1.510
65

Politiek historicus

Ewout Klei (1981) is historicus en heeft zich gespecialiseerd in de contemporaine politieke geschiedenis.

Antisemitisme?

Over de reactie op de cartoon van Collignon: Kritiek op Israël wordt gedemoniseerd

Is Volkskrantcartoonist Jos Colligon een antisemiet? Volgens journalist Joost Niemoller van de conservatieve opiniewebsite De Dagelijkse Standaard is Collignon dat inderdaad. De Joodse Omroep meldt dat Rober Kopuit, lid van de programmaraad van de omroep, aangifte heeft gedaan van antisemitisme.

Op de gewraakte cartoon krijgt Geert Wilders, die absoluut niet transparant is over hoe zijn PVV wordt gefinancierd, een zak geld toegestopt van een jood. De jood zelf zie je niet, alleen zijn arm, maar wel dat Wilders hem in het Hebreeuws bedankt: “Dank u beleefd en maakt u zich geen zorgen.” Niemoller zegt hierover boos:

Het is een cartoon die doet denken aan de van jodenhaat vergiftigde cartoons die in de kranten in het Midden Oosten worden afgedrukt, waarin ‘de Jood’ een bijna onzichtbaar wezen is, dat zijn ware aard verbergt, en achter de schermen complotten uitbroedt met als doel geld en macht naar zich toe te trekken. Het is ‘De mythische Jood’  zoals we die kennen uit de nazifilm Der Ewige Jude. Maar de figuur is al veel ouder, denk aan het Shakespeare-personage Shylock, de Joodse woekeraar die geld leent en mensenvlees terugeist. 

Volgens Niemoller zijn het tegenwoordig vooral de moslims en de linkse intellectuelen, die zich aan antisemitisme schuldig maken. Hij hekelt het VPRO-programma Tegenlicht, dat een kritische reportage uitzond over de zogenoemde ‘joodse lobby’ in de Verenigde Staten, die Wilders zou financieren, en een reportage over de ‘joodse bank’ Golman Sachs. 

De beschuldiging van Niemoller hoor je in bepaalde kringen wel vaker. De Dagelijkse Standaard, maar ook een blad als Elsevier en een krant als het Reformatorisch Dagblad schrijven uitgebreid over antisemitisme, vooral als moslims (in Nederland en daarbuiten) zich hier aan schuldig maken. Daarnaast hekelen zij iedereen die sympathiseert met de Palestijnse zaak – de Internationale Socialisten, Gretta Duisenberg, Harry van Bommel, het Interkerkelijk Vredesberaad enzovoort – en beschouwen ze deze sympathisanten als heimelijke antisemieten. Duisenberg maakte het haar tegenstanders natuurlijk ook makkelijk, door te zeggen ‘zes miljoen’ handtekeningen te willen ophalen, waarmee ze (al dan niet per ongeluk) verwees naar de zes miljoen joden die tijdens de Holocaust zijn vermoord. 

Antisemitisme is één van de meest kwalijke en hardnekkige vormen van discriminatie, die er bestaan. De joden vormden in Europa eeuwenlang een minderheid met andere gewoonten en een ander geloof, en daarom vaak het slachtoffer waren van pesterijen en pogroms, culminerend in de Holocaust. Dat er in West-Europa en de Verenigde Staten veel sympathie bestond voor de in 1948 gestichte staat Israël – een nieuw thuis voor de ontheemde Holocaustslachtoffers – is dan ook zeer begrijpelijk. De vraag is echter, of dit schuldgevoel een eerlijke analyse over het Israëlisch-Palestijnse conflict eigenlijk niet in de weg staat. 

Tijdens de stichting van de staat Israël zijn honderdduizenden Palestijnen met geweld van huis en haard verdreven. Deze gebeurtenis wordt door de Palestijnen de Nakba genoemd, het Arabisch voor ramp/catastrofe. Vanaf 1967 bezet Israël bovendien de Westelijke Jordaanoever, en Israëlische kolonisten pikken beetje bij beetje steeds meer stukken land van de daar wonende Palestijnen in. Belangrijk is bovendien het buitensporige geweld van Israël: als er vanuit de Gazastrook enkele zelfgemaakte raketten worden afgevuurd, meestal met ‘slechts’ enkele lichtgewonden aan Israëlische zijde tot gevolg, dan reageert Israël met grof geweld en vallen er aan Palestijnse zijde tientallen doden. Voorts is er de apartheid: Israël is volgens de grondwet van het land een ‘joodse staat’. De in Israël wonende Arabieren worden als tweederangs burgers behandeld, en de Palestijnen als derderangs burgers. De situatie in Israël lijkt erg op die van het blanke apartheidsregime van Zuid-Afrika, waar tot 1994 de zogenaamde ‘kleurlingen’ tweederangs burgers waren, en de ‘zwarten’ derderangs burgers. 

Wel moet worden opgemerkt, dat sinds de stichting van de staat Israël er veel antisemitisme in de islamitische wereld is, niet in het minst bij de Palestijnen zelf. Het onderscheid tussen de staat Israël enerzijds, en de joden (die niet allemaal in Israël wonen en ook zeker niet allemaal achter de politiek van Israël staan) wordt in de islamitische wereld helaas onvoldoende gemaakt. 

Tot zover Israël. Wat in de Nederlandse discussie over Israël en het antisemitisme heel erg meespeelt, is de discussie over de islam. Geert Wilders steunt Israël niet vanwege een bepaald schuldgevoel over de Holocaust, maar omdat Israël in zijn ogen een voorpost is in de wereldwijde strijd tegen het ‘islamofascisme’. Degenen in Nederland die het luidst protesteren tegen antisemitisme, zijn vaak ook degenen die zich het luidst uitspreken tegen de islam.  Hetzelfde geldt voor de christenvervolging in het Midden-Oosten. Degenen die hier (terecht) oog voor hebben, hebben daarnaast dikwijls een islamofobische agenda. Het feit dat er in de islamitische wereld een onvoldoende onderscheid wordt gemaakt tussen Israël en joden, is voor deze partijen en kranten een reden, om de karikatuur te schetsen dat alle moslims antisemiet zijn. 

Het probleem is, dat kritiek op Israël en antisemitisme twee verschillende zaken zijn, maar ten onrechte vaak met elkaar in verband worden gebracht. Door kritiek op Israël categorisch als antisemitisch te demoniseren, ontpoppen Joost Niemoller cum suis zich als grootinquisiteurs van de rechtse kerk. In de kringen van Niemoller is de beschuldiging van ‘antisemitisme’ een sjibbolet geworden, om elk kritische geluid de mond te snoeren. Niemoller verschilt hierin weinig van de grootinquisiteurs van de linkse kerk (van weleer), die niet alleen Pim Fortuyn en Geert Wilders, maar ook Paul Scheffer en Femke Halsema de mond hebben proberen te snoeren. Het heilige huisje van het multiculturele ideaal heeft bij Niemoller plaatsgemaakt voor een joods-christelijk huisje. 

Maar terug naar de cartoon van Jos Collignon. De Volkskranttekenaar hekelt de pro-Israëlische opstelling van Wilders en het feit dat hij zijn partijfinanciën niet openbaar wil maken. Wilders bedankt zijn weldoeners in het Hebreeuws, maar we zien die weldoener niet. Collignon heeft niet een stereotype jood met haakneus, gemene oogjes en pijpenkrullen getekend, die bezig is met een snode samenzwering. Dit is allemaal interpretatie van Niemoller. Het enige wat je op de cartoon ziet is een arm, en het feit dat Wilders zijn onzichtbare weldoener in het Hebreeuws bedankt. Het ligt natuurlijk voor de hand dat deze persoon een jood is (om precies te zijn een zionistische jood die het bezettingsbeleid van Israël steunt), maar dit volgt er niet noodzakelijk uit de tekening.  We weten het gewoon niet. Dat Wilders hem in het Hebreeuws bedankt, betekent niet per se dat de weldoener joods is. Grootinquisiteur Niemoller heeft voor zijn beschuldiging te weinig harde bewijzen. Misschien wordt het voor hem eens tijd, de journalistiek voor de fictie te verruilen, net als zijn grote vriend Theodor Holman, en een toneelstuk te gaan schrijven. Het zou bijvoorbeeld kunnen gaan over een ontmoeting van Jos Collignon met Mohammed Bouyeri, in 2003 op Schiphol. Titel van het stuk: Der ewige Gutmensch. &nb

Geef een reactie

Laatste reacties (65)