurbesef.

Uitsterfgolf
Is het een probleem, een mondiale uitsterfgolf? Waarschijnlijk wel. Er zijn een aantal grenzen waarbij, als we daar overheen gaan, onherstelbare schade wordt veroorzaakt en wij als mensen te maken krijgen met volstrekt onbekende omstandigheden. Naast klimaatverandering wordt de aantasting van de biodiversiteit als de ernstigste aantasting op dit moment beschouwd. Hierdoor komen cruciale processen in het geding, zoals waterzuivering, zuurstofproductie en voedselketens.

De natuur is echter taai en de mens inventief, er is dus hoop. Al enkele decennia wordt er actie ondernomen. In Nederland gaat het om wetgeving om de enorme overbemesting tegen te gaan en de invoering van de ecologische hoofdstructuur, nu Nederlands Natuurnetwerk genoemd. Maar de weerstanden waren en zijn hoog. Politici die sterk gelieerd zijn aan landbouw en de oude economie houden veel noodzakelijke acties tegen. Het feit dat ons piepkleine en zeer druk bevolkte land, op de VS na, de grootste exporteur van agrarische producten is, levert vreemd genoeg geen gevoel van onrust op, maar juist van trots.

Robuust en verbonden
De huidige regering heeft goede bedoelingen met de natuur. Door de economische situatie blijven de daden helaas nog achter. We zullen echter krachtig door moeten gaan om de natuur zo in te richten dat deze zo robuust en ‘verbonden’ is zodat planten en dieren zich kunnen redden. We zullen moeten kiezen voor een landbouw waar ook de natuur nog een plek heeft.

Kortom, we vragen van onze bestuurders visie en daadkracht waarbij het gaat om een algemeen belang en effecten op lange termijn. Ook voor dieren als het korhoen zou het natuurnetwerk, grotere heidevelden en extensief boeren in de randgebieden hebben geholpen. En bedenk dat het laatste korhoen zelf geen probleem heeft: voor dit dier is het sterven even erg (of niet) als voor alle andere korhoenders daarvoor. Het is vooral een probleem voor ons. 

Geef een reactie

Laatste reacties (22)