1.006
13

SP-Fractievoorzitter Europees Parlement

Dennis de Jong (1955) is sinds juli 2009 de fractievoorzitter van de SP in het Europees Parlement. Hij is lid van de commissies interne markt, burgerlijke vrijheden (Justitie en Binnenlandse Zaken) en begrotingscontrole, en vice-Voorzitter van de groep Verenigd Links. Daarnaast houdt hij zich bezig met algemene Europees-politieke onderwerpen en probeert hij de invloed van lobbyisten van grote bedrijven te beteugelen en transparantie in Brussel te vergroten.

Voordat hij Europarlementariër werd, werkte hij o.a. bij het ministerie van Buitenlandse Zaken als adviseur mensenrechten en goed bestuur. In de jaren '90 werkte hij bij de Europese Commissie en daarna bij de Nederlandse Permanente Vertegenwoordiging bij de EU, waar hij zich vooral met immigratie en asiel bezighield.

Ambtenaren in Europees Parlement maken er een potje van

Ambtenaren die politici en hun staf aan zich willen onderwerpen? Het moet niet gekker worden

Al in januari publiceerde de ambtelijke dienst een rapport over het Europees Parlement in 2025. Niet zomaar een rapportje, maar vuistdik, 280 pagina’s lang. Toch werd er eigenlijk geen ruchtbaarheid aan gegeven. Het wordt ook niet formeel op de agenda van de plenaire gezet, maar in achterafkamertjes bediscussieerd. Het duurde dan ook even, voordat ik erachter kwam dat zoiets bestond.

Bij het lezen schrok ik me rot: de ambtenaren gaan uit van een volstrekt federaal Europa in 2025. Bovendien willen ze bevoegdheden neerleggen bij het Europees Parlement die nu nog horen bij de Europese Commissie of de Raad van Ministers. De achterliggende agenda is duidelijk: de ambtenaren willen meer werk en meer macht. Als ze echter de tijd hebben voor het schrijven van dit soort volstrekt wereldvreemde rapporten, moet er wat mij betreft eens goed gekeken worden of zij zelf allemaal wel zo hard nodig zijn.

In de vier jaar die ik nu in het Europees Parlement zit, heb ik goede ervaringen met ambtenaren van het secretariaat van het EP. Ze doen nuttig werk bij het begeleiden van de talloze wetgevende en andere rapporten die er in het EP geschreven worden. Tegelijkertijd is het me opgevallen dat er eigenlijk alleen maar volstrekt eurofiele mensen werken. Ze zien ‘populisten’ als hun vijand en eurokritische burgers als mensen die je moet opvoeden. Geen wonder dat in het deel over communicatie voorstellen staan om eurokritische burgers te bestrijden met tegeninformatie, en hiervoor een nieuwe eenheid op te richten die vooral de sociale media moet gaan bespelen.

Natuurlijk is het goed als een ambtelijke dienst aangeeft hoe toekomstige ontwikkelingen kunnen doorwerken op het aantal benodigde arbeidsplaatsen, op de vereiste kwalificaties en op logistiek en infrastructuur. Zo’n rapport moet echter wel realistisch zijn. Het moet gebaseerd zijn op feiten en die laten zien dat het overgrote deel van de burgers in de Europese Unie geen federaal Europa wil. Het is behoorlijk arrogant als je dan een rapport schrijft, waarin je ervan uitgaat dat die federatie in 2025 een feit zal zijn.

De ambtenaren gaan ervan uit dat in 2025 de Europese Unie zal beschikken over ministers en dat er niet alleen een Europees buitenlands beleid is, maar ook een Europese kustwacht, een Europees leger, een Europese politie en een Europees Openbaar Ministerie. Daar willen ze op voorbereid zijn en daarom moet het EP niet alleen wetgevende, maar ook uitvoerende taken gaan verrichten. Zo moet er parlementaire diplomatie komen, waarbij het EP andere landen Europese waarden gaat opleggen. Overal in de wereld moeten ambtelijke vertegenwoordigers van het EP in de EU-ambassades worden opgenomen, als er al niet kantoren van het EP geopend worden. De informatiebureaus van het EP in de lidstaten moeten worden omgevormd tot echte vertegenwoordigingen die het nationale beleid van de lidstaten in de gaten houden. Het EP zelf moet de naleving van EU-wetgeving door lidstaten gaan controleren en daarmee een van de kerntaken van de Commissie overnemen.

Zo gaat het maar door. De ambtenaren leven duidelijk in een droomwereld. Het rapport is niet alleen federalistisch maar ook neoliberaal. Het EP moet de waakhond worden tegen ondermijning van de beginselen van de Wereld Handels Organisatie: onbeperkte vrijhandel is de boodschap. Over ontwikkelingssamenwerking staat er letterlijk dat dit niet alleen is om armere landen te helpen, maar ook om de strategische belangen van de EU veilig te stellen.

Tenslotte vinden de ambtenaren dat de Europese politieke partijen die immers betaald worden vanuit het EP voor hun contacten buiten Europa een contract moeten sluiten met het secretariaat van het EP. Zij moeten die contacten dus dienstbaar maken aan het belang van het EP. Ambtenaren die politici en hun staf aan zich onderwerpen? Het moet niet gekker worden.

Je zou kunnen zeggen: ach, een ambtelijk rapport, wat doet het ertoe? Toch is het gevaarlijk. Het wordt niet aan alle Europarlementariërs voorgelegd, maar besproken in een klein clubje waarin iedere politieke groep welgeteld één vertegenwoordiger heeft. Er zijn geen consultaties over met de Europarlementariërs die hierin geen zitting hebben en er wordt niet over gestemd. Daarom kan zo’n rapport in de praktijk jarenlang doorwerken. Het is dan ook belangrijk dat er een publieke discussie komt over dit soort ideeën. Ideeën die niet alleen federalistisch en neoliberaal zijn, maar onverbloemd uitgaan van een Europese Unie als supermacht in de wereld, en machtige ambtenaren om dat mogelijk te maken. Misschien dat het bij voldoende publiek protest ooit tot de ambtelijke bubbel doordringt dat ze het contact met gewone mensen in Europa helemaal verloren hebben.

Voor wie de moed heeft: het rapport is hier te downloaden

Geef een reactie

Laatste reacties (13)