1.015
14

Hoogleraar Openbare Financiën

Professor Harrie Verbon is econoom en momenteel werkzaam als hoogleraar Openbare Financiën en Sociale Zekerheid aan de Universiteit van Tilburg. Zijn onderzoek behelst onder meer de volgende terreinen: de macroeconomische effecten van vergrijzing, migratie, herverdeling en economische groei, overdrachten tussen generaties (inclusief pensioenen) en verhandelbare emissierechten. Professor Verbon is daarnaast lid van het bestuur van het Rathenau Instituut. Hij was eind jaren '90 lid van de programmacommissie van het CDA, maar heeft inmiddels het lidmaatschap van die partij opgezegd.

Bovenberg vraagt om 65 miljard bezuinigingen, het CPB 29. Ik bied 0

Bovenberg is een van de slimste economen in Nederland. Over zijn sociale inslag kunnen we iets minder enthousiast zijn.

Zo vond hij vorig jaar dat de AOW-leeftijd wel omhoog kon, en dat het jammer maar onvermijdelijk was dat ongezonde en de minst verdienende mensen daar de dupe van zouden worden.

Nu beweert hij in De Volkskrant van 1 april jl, samen met zijn Rotterdamse maatje Bas Jacobs, dat er minstens 50, maar misschien wel 65 miljard euro per jaar omgebogen zou moeten worden bij de overheid.

In diezelfde krant had ik twee weken eerder (op 22 maart) berekend dat de noodzakelijke bezuinigingen ook wel eens in de buurt van 0 uit zouden kunnen komen. Bovenberg en Jacobs verwijzen niet naar mijn stuk (quantité négligeable, kennelijk), maar journalisten vroegen mij op die grappige 1 aprildag wel hoe dat nu kan, dat er zowel 0 (Verbon) als 65 (Bovenberg en Jacobs) als 29 (CPB) uit de berekening van de bezuinigingsomvang kan komen?

Heel eenvoudig: je kunt optimistisch, pessimistisch en iets daartussen in zijn over de kosten van de toekomstige overheidsuitgaven. Het CPB is volgens mij, bijvoorbeeld, te pessimistisch over de ontwikkeling van de AOW-uitgaven (een kleine 30 miljard eraf), maar volgens Bovenberg en Jacobs veel te optimistisch over de zorguitgaven en nog wat klein grut (een dikke 30 miljard erbij).

Deze uiteenlopende uitkomsten tonen voornamelijk aan dat berekeningen over de toestand van de overheidsfinanciën over een termijn van 40 jaar niet erg serieus genomen moeten worden. Wat er precies staat te gebeuren weet uiteraard niemand. Dat wil niet zeggen dat de overheidsfinanciën wel uit de hand mogen lopen. Ik ben er al jaren voor dat de regering zijn financieringstekort structureel ongeveer op 0 houdt. Dan groeit de overheidsschuld per definitie niet, en kunnen tijdelijke tegenvallers, bij voorbeeld als gevolg van een crisis, door een toename van het financieringstekort worden opgevangen. Om weer op nul uit te komen in 2015 zou in de volgende kabinetsperiode een bezuiniging van ongeveer 15 miljard per jaar al genoeg zijn. Bij  het beperken van de hypotheekrenteaftrek zijn we dan wat de opbrengst betreft al een heel eind op dreef. Als we dan ook nog het toptarief in de inkomstenbelasting voor Balkenende+ inkomens verhogen, zijn we klaar.

Om 65 miljard euro te bezuinigen is heel wat afbraakbeleid nodig. Bovenberg, zelf voorzien van een Balkenende+ inkomen en dito-huis, vindt dat beperking van de hypotheekrenteaftrek in ieder geval geen onderdeel van die bezuinigingen zouden mogen zijn. Dat is immers slecht voor de huizenmarkt. Belastingverhoging vindt hij ook uit den boze, want dan wil er natuurlijk niemand meer onderwijs volgen. Er zal dan niet veel anders overblijven dan op de uitkeringen en ambtenarensalarissen te bezuinigen, zoals het CDA ook wil. De minst verdienende mensen zullen dan wel weer helaas, maar onvermijdelijk de dupe worden.

Geef een reactie

Laatste reacties (14)