1.463
8

Schrijfster

Charlotte van Zanten (1985) werd geboren in Rotterdam. Ze spendeerde haar studietijd in Amsterdam waar ze Literatuurwetenschappen studeerde aan de Universiteit van Amsterdam. In haar laatste studiejaar vertrok ze voor een minor Japanse taal&cultuur met Keio University naar Tokio. Wat begon als een zes maanden durende uitwisseling, resulteerde in een periode van bijna drie jaar. Wonend in Tokio groeide haar liefde voor Japanse kunst en cultuur en mondde uit in haar debuut roman Tokyo Ohayo! Momenteel werkt ze aan een tweede fictieroman.

Naast literatuur is ze een groot liefhebber van Cinema. Met haar veelbezochte filmfestival Roffa Mon Amour betuigt ze steun aan de independent filmindustrie. Op dit zomerse openluchtfestival zijn films van jonge filmmakers die geen distributierechten hebben binnen de Benelux, te bekijken. Tussen de festivalzomers door schrijft ze film gerelateerde artikelen voor het online filmmagazine van Cineville.

Momenteel woont Charlotte met één voet in Rotterdam en één in Brussel: de stad die, zoals haar laatst verteld werd, alle schrijvers ooit moeten passeren om goede schrijvers te kunnen worden.

Brussel en haar Brusselaren zijn schitterend

Ik waan me op een plek waar iedereen uitgenodigd wordt zichzelf te zijn

Aan het Brusselse Lemonnierplein doe ik mijn boodschappen bij de Marokkaanse supermarkt. Goedkoper, gezelliger en authentieker dan Delhaize, om maar niet te spreken over de zielloze Tl-buisverlichte ketens Lidl of Aldi.

Charlotte is een jonge Nederlandse, woont in Brussel en kijkt verwonderd naar België.

Nee, bij de Marokkaanse supermarkt staan buiten rijen kratten gevuld met bontgekleurde groenten en fruit. In de supermarkt ruikt het naar specerijen, gemarineerde olijven en een vleugje aftershave.

De winkelklerk groet als ik binnenkom. Hij staat naast het kassablok en voert samen met de kassier en twee klanten lachend een luidruchtig gesprek. Uiterst traag pakt de ene klant zijn spullen in om het gesprek te kunnen rekken. Uiterst traag legt de ander zijn spullen op de kassaband. Zakje citroen volgt op het zakje gember; een bosje munt volgt op een bosje munt volgt op een bosje munt. De klant die al afgerekend had ziet de bosjes munt en realiseert zich dat hij die ook mee wilde nemen. Hij verdwijnt naar buiten, de behulpzame winkelklerk achter hem aan, en komt terug met een hand vol munt. In zijn broekzak zoekt hij naar gepast geld. Hij zegt iets verontschuldigend, giet een grote hoeveelheid muntjes in de hand van de lachende kassier en vertrekt dan toch eindelijk.

Ik slenter langs de rekken van de supermarkt zij aan zij met twee gesluierde vrouwen. Hun handen, polsen en gezichten zijn bedekt met henna. Net als in Marokko, denk ik. De laatste plek waar ik versierde vrouwen zag, jaren geleden. Ik vraag me af wat de gelegenheid was. Een bruiloft van een kind? Een andere soort ceremonie? Ze praten gedempt. Fluisterend bijna, heel anders dan de mannen bij de kassa. Samen vormen ze een eiland dat niemand betreden mag. Stiekem kijk ik naar de kronkelende tekeningen tot onze wegen scheiden.

De boodschappen zijn goedkoop. Mijn Nederlandse bankkaart, een graag geweigerd object in Delhaize, werkt hier zonder probleem en zonder 0,20 cent extra. Ik lach en de kassier wenst me vriendelijk een goede dag toe.

Op weg naar Brussel-Zuid station kom ik de treuzelende supermarktklant opnieuw tegen. Ditmaal praat hij verwoed met de bakker, vier deuren verderop. Ik loop langs een theesalon afgeladen vol met mannen die voetbal kijken en een visboer waar het zwart ziet van mensen. Auto’s toeteren: de kruising nadert. De zon gaat onder en, hoewel het heel de dag regenachtig was, is de hemel staalblauw.

Mijn ogen branden. Daar hoeft u niet van de schrikken, want dat gebeurt vrij snel. Als ik geëmotioneerd raak omdat ik iets echt schitterend vind. En dat is het ineens. Schitterend. Brussel en haar Brusselaren.

En er wordt vast veel gevochten over het immigratiebeleid van België. Maar op dit moment, op die loei drukke kruising van Lemonnier, waan ik me even op een plek waar iedereen uitgenodigd wordt zichzelf te zijn.

Dit artikel staat ook op De Redactie.Be

Geef een reactie

Laatste reacties (8)