1.461
39

Coördinator Internationale Socialisten

Maina van der Zwan (1978) is landelijk coördinator van de Internationale Socialisten en hoofdredacteur van De Socialist.

Bezuinigen hoeft niet

Als we het geld halen waar het zit

Het kabinet gaat ‘noodgedwongen’ nóg meer bezuinigingen. De verslechterende overheidsfinanciën ‘nopen tot -draconische ingrepen’. Maar waarom bezuinigen als we de miljarden bij de allerrijksten en bij rechtse hobby’s kunnen halen? 


Rutte brengt het nieuws alsof een natuurwet zich doet gelden: de crisis verdiept zich, dus moet er extra bezuinigd worden. Tot voor kort werd de logica klakkeloos geaccepteerd, maar mede dankzij de Occupy-beweging is dat niet langer het geval. De politieke uitdrukking van een alternatief blijft echter op z’n best halfslachtig als we smalle kaders hanteren van wat ‘realistisch’ is.



Zo lanceerden PvdA, SP en GroenLinks half januari een alternatief plan voor de rechtse bezuinigingsdrift. Hun gezamenlijke nadruk op het behoud van banen, het creëren van werkgelegenheid en het belang van (groene) infrastructurele investeringen is een welkome stap in de goede richting. 



Maar hun visie is niet probleemloos. De onderlinge verschillen zijn zo groot, dat ze op het cruciale vraagstuk van financiering met slappe, abstracte verklaringen komen. Tegenover de ‘kille bezuinigingen’ van het kabinet plaatsen zij ‘solidaire bezuinigingen’, en laten vervolgens open wat dat laatste dan zou betekenen. Uitgangspunt blijft dát er bezuinigd moet worden, maar dan ‘sociaal’.

Dit terwijl ‘uitgaven beperken’ slechts één manier is om een begrotingstekort te dichten. Je kunt ook de inkomsten verhogen door de sterkste schouders de lasten te laten dragen. Door de rekening van de crisis ondubbelzinnig bij de multinationals en de allerrijksten neer te leggen. Dat zou het daadwerkelijk sociale uitgangspunt moeten zijn waaromheen linkse eenheid gesmeed kan worden.



De top neemt

 

Afgelopen drie decennia zijn de vennootschaps- en vermogensbelastingen systematisch verlaagd. Ondertussen is de belastingdruk op de hier gevestigde bedrijven zo laag dat Nederland bekend staat als notoir belastingparadijs. Tot grote frustratie van Obama heeft dertien procent van alle Amerikaanse bedrijven een brievenbusadres in Nederland om zo belastingafdracht in de VS te omzeilen. Tachtig van de honderd grootste bedrijven hebben financiële firma’s die in Nederland gevestigd zijn om zo te kunnen profiteren van de ‘fiscale innovaties’ die de Amsterdamse Zuidas te bieden heeft. 



Daar houdt het niet op. Natuurlijk is er ook voor gezorgd dat de eigenaars en aandeelhouders van deze bedrijven hun grotere stuk van de taart ook zelf mogen opeten. Graaien moet per slot van rekening wel lonend zijn. Dus is in 2001 de toch al lage vermogensbelasting afgeschaft en vervangen door een rendementsheffing (belasting op rendement van het vermogen in plaats van het vermogen zelf), die ook nog eens de laagste is van de hele EU.



Resultaat: tussen 1993 en 2010 steeg het Bruto Binnenlands Product met 112 procent en het vermogen van de top-10 procent met 231 procent (dat is gemiddeld 13,6 procent per jaar). De topvermogens groeiden dus twee maal zo snel als het nationaal inkomen.



Vervolgens sloeg de crisis toe en kwam de staatsbegroting onder druk te staan. En wat wordt ons verteld? ‘Sorry, er is minder geld. Er zit niets anders op dan te snoeien.’ En dus sluiten bibliotheken, brandweerkazernes en zwembaden. En dus gaat de bijl in de zorg-, huur- en kinderopvangtoeslag. En dus worden er honderden miljoen bezuinigd op speciaal onderwijs, sociale werkplaatsen en geestelijke gezondheidszorg. En dus worden ambtenaren ontslagen en uitkeringen gekort. Onvermijdelijk? Verre van dat.



Neem van de top



Er bestaat een simpel alternatief: het geld halen waar het zit. De 10 procent meest vermogende huishoudens bezaten begin 2010 ruim 700 miljard euro. Het invoeren van een vermogensbelasting van slechts 3 procent op deze groep (dus veel minder dan de gemiddelde vermogensgroei) zou jaarlijks meer dan 21 miljard euro opleveren.


Hetzelfde principe kan via verschillende manieren worden doorgevoerd: het afschaffen van de hypotheekrenteaftrek voor woningen boven een half miljoen, het verhogen van de vennootschapsbelasting, een hogere heffing op dividenduitkeringen, belasting op flitskapitaal, het dichten van gaten in de belastingwetgeving, een extra belastingschijf voor de hoogste inkomens, enzovoorts. En dan hebben we het nog niet over de Joint Strike Fighter, de missie in Kunduz en andere geldverslindende rechtse hobby’s gehad.



Natuurlijk stuit dit pleidooi op heftige reacties: ‘Maar die mensen hebben hard voor hun geld moeten werken’, ‘Als je dat doet verhuizen ze naar het buitenland’, ‘Daarmee ontneem je de prikkel om te ondernemen’. Soms krijg je zelfs te horen dat de meer vermogenden al zo hard zijn geraakt door de crisis. In andere woorden, juist hén pakken zou gewoon onménselijk zijn.



Omdat het idee van ‘extra belastingen’ zo gevoelig ligt een aantal punten ter verheldering. Ten eerste gaat dit niet over het over de kop jagen van de voortploeterende buurtsuper of het taxibedrijf van ome Henk. We hebben het hier over de hoeveel-huizen-hebben-we-ook-alweer-families. Ten tweede creëren rijke mensen niet zelf hun rijkdom. In de meeste gevallen werken ze niet eens. Ze bezitten. Middels dat bezit en bijkomende macht onttrekken ze waarde die gecreëerd is door anderen. Ten derde zijn ze niet zielig. Ze zijn stinkend rijk ten koste van anderen.



Chantage



Het echte argument is er natuurlijk een van economische chantage. Hogere belastingen voor de top zouden de economie schaden (in tegenstelling tot massa’s mensen ontslaan), bedrijven dwingen naar het buitenland te vluchten (want de Maasvlakte verplaats je zo makkelijk) en vermogensfondsen nopen hun kapitalen elders te parkeren (alsof ze dat niet toch al doen). Het is bangmakerij die mensen over de hele wereld over zich heen krijgen, van Griekenland tot de VS.


Meegaan met de ‘logica’ van bezuinigen en de chantage tegen progressieve alternatieven maakt links kwetsbaar. In plaats daarvan zou ze zich moeten richten op datgene waar banken en bazen allang mee bezig zijn: economische strijd voeren en alles uit de kast trekken om die te winnen. Dat doen betekent niet alleen bezig zijn met alternatieven op papier, maar ook de sociale kracht bouwen die ze kan afdwingen.

Geef een reactie

Laatste reacties (39)