2.100
54

schrijver, columnist en journalist

Ben ik wel links?

Progressie zit in mijn beleving in (radicale) vernieuwingen

6 september 2010, de eerste uitzending van Uitgesproken Vara. Jan Tromp, die in de eerste televisieuitzending mocht laten zien waarom hij typisch een kranten- en radioman is, ontvangt een drietal heren van het comité (?) Een Ander Nederland. Adri Duivesteijn (PvdA), Tiny Kox (SP) en Leo Platvoet (GroenLinks) hebben de handen ineengeslagen en roepen op tot bezinning: Links, neem je verantwoordelijkheid! Het probleem is dat na de uitzending (die me sowieso sterk deed denken aan de vermoeiende, verbitterde toon van staalarbeiders in opstand) niets is blijven hangen. Ook na het lezen van het zogenaamde manifest (dat teruggrijpt naar een ander initiatief uit 2005) van dit drietal, duizelt het deze GroenLinks-stemmer nog steeds.

Maar waarom slagen de huidige linkse partijen niet in wat in 1972 wél lukte? vragen de drie heren. “Toen sloten de linkse partijen in Nederland een stembusakkoord, en legden daarmee de basis voor het meest progressieve kabinet dat Nederland ooit heeft gekend: het kabinet Den Uyl. Sindsdien hebben de linkse partijen enkel nog gescheiden opgetreden, en hebben niet gezamenlijk gewerkt aan ideeën- en machtvorming. Links moet begrijpen dat het separate handelen – zonder een serieus signaal richting de kiezers waaruit blijkt dat men bereid is in elkaar te investeren, om zo tot een wervend alternatief voor een rechtse regering te komen – de kans op regeermacht dramatisch verkleint en een stem op links minder waardevol maakt.”

Verreweg de meest dubieuze frase uit het manifest vind ik “Zodat Nederland weer het land wordt waar mensen op respectvolle wijze ziek, oud of werkloos kunnen worden”. Dit is puur sentiment, zonder inhoudelijk argument. En als ik moet ‘leren kijken’ naar Italië om te weten hoe links zich daar verbindt, ben ik op mijn hoede. Daar gaat ‘links’ – met uitzondering van het centrumlinkse Partito Democratico – nog hand in hand met strijdliederen, verenigde arbeiders en communistische sympathieën.

Als in de uitzending van Uitgesproken Vara 35 mm-beelden van Den Uyl erbij worden gehaald, vraag ik me serieus af of er zoiets is als ‘oud’- en ‘nieuw’-links. GroenLinks-kamerlid Tofik Dibi opperde al eens dat de term ‘links’ misschien stamt uit een tijd van andere idealen, en dat in de toekomst dat woord ooit zal wegvallen uit de partijnaam. Om een vergelijking te maken: vervuilende bruinkoolmijnen vol harde werkers zouden in de vorige eeuw best van enige linkse of socialistische signatuur kunnen getuigen, in de 21e eeuw voel ik me meer senang bij de ‘kapitalistiese’ zakenman die investeert in groene energie. Ook in het onderwijs moet ik niets hebben van de felle en archetypische schoolmeesterstoon van de strijdlustige (en linkse!) Marijnissen. De bekrompen visie op Europa en internationale samenwerking van de SP doen voor mij de deur dicht. Moeder, ben ik wel links?

Het drietal Duivestijn, Kox en Platvoet opperen dat er een ‘werkelijk progressief kabinet worden gevormd’. Dat is sterk. Progressie zit in mijn beleving in (radicale) vernieuwingen.

Waarom werkt men nog in betonnen kolossen van 9 tot 5, gemodelleerd naar de tijd van stoomgemaal en paardenkoets? Waarom worden diezelfde betonnen kolossen niet resoluut omgevormd tot woningen voor studenten? Waarom wordt de beperkte samenwerking en digitale onwetendheid niet aangepakt bij gemeente, (jeugd)zorg, politie, rechter? Waarom kan ik niet een rit reserveren op de A4, zoals ik bij de Thalys kan doen?

Waarom hebben we geen landelijke wifi-dekking? Waarom hebben we nog een achterhaald omroepbestel, in plaats van twee moderne (staats!)zenders vol cultuur, actualiteit en onderwijs? (De rest mag gewoon commercieel of achter een betaalkanaal, oproepbaar wanneer de kijker maar wil). Waarom werken basisscholen, middelbare scholen, beroepsopleidingen en het hoger onderwijs niet nauwer samen om nog betere werknemers en wetenschappers te vormen (en om uitval tegen te gaan)?

Waarom zijn er geen ‘spirituele centra’ waar boeddhist, christen en moslim en voor mijn part satanist en atheïst ieder een dag in de week toebedeeld krijgen? Waarom hebben we geen gunstige werkgeversregeling waarbij je zonder problemen zorg voor kinderen, ouderen en andere hulpbehoevenden in een veilige habitat kunt regelen? Waarom blijven we de paternalistische staat uithangen als het gaat om sluiting- en openingstijden van horeca, terwijl we wel zonder problemen toezien hoe een maaltijd voor veel Nederlanders niet meer is dan iets waar je een plasticje van aftrekt of waar je water bij gooit? En waarom hebben we dankzij Rita Verdonk nu nog een onwerkbaar model als het om immigratie en inburgering gaat? Trouwens, hoe homo- en vrouwvriendelijk is de sportsector eigenlijk?

Omdat ik dergelijke praktische vraagstukken niet zie verschijnen van de heren op leeftijd, kijk ik met huiver naar de oproep van Adri Duivesteijn (PvdA), Tiny Kox (SP) en Leo Platvoet (GroenLinks). De invulling van een ander Nederland zit in de details, maar de grote lijn van mijn ideaal zie ik eerder in antwoorden op het bovenstaande, dan in de term ‘links’.

Dit stuk verscheen eerder op www.thomasvanaalten.nl

Geef een reactie

Laatste reacties (54)