570
20

GroenLinks gemeenteraadslid Amsterdam

Evelien is geboren op 28 oktober 1984 in Bussum. Ze woont sinds 2003 in Amsterdam. In 2008 woonde ze een half jaar in Nairobi (Kenia) om te werken voor de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties, daarna ging ze een jaar studeren in New York (2008/2009) waar ze ook werkte voor een organisatie in Harlem die Afrikaanse vluchtelingen bijstaat met sociale, medische en juridische kwesties. In deze periode van 540 dagen in het buitenland hield ze een blog bij. Vanaf juni 2009 is ze weer terug in Nederland. Op 1 januari 2010 begon ze als promovendus aan de Universiteit van Amsterdam, waar ze onderzoek doet op het gebied van internationaal vluchtelingenrecht en internationaal strafrecht. Daarnaast is ze sinds haar terugkeer uit New York ook lid van de gemeenteraad van Amsterdam voor Groenlinks. Op 3 maart 2010 werd ze opnieuw gekozen in de gemeenteraad. Ze publiceert op persoonlijke titel.

Algeria is next

In Algerije is een oude wet van kracht die het houden van protestbijeenkomsten verbiedt 

Egypte, Tunesië, Jemen: landen die decennia lang onder een autoritair of zelfs dictatoriaal regime staan, maar de laatste weken aan vrijheid en democratie proeven. Het lijkt alsof de hele Arabische wereld op zijn kop staat en overal de mensen massaal de straat op gaan. Over Algerije blijven de meeste nieuwszenders echter stil. Dat is onterecht.

In oktober en november vorig jaar was ik in Algerije, in mijn eentje reizend van de noordelijke hoofdstad Algiers tot de meest zuidelijke stad, Tamanrasset, vlakbij de grens met Niger. Ik sprak veel met de Algerijnen: met vrouwen in de trein, met taxichauffeurs, met mijn gastheren in de bergen van het Atakor plateau. Er sluimerde een onderkoelde woede in veel van die gesprekken; woede over de corruptie van overheidsbeambten, woede over de grote werkeloosheid en over politici die hun eigen zak vullen met de inkomsten uit olie.

Tijdens de Algerijnse burgeroorlog die in 1992 uitbrak en pas in 2002 werd beëindigt (en die meer dan 160.000 slachtoffers maakte) werd de noodtoestand uitgeroepen. De wet die dat doet is nog steeds van kracht, en verbiedt onder andere het houden van grote protestbijeenkomsten. Wellicht constaterend dat het onderdrukken van een volksopstand, zoals in Egypte, juist het vuur van verzet doet oplaaien, beloofde president Abdelaziz Bouteflika vorige week om ‘zeer binnenkort’ de noodtoestand op te heffen.

Demonstraties zouden weer plaats mogen vinden, behalve in Algiers. De Casbah, het oude gedeelte van de hoofdstad, was eerst in de onafhankelijkheidsstrijd tegen Frankrijk, maar later ook in de burgeroorlog het epicentrum van verzet. Op een herhaling daarvan zit Bouteflika niet te wachten.

Desondanks zijn er voor aankomende zondag grote protestbijeenkomsten georganiseerd, óók in Algiers. Er is genoeg om boos over te zijn om veel mensen op de been te krijgen. Juist voor de  jongeren – diegene die in al die andere landen de demonstraties dragen – is er een gebrek aan alles: aan banen, aan betaalbare huizen, aan perspectief. Zij hebben niets te verliezen en dus alles te winnen. Ik moedig ze aan, die dappere Algerijnen, die ondanks de sterke repressie toch zondag de straat zullen opgaan voor democratie, vrijheid en mensenrechten.

Dit artikel verscheen eerder op de website van Evelien van Roemburg

Geef een reactie

Laatste reacties (20)