3.994
68

Verhalenverteller

Sahand won de Amsterdam Fringe Gold Award 2017, en was Verteller van het jaar 2014. Sahand is een Nederlandse verhalenverteller van Iraanse komaf. Hij is een graag geziene gast op nationale en internationale podia, waar hij sinds 1999 zijn verhalen drietalig ten gehore brengt. Hij is de oprichter en uitbater van vertelpodium Mezrab, waar hij sinds kort met collega verteller Raphael Rodan een nieuwe stijl in het vertellen doceert.

Antisemitisme gebruiken om de waarheid te verhullen

Natuurlijk zijn Marbe, Voet en andere pro-Israëlische schrijvers en media vrij om bij het verslaan van de demonstraties van de tegenpartij de focus te leggen op welk aspect dan ook

cc-foto: Mark Vletter

Het is zo’n twaalf jaar geleden dat ik een tijdens een Iraanse demonstratie op de Dam in Amsterdam als spreker het podium mocht betreden. In Iran had Ahmadinejad de verkiezingen gestolen en de vredige demonstraties voor oppositieleider Mousavi werden hardhandig uiteengeslagen. Ik was onder de meeste Iraniërs nog relatief onbekend maar men ging er van uit dat ik als verhalenverteller voor wat verbaal vuurwerk kon zorgen. Ik heb niet teleurgesteld. Ik betrad het podium, keek de demonstranten aan en zei: “Ik ben een fan van Ahmadinejad!”. Wat eerst een stilte was werd gemor en ook de organisatie zag ik vanuit mijn ooghoek ongerust fluisteren.

“Maar serieus…” vervolgde ik uiteindelijk. “Moet je kijken wie hier allemaal staat. De aanhangers van Mousavi met hun groene vlaggen, met rode vlaggen de communisten die eigenlijk de Mousavi aanhangers softies vinden omdat ze nog aan verkiezingen meedoen in Iran. De leeuw-en-zonnevlag dragende aanhangers van de door de revolutie verdreven shah, die de rest van ons een dictator vonden, nu tussen de onderdrukten. Jullie allemaal, en nog veel meer, schouder aan schouder. Wie had dat gedacht! En we hebben het allemaal te danken aan een man: Ahmadinejad!”

Met deze en volgende demonstraties voor de Iraanse zaak leerde ik twee dingen. Het eerste was dat het zeer moeilijk is om diegenen die je op de been wil krijgen te mobiliseren. Het tweede: het is nog moeilijker om ervoor te zorgen dat diegenen waar je niet mee geassocieerd wilt worden wegblijven.

Wie dat ook goed weet zijn mijn Palestijnse vrienden. Al jaren proberen ze met demonstraties en andere activiteiten aandacht te vragen voor de Palestijnse zaak en altijd moet dat gepaard gaan met het waken voor een handjevol relschoppers die antisemitische leuzen roepen, zoals ook wordt aangekaart in de meest recente column van Nausicaa Marbe “Van straat tot salon tiert de Jodenhaat”. In tegenstelling tot wat de titel doet vermoeden gaat Marbe niet in op het opkomende antisemitisme van extreem-rechts binnen en buiten Nederland, de Jodenhaat van QAnon en andere complotdenkers of onder bepaalde new age goeroe’s. Nee, ze beperkt zich tot het fenomeen binnen islamitische kringen, specifiek tijdens pro-Palestijnse demonstraties.

Los van het feit dat ze in haar column denigrerende taal bezigt, wat op zijn minst curieus is voor iemand die zegt racisme aan te willen kaarten (zo scanderen of roepen de jongens in kwestie hun leuzen niet, maar brullen ze die volgens Marbe), heeft ze natuurlijk gelijk: elke antisemiet is er een te veel. Maar door op de antisemieten te focussen gebeurt er iets heel venijnigs: ze laat het doel van het protest buiten beschouwing, en gaat ook helemaal voorbij aan de regenboogcoalitie van demonstranten die acte de présence gaven. Van Arabieren tot Nederlanders, van verschillende achtergronden en generaties, van Joodse organisaties voor vrede tot de Queers for Palestine.

Het is een soortgelijk frame dat Esther Voet (hoofdredacteur NIW, voormalig directeur CIDI) gebruikt wanneer ze beelden van demonstraties plaatst op haar social media. In de afgelopen dagen verschenen daar wél de plaatjes van de vlaggen van het kalifaat bij Nederlandse demonstraties, maar geen impressies van de overgrote meerderheid van stemmen die daar uit democratische overtuigingen aanwezig waren.

Natuurlijk zijn Marbe, Voet en andere pro-Israëlische schrijvers en media vrij om bij het verslaan van de demonstraties van de tegenpartij de focus te leggen op welk aspect dan ook. Maar door dit structureel te doen, wordt er meegewerkt aan het creëren van een zeer gevaarlijk klimaat binnen Israël zelf. Eén waarin Arabische burgers niet alleen maar het leger of de politie vrezen, zoals ze jaren hebben gedaan, maar voor het eerst banger zijn voor boze Joodse meuten.

In de laatste weken verschenen ze in de straten van Jeruzalem en andere steden met een significante Arabische aanwezigheid om al “dood aan de Arabieren” roepend, en onder bescherming van de politie, de Arabische bevolking te terroriseren. Racistisch geweld waarvan in de media van Marbe en Voet selectief geen melding van werd gemaakt.

“Principes van tolerantie en non-discriminatie moeten voor iedereen gelden,” verzucht Marbe, wanneer ze vindt dat het islamitisch antisemitisme niet hard genoeg wordt aangepakt. Terwijl er in Nederland wetten tegen discriminatie bestaan, vriendschapsclubs voor Moslims en Joden, er wordt opgeroepen binnen de eigen social media bubble dat er geen plek is voor antisemitisme binnen de strijd voor de Palestijnse zaak en, misschien nog wel het belangrijkst, de aanwezigheid en solidariteit van Joden die kritisch staan tegenover de Israëlische staat.

Genuanceerde, volledige berichtgeving is essentieel om het met de mond beleden principe van ‘non-discriminatie’ daadwerkelijk voor iedereen te laten gelden.

Geef een reactie

Laatste reacties (68)