Laatste update 22 juli 2016, 12:25
2.468
31

Universitair hoofddocent, UvA

Joost van Spanje is universitair hoofddocent politieke communicatie aan de Universiteit van Amsterdam. Hij is gespecialiseerd in onderzoek naar de reacties van de gevestigde orde op nieuwe politieke partijen. Dit omvat juridische reacties (bijv. strafvervolging), politieke reacties (bijv. cordons sanitaires) en media-reacties (bijv. doodzwijgen). Joost is winnaar van de Jaarprijs Politicologie 2010, van een NWO Veni-onderzoeksbeurs in 2012 en van een NWO Vidi-onderzoeksbeurs in 2015.

Bram, Hero en de papegaaien

De electorale logica achter het harde asielbeleid van de VVD

Pas na anderhalve week praten was de VVD bereid tot een compromis over bed, bad en brood. De partij profileert zich met hard asielbeleid, getuige ook haar voorstel vorige maand tot sluiting van de EU-grenzen. Het lijkt een klassiek gevalletje na-apen van de PVV. Leidt die tactiek tot de bedoelde electorale resultaten?

“Hopelijk geen loze belofte. Ik stel voor snel de PvdA lozen en met ons uitvoeren!” PVV-leider Geert Wilders is de enige partijleider die wel wat ziet in het VVD-plan tot grenssluiting. Dat is geen toeval. De VVD is de afgelopen jaren steeds meer met de PVV op één lijn komen te zitten met betrekking tot immigratie en integratie. Ook al blijven er verschillen, de VVD lijkt in te zetten op een tactiek van imitatie van de PVV.

De gelijkenis met 24 jaar geleden dringt zich op. In 1991 beweerde toenmalig VVD-leider Frits Bolkestein dat ‘de islam’ op gespannen voet zou staan met een aantal beginselen van de liberale samenleving. Zulke uitspraken werden tot dan toe vrijwel uitsluitend opgetekend uit de mond van Hans Janmaat, de leider van de Centrumdemocraten. Hoeft geen doelbewuste imitatie door Bolkestein te zijn geweest, maar leek er wel op.

De hardere VVD-lijn past in een Europawijd patroon. Sla bijvoorbeeld de partijprogramma’s er maar op na. Voorbeeld: in de 15 Europese landen waar sinds 1945 onafgebroken verkiezingen zijn gehouden besteedden de VVD plus zusterpartijen gemiddeld 0,4% van hun programma aan kritiek op het ideaal van de multiculturele samenleving – tot 20 jaar geleden. Sindsdien ligt dat gemiddelde hoger (2,4%). Imitatiegedrag? Zou kunnen.

Imitatietactiek lijkt vooral ingegeven door concurrentieoverwegingen. In drie landenvergelijkende onderzoeken – van Tarik Abou-Chadi, van Kyung Joon Han en van mij – is bewijs gevonden voor ‘besmetting’ door anti-immigratiepartijen. Hoe meer electoraal gewin voor die partijen, des te meer de andere partijen anti-immigratie worden. Misschien is de VVD langzaam ‘besmet’ geraakt na PVV-zeges en recente peilingen.

Heeft zulke imitatietactiek het beoogde effect? De opzet van imitatie, zo is de gedachte, is om kiezers van de anti-immigratiepartij te ‘stelen’ door dezelfde beleidsstandpunten in te nemen. In een invloedrijke studie stelt Bonnie Meguid dat kiezers zouden overlopen naar een gevestigde partij zodra gevestigde partijen de standpunten van de anti-immigratiepartij overnemen. Meguid meent hier ook enig bewijs voor te vinden.

Daar geloof ik niks van. Anti-immigratiekiezers die op de PVV hebben gestemd gaan niet zomaar naar de VVD. Daar is meer voor nodig dan louter imitatie. In mijn boek stel ik dat het stelen van kiezers alleen werkt als de anti-immigratiepartij geen invloed (meer) heeft op beleid. Bijvoorbeeld als de partij wordt geboycot. Meguids bewijs voor effect van imitatie blijkt dan ook niet robuust – behalve aangaande partijen die worden geïsoleerd.

Dat is geen nieuwe stelling. In een studie uit 2006 over Duitse en Oostenrijkse partijen sprak David Art al het vermoeden uit dat een combinatie van imitatie en isolatie effectief was tegen ‘rechts populisme’. En Teun Pauwels weet de nederlaag van het Vlaams Belang in 2009 aan een combinatie van het cordon sanitaire rondom de partij plus het kopiëren van haar beleidsvoorstellen door twee rivalen, de N-VA en de Lijst Dedecker.

Wat wel nieuw is in mijn boek, is dat ik verklaar waarom die combinatie effectief is, dat ik niet alleen kijk naar anti-immigratie- maar ook naar communistische partijen, dat ik me baseer op observaties in 15 landen sinds 1944, en dat ik bovenstaande ideeën rigoureus toets. Dit resulteert in (experimenteel en non-experimenteel) bewijs dat genoemde partijen stemmen verliezen als ze tegelijkertijd worden nageaapt en gemarginaliseerd.

Na-apen en marginaliseren, kan dat samengaan? Zeker wel. Bolkestein deed dat bijvoorbeeld. Enerzijds verwoordde hij in 1991 ‘dezelfde zorgen als Janmaat’, zoals UvA-hoogleraar Jean Tillie schrijft in zijn boek Gedeeld land. Anderzijds behandelde Bolkestein Janmaat als verstotene: “U hebt zichzelf buiten de discussie geplaatst. Een dialoog tussen ons is onmogelijk.” Bolkesteins tactiek wordt algemeen als succesvol beschouwd.

In de huidige situatie is dus cruciaal in hoeverre kiezers verwachten dat Wilders invloed gaat hebben. Zolang de PVV geïsoleerd lijkt zullen haar in 2012 verloren kiezers niet gauw terugkeren. Op deze kiezers jagen de papegaaiende partijen. Er is een kleine kans dat die kiezers Bram Moszkowicz of Hero Brinkman als serieus alternatief gaan zien. Via de harde lijn poogt de VVD dit wellicht voor te zijn en die kiezers aan zich te binden.

Zo houden anti-immigratiekiezers voorlopig invloed op het asielbeleid. Met of zonder Wilders.

Geef een reactie

Laatste reacties (31)