3.257
100

Historicus

Han van der Horst (1949) is historicus. Hij schreef onder meer The Low Sky: understanding the Dutch', Nederland: de vaderlandse geschiedenis van de prehistorie tot nu, Een bijzonder land, het grote verhaal van de Vaderlandse geschiedenis, Onze Premiers en Schep Vreugde in het Leven, Levenslessen uit de grote depressie. Op elke laatste zondag van de maand is hij om elf uur in de ochtend te horen als boekbespreker in het VPRO-radioprogramma over geschiedenis OVT.

Antwoord op Bosma’s vragen

Een rare droom over Martin Bosma

Misschien kwam het door het aangename maar rustige bruiloftsfeest dat ik donderdagavond in Utrecht bijwoonde. Misschien was het de gezelligheid in de Utrechtse binnenstad met zijn volle terrassen, waar ik in het donker langs wandelde op weg naar het station. Of het onmiskenbaar feit dat je er op straat wel bijzonder veel mooie vrouwen ziet. Hoe dan ook ik zie een oorzakelijk verband tussen al deze ervaringen en de droom die ’s nachts bezit nam van mijn op prettige wijze geprikkeld gemoed.

Ik zat in mijn eentje achter een monumentaal bureau. Het tafelblad was leeg. Er stond geen computer op, wat betekende dat ik heel hoog gestegen was op de maatschappelijke ladder. Zo hoog dat ik elke omgang met het toetsenbord, elke blik op het scherm overliet aan mijn ondergeschikten. Zo moesten een Donner en een Opstelten er ook bij zitten. “Ik ben minister!”, flitste het door me heen. Straks zou ik het journaille te woord staan en zeggen: “Wacht U nu maar rustig totdat de verklaring komt!”. Ineens – zo gaat dat in dromen – lagen er twee aan elkaar geniete velletjes op het bureau met een geel plakkertje erop. Ik las: ‘Kamervragen Bosma. Heden’. Iets ronds en langwerpigs drukte tegen mijn borst aan. Dat voelde ik ineens heel scherp. Ik stak mijn hand in mijn binnenzak en haalde er een prachtige Mont Blanc pen uit. Ondanks het gewicht lag die pen perfect in de hand. Het was net of ik een eenheid was geworden met het schrijfgerei. Toch waren het gewoon mijn vertrouwde hanenpoten die eruit kwamen toen ik de vragen van Bosma één voor één beantwoordde.

1.)
Heeft u kennisgenomen van het artikel ‘Uitgever van NRC Handelsblad boekt verlies in eerste jaar’(*)

Nou reken maar Dacht U dat ik achterlijk was?

2.)
Was u ervan op de hoogte dat SP-financier Derk Sauer maar liefst 9 procent van NRC Handelsblad in bezit blijkt te hebben?

Als je minister bent, lees je niet alleen zelf de krant. Je hebt ook je eigen mensen die de krant voor je lezen. Alle kranten zelfs. Dat geeft de bewindsman meer gelegenheid om over de inhoud van de krant na te denken. Het enige constitutionele antwoord van een bewindsman op deze vraag luidt:
“Nou en??”

3.)
Acht u de kans aanwezig dat NRC Handelsblad nog verder links georiënteerd raakt, bijvoorbeeld doordat NRC-journalisten in het gevlei willen komen bij hun radicaal-linkse eigenaar?

NRC Handelsblad links georiënteerd? NRC Handelsblad links georiënteerd? Hebt U een allergie of zo, dat U uitslag krijgt als er maar een gluut van voorzichtige progressiviteit ergens op een binnenpagina staat? Je moet wel ver heen zijn als je NRC Handelsblad een linkse krant vindt.  Neem me niet kwalijk Get a life.

4.)
Deelt u de mening dat U als minister dient toe te zien op een scheiding tussen eigendom en redactie bij dagbladen?

Nee. Uw mening in deze werd wel gedeeld door een andere staatsman die in zijn tijd grote invloed uitoefende op het beleid, namelijk dr. Arthur Seyss-Inquart, rijkscommissaris voor het bezette Nederland, die zoals U weet na een proces te Neurenberg is opgehangen. De heer Seyss-Inquart voerde in 1941 bij printmedia een verplichte scheiding in tussen directie en redactie waarbij werd gestipuleerd dat de directie geen invloed mocht uitoefenen op de inhoud van de krant. Dit kwam die directies tijdens de bezettingsjaren goed uit, want dan konden zij hun handen in onschuld wassen, maar, minheer Bosma, ik wil er geen historisch college van maken want dat is toch niet aan U besteed. Hoe dan ook, na de bevrijding hebben de Nederlandse regerringen van een en ander afstand genomen . Dit had te maken met het feit dat het vertrek of liever gezegd de vlucht van de heer Seyss-Inquart inderdaad als een bevrijding moet worden aangemerkt.

5.)
Deelt u een gevoel van verlies dat het eens zo trotse conservatief-liberale avondblad is verworden tot een politiek-correct blad dat een lofzang brengt op de multiculturele samenleving, het EU-nationalisme, de ‘Arabische lente’, de strijd tegen Israel, de kunstsubsidies en dat, behoudens een enkele uitzondering, alleen maar  extreem-linkse columnisten heeft?

U hebt er misschien moeite mee maar dit is in alle opzichten een vrij land, waarbij het de minister niet past om in functie over onderwerpen als deze te reflecteren, tenzij na zijn aftreden en dan ook uitsluitend in de kroeg onder vrienden. Toch ben ik dankbaar voor deze vraag want het brengt mij op de gedachte om er bij collega Bijsterveldt op aan te dringen het geschiedenisonderwijs in ere te herstellen nu zij toch met die profielen bezig is. Want U hebt er kennelijk weinig sjoeche van. NRC Handelsblad dan is een fusie van de Nieuwe Rotterdamsche Courant en het Algemeen Handelsblad. De Nieuwe Rotterdamsche Courant was een consequent liberaal blad dat altijd afstand heeft genomen van elk conservatisme. Professor Rooij zou zich in zijn graf omdraaien als hij deze vraag las. Zoek zelf maar op wie dat was. Het Algemeen Handelsblad rekende zich gedurende het grootste deel van zijn geschiedenis tot het Amsterdamse commerciële establishment maar dat stond de pluriformiteit van het blad niet inde weg. Ik moge U ervan in kennis stellen (niet eraan herinneren) dat de chef buitenland in de jaren vijftig en zestig dr. Anton Constandse was, overtuigd anarchist, en dat tot de redactie behoorde H.J.A. Hofland, nog steeds gewaardeerd columnist van NRC Handelsblad, alsmede Mr. H.A.F.M.O. van Mierlo, oprichter van D66.

Ik keek tevreden naar mijn werk en schroefde de dop op de Mont Blanc Pen. Toen ik hem terugstopte in mijn binnenzak, klikte hij tegen iets aan. Er zat nog een pen in, een weggevertje van een paar dubbeltjes met de naam van een bedrijf erop.

Wat een verschil! Ik pakte het goedkope pennetje en kalkte – het was geen schrijven maar kalken – nog één zin op het papier.

‘Bosma, je weet er geen klote van af. Houd op de tijd van volwassen mensen te versplillen met je stompzinnige provocaties.’

Hm, paste dit wel bij de waardigheid van een bewindman? Ik las al mijn antwoorden nog eens door. Bij de passage over Bijsterveldt bleef mijn vinger bij de tekst steken. De vragen van Bosma waren gesteld aan de Minister van Onderwijs Cultuur en Wetenschap. Hm, dan was ik op een bepaalde manier zelf Bijsterveldt. Dan kon ik niet schrijven dat ik iets aan collega Bijsterveldt zou vragen. Ik keek onwillekeurig naar mijn armen en mijn borst. Ik zat niet in een vrouwenlichaam. Ik droeg een kostbaar maatkostuum met een decent smal krijtstreepje, niet van die brede, van die ordinaire waar PVV-kamerleden in rondliepen, al dan niet met zo’n streepbaardje onder hun kin.

Rare droom


Laatste publicatie van Han van der Horst

  • Nepnieuws

    Een wereld van desinformatie

    Februari 2018


Geef een reactie

Laatste reacties (100)