2.437
199

Fractievoorzitter SP Tweede Kamer

Emile Roemer (Boxmeer 1962). Onderwijzer. Maakte van de SP de grootste partij in zijn gemeente. Raadslid tot 2002, daarna wethouder. Sinds zijn intrede in de Tweede Kamer eind 2006 woordvoerder verkeer en waterstaat. Fractievoorzitter van de Tweede Kamerfractie en lijsttrekker van de SP.

Aftrap voor een centrumlinkse coalitie

Het alternatieve akkoord; een nog niet onderzocht alternatief

Op dit moment onderhandelt het CDA met VVD en PVV over een regeer- en een gedoogakkoord. Die moeten leiden tot een minderheidskabinet, gedoogd door de PVV. Oud-informateur Lubbers noemde dit een ‘bijzonder minderheidskabinet’. Voor het ‘gedoogakkoord’ kan deze regering rekenen op 76 van de 150 leden van de Tweede Kamer. Het regeerakkoord krijgt de steun van slechts 52 Kamerleden. In de Eerste Kamer is voor beide akkoorden vooralsnog geen enkele meerderheid.

De onderhandelingen over dit bijzondere minderheidskabinet begonnen, omdat de wil ontbrak om te komen tot een rechts meerderheidskabinet (VVD, PVV, CDA), een paarspluscoalitie (VVD, PvdA, GL, D66) of een ‘middenkabinet’ (VVD, PvdA en CDA). Verhagen noemde samenwerking met de PVV slechts ‘in uiterste noodzaak’ bespreekbaar. Daarmee refereerde hij aan de rooms-katholieke voorman Nolens. Die sloot in 1925 samenwerking met de sociaaldemocraten niet uit, maar vond dat alleen in ‘uiterste noodzaak’ toelaatbaar. Dat ‘uiterste’ moment kwam in 1939. Sindsdien zijn centrumlinkse regeringen heel gewoon geworden, vijf keer onder leiding van een sociaaldemocraat (vier keer Drees, Den Uyl). Vier keer met een christendemocratische premier (Cals, Van Agt, Lubbers en Balkenende).

Een nog niet onderzocht alternatief

Verhagen heeft helder omschreven waarom onderhandelen met de PVV het CDA zwaar valt. De verschillen zijn groot, en principieel. Niet alleen op sociaaleconomisch gebied, maar vooral ten aanzien van de omgang met elkaar. Voorbeelden van principiële verschillen zijn, aldus Verhagen, de beginselen van de democratische rechtsstaat, etnische registratie, de ‘kopvoddentaks’ en de strijd tegen de islam. Over dit soort principes wilde hij niet met de PVV onderhandelen.

Voor de verkiezingen sloot het CDA op voorhand geen enkele partij uit. In de verschillende informatierondes na de verkiezingen is echter een centrumlinkse variant van CDA, PvdA, SP en Groenlinks niet onderzocht. Dat is opmerkelijk, zeker in het licht van de bewering dat het CDA slechts in ‘uiterste noodzaak’ met de PVV zou onderhandelen. Oud-infomateur Lubbers gaf aan een onderzoek naar een centrumlinkse coalitie te hebben gewild, maar niet te hebben gemogen. Er is een aantal redenen om dit alsnog te doen:

1 De partijen delen veel waarden. Waar de SP in haar beginselprogramma menselijke waardigheid, gelijkwaardigheid en solidariteit als kernwaarden noemt, spreekt het CDA van publieke gerechtigheid, gespreide verantwoordelijkheid, solidariteit en rentmeesterschap.

2 Getalsmatig zal een centrumlinks kabinet in beide Kamers kunnen rekenen op steun van een meerderheid.

3 Geen van de vier betrokken partijen heeft één van de andere partijen op voorhand uitgesloten.

4 Alle vier de partijen hechten veel waarde aan de democratische rechtsstaat, tonen respect voor de grondrechten en staan voor bescherming van de internationale rechtsorde.

5 Een goede samenwerking is nodig met werkgevers en werknemers, om de ingrijpende maatregelen te nemen die nodig zijn om uit de crisis te komen. Een centrumlinkse meerderheidsregering kan rekenen op een beduidend betere relatie met de vakbeweging dan een rechts minderheidskabinet.

Natuurlijk zijn er ook grote ideologische verschillen tussen de vier partijen. Bijvoorbeeld als het gaat om de verdeling van taken en verantwoordelijkheden tussen overheid, markt en gemeenschap. Die verschillen hoeven een goede samenwerking echter niet op voorhand te blokkeren. Dat blijkt ook uit verscheidene centrumlinkse coalities die na de gemeenteraadsverkiezingen op lokaal niveau tot stand zijn gekomen. In een centrumlinkse coalitie moet elke deelnemende partij zich thuis kunnen voelen. Dat lukt niet als we de politieke verschillen uitvergroten, wel als we ons laten leiden door wat ons land op dit moment nodig heeft.

Een historische keuze

Of het rechtse minderheidskabinet er komt, hangt af van het speciale partijcongres van het CDA. Zowel prominente partijleden als een ‘beweging van onderop’ spreken hun grote zorgen uit over samenwerking met de PVV. Het congres van het CDA staat voor een historische keuze. Zij moet de vraag beantwoorden of het regeer- en gedoogakkoord met VVD en PVV het gedachtegoed van de christendemocratie voldoende waarborgt. Zij moeten ook de vraag beantwoorden of in de huidige omstandigheden een experiment met een ‘bijzonder minderheidskabinet’ de juiste keuze is om Nederland uit de crisis te helpen. Maar de leden van het CDA moeten bovenal beslissen of nu de ‘uiterste noodzaak’ is om samen te werken met de PVV, of dat betere alternatieven voorhanden zijn. Die afwegingen kunnen de leden van het CDA alleen maken als hen een serieus alternatief wordt geboden.

Niet alleen het CDA, maar ook de andere partijen staan voor een historische keuze. Niet in de laatste plaats de SP. In 2006 lukte het niet om tot een centrumlinkse samenwerking van CDA, PvdA en SP te komen. Dat heeft littekens achtergelaten. Ook PvdA en GroenLinks staan voor een historische keuze. Zij hebben na de verkiezingen aanvankelijk ingezet op samenwerking met VVD en D66. Maar deze paarse samenwerking bleek geen haalbare kaart. Na het mislukken van paarsplus is centrumlinks ook voor PvdA en GroenLinks het meest aantrekkelijke alternatief. Alle vier de partijen willen de gemeenschapszin in de samenleving bevorderen. Alle vier hechten zij veel belang aan het in stand houden van goede sociale voorzieningen. In een centrumlinkse coalitie kunnen zij meer investeren in milieu, duurzaamheid en internationale solidariteit.

Een verbond van nieuw optimisme

Wie de programma’s van de betrokken partijen vergelijkt, ziet tal van raakpunten en maakpunten. Raakpunten zijn zaken die de partijen binden, maakpunten die waar we nader tot elkaar moeten komen. CDA, PvdA, SP en Groenlinks zijn heel verschillende partijen, met een heel andere achtergrond en traditie. Maar er zijn ook zaken die ons binden. CDA en SP doen vaak een beroep op de kracht van de gemeenschap, naast de overheid en de markt. CDA en GroenLinks hebben raakvlakken als het gaat om marktwerking. PvdA en SP staan beide voor bescherming van werknemers en behoud van opgebouwde rechten. CDA en PvdA hebben veel bestuurlijke ervaring, SP en GroenLinks zijn sterk verbonden met oppositionele krachten. In de huidige omstandigheden kan dit een goede combinatie zijn om maatschappelijk aanvaardbare compromissen te sluiten.

Een centrumlinkse coalitie zal in de eerste plaats de verschillende crises te lijf moeten gaan. In de politiek, de economie, de ecologie en de sociale verhoudingen. Maar het succes van een centrumlinkse regering ligt vooral besloten in het vermogen mensen weer centraal te stellen, verantwoordelijkheden duidelijker te definiëren en creatieve oplossingen te bedenken. Deze coalitie kan een verbond zijn van nieuw optimisme. Een centrumlinkse coalitie gaat niet marchanderen met onze grondrechten, het gelijkheidsbeginsel en het antidiscriminatieverbod, de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van godsdienst. Zo’n regering zonder (neo)liberale partijen kan er wel voor zorgen dat bij alle moeilijke beslissingen de lusten en lasten zo eerlijk mogelijk worden verdeeld, de tegenstellingen tussen mensen worden overwonnen en we kunnen beginnen met de opbouw van een duurzamer Nederland.

De financiën op orde brengen

Alle betrokken partijen zien de noodzaak van omvangrijke bezuinigingen. De vraag is hoeveel bezuinigen verantwoord is, om ‘kapot bezuinigen’ van onze economie te voorkomen. Midden in een crisistijd ongekend grote bezuinigingen doorvoeren draagt het gevaar in zich van een economische terugval. De omvang van de bezuinigingen kan worden gekoppeld aan de mate van economische groei. In het regeerakkoord kan worden vastgelegd dat in de gehele regeerperiode extra economische groei automatisch zal leiden tot extra terugdringen van het overheidstekort.

Alle partijen erkennen dat economisch herstel een voorwaarde is om de verzorgingsstaat overeind te houden. Alleen als we voldoende mensen aan het werk krijgen en houden, is een ruimhartig sociaal zekerheidsstelsel op termijn houdbaar. Gezonde financiën vereisen ook dat permanent wordt onderzocht waar de kosten kunnen worden beperkt en de effectiviteit kan worden vergroot. Naast beperking van de uitgaven moeten ook de inkomsten van de overheid worden verhoogd. Dat vraagt aanpassing van het fiscale stelsel, door vergroening van de belastingen en verdeling van de lasten. Een centrumlinks kabinet zal van iedereen een bijdrage vragen voor het economisch herstel, maar ook proberen de lasten eerlijk te verdelen. En daarbij zelf het goede voorbeeld geven, door op alle bestuursniveaus te snijden in overbodige bestuurslagen, onnodige bureaucratie en te dure medewerkers.

Een wenkend perspectief bieden
Een centrumlinkse regering moet meer doen dan puinruimen. Naast bezuinigingen nu moeten we mensen ook een wenkend perspectief bieden voor de toekomst. Dat kan door een andere aanpak en andere investeringen. Meer duurzaamheid en minder grootschaligheid, minder bureaucratie en meer menselijke maat, minder afhankelijkheid en meer betrokkenheid. Tijdens de verbouwing moet ook een beter Nederland in de steigers worden gezet. Door verbetering van ons onderwijs, reorganisatie van de zorg, meer veiligheid, betere integratie en participatie, en ondersteuning van innovatief onderzoek en ondernemerschap.

Een centrumlinks beleid kan de inkomensverschillen verkleinen, de sociale mobiliteit vergroten en de kwetsbaren beschermen. Maar ook zelfredzaamheid en eigen initiatief bevorderen. En natuurlijk het misbruik van voorzieningen en subsidieregelingen aanpakken. Wat de partijen ook bindt is het besef dat moeilijkheden thuis geen reden mogen zijn om onze internationale solidariteit op te geven. Juist in deze tijd van crisis mogen we de allerarmsten in de wereld niet in de steek laten. Een centrumlinks kabinet zal zich geen zorgen hoeven te maken over haar reputatie: Nederland zal internationaal een vooraanstaande rol blijven spelen, internationale waarden hoog houden en het humanitaire en volkenrecht blijven beschermen.

Een levensvatbare optie
Het succes van onderhandelingen over een centrumlinkse coalitie is niet gegarandeerd. Het CDA wil vasthouden aan de onbeperkte hypotheekrenteaftrek, ook voor de allerhoogste inkomens. De SP wil eerst de werkloosheid onder de 65 jaar aanpakken, voordat besloten wordt of, wanneer en onder welke voorwaarden de AOW-leeftijd wordt verhoogd. CDA en GroenLinks willen de arbeidsmarkt liberaliseren en de WW saneren, terwijl PvdA en SP verworven rechten willen beschermen. PvdA en GroenLinks staan aanzienlijk positiever tegenover de overdracht van bevoegdheden aan de Europese Unie dan CDA en SP. Ook over de wenselijkheid van (meer) marktwerking in de zorg lopen de meningen uiteen.

Soms lost de tijd problemen op. De discussie over de aanschaf van JSF-straaljagers lijkt voorlopig voorbij, nu hiervoor in de Tweede Kamer geen meerderheid meer is. De militaire missie in Uruzgan is beëindigd, de oorlog in Irak is onderzocht, het verdrag van Lissabon is in werking getreden. De oplossing van andere problemen vraagt echter veel leiderschap en onderling vertrouwen. Geen van de partijen zal haar verkiezingsprogramma tot regeerprogramma kunnen maken. Iedere partij zal moeten geven en nemen en in deze coalitie haar eigen weg moeten vinden. Als daarin een balans wordt gevonden, is centrumlinks een levensvatbare optie.


Laatste publicatie van Emile Roemer

  • Het Kan Wel

    Tussen Binnenhof en buitenwereld

    2015


Geef een reactie

Laatste reacties (199)