487
10

Sociaal wetenschapper

Doutje Lettinga studeerde geschiedenis en internationale betrekkingen in Amsterdam en Istanbul, en promoveerde in 2011 als sociologe aan de Vrije Universiteit van Amsterdam, met als specialisatie gender, migratie, religie en non-discriminatie in de EU. Sindsdien werkt Doutje als onderzoeker en strateeg op internationale mensenrechtenkwesties. Ze is Senior Fellow van Humanity in Action en mede-oprichter van de Doetank. In haar vrije tijd reist Doutje graag de wereld rond.

Burgerplein in Hongkong wordt een historische plek

Knelpunt: Terwijl de wereld razendsnel globaliseert, privatiseert en verstedelijkt, is ons mensenrechtenraamwerk primair gericht op nationale overheden

De Occupy beweging op Westerse beurspleinen, de Gezi-park protesten in Istanbul, de revoluties in de Arabische miljoenensteden, en nu de studentendemonstraties in Hongkong: Stadspleinen vormen het epicentrum van protest en democratische verandering. Maar de publieke ruimte als plek waar je je rechten en vrijheden kunt genieten en uitoefenen staat op de tocht. Een korte schets van een aantal sluipende bedreigingen uit een nieuwe essaybundel over mensenrechten in een verstedelijkte wereld.

Het Taksim in Istanbul,  Tahrir in Caïro, Maidan in Kiev en het Burgerplein in Hongkong: Stadspleinen vormen het (symbolisch) middelpunt van massale protesten en volksopstanden. Ze werken als vehikel voor het recht op vrijheid van meningsuiting, vergadering en betoging. Burgers zetten er tentenkampen op, blokkeren doorgangen met sit-ins, organiseren flash-mobs en bezetten soms wekenlang pleinen en straten om hun ongenoegen te uiten en veranderingen te eisen. Totdat de autoriteiten ingaan op de eisen of er genoeg van hebben. Dikwijls volgt daarop een ontruiming met excessief politiegeweld, willekeurige arrestaties en detenties.  Ook proberen de autoriteiten daarna dissidente stemmen te laten zwijgen door intimidatie en repressie  zoals blijkt uit de showprocessen tegen de Geziprotesters en Moslimbroeders.

Maar er is meer aan de hand in steden dan dit opzichtig inperken van mensenrechten. In een nieuwe essaybundel van Amnesty International over mensenrechten in een verstedelijkte wereld, The Future of Human Rights in an Urban World, staan alarmerende trends en ontwikkelingen beschreven. Bijvoorbeeld de privatisering van publieke ruimte. Dit  geeft bedrijven in de praktijk al veel mogelijkheden om ‘ongewenste’ bezoekers te weren van semipublieke pleinen en parken, waaronder kwetsbare groepen (zwervers, migranten, minderheden) en activisten. De langzame vervaging van wat geldt als ‘openbare’ of ‘privé ruimte draagt bij aan discriminatie, willekeurige restricties van bewegingsvrijheden en steeds minder mogelijkheden van burgers om hun leefomgeving actief vorm te geven en te gebruiken.

Nog zo’n zorgwekkende trend die zich manifesteert in steden, is de vermarkting van veiligheid. Niet alleen welgestelde burgers laten hun ommuurde villa complexen  beveiligen door bewakingsfirma’s, maar ook stedelijke overheden huren steeds vaker particuliere veiligheidsbedrijven in. Bijvoorbeeld om de openbare orde te waarborgen rondom grote evenementen als de Olympische Spelen. Sommige van deze contractanten zijn particuliere militaire bedrijven die hun oorlogstechnieken nu kunnen toepassen in het neerslaan van stedelijke protesten, zoals die zich onlangs voordeden in Sao Paolo of Ferguson.

Dergelijke publiek-private samenwerkingen ontstaan ook in surveillancepraktijken. Steden als Londen hangen vol met veiligheidscamera’s die dikwijls door particuliere bedrijven worden beheerd. Drones met camera’s, oorspronkelijk ontwikkeld voor stedelijke oorlogsvoering, gaan als zoete broodjes over de toonbank. Met zo veel politieke en commerciële belangen die elkaar kruisen, moeten we ons geen illusies maken over de naleving van mensenrechtenstandaarden door stedelijke autoriteiten en hun toezicht op de veiligheidsindustrie.

Hier zit een groot knelpunt: terwijl de wereld razendsnel globaliseert, privatiseert en verstedelijkt, is ons mensenrechtenraamwerk en -denken nog steeds primair gericht op nationale overheden. Terwijl burgemeesters van megasteden steeds autonomer en machtiger worden, vindt de mensenrechtenlobby voornamelijk plaats in (inter)statelijke fora als de Europese Unie, de Raad van Europa en de Verenigde Naties.

Mensenrechtenverdragen gelden echter ook voor lokale autoriteiten. Gelukkig lijken sommige lokale bestuurders zich bewust dat zij een belangrijke verantwoordelijkheid dragen voor het waarborgen van mensenrechten. Zo lijken burgemeesters, meer dan nationale overheden, bereid rechten te verlenen aan migranten. Ook profileren steeds meer steden zich als Stad van Mensenrechten, Recht of Vrede. Hoewel dit soort initiatieven nog vrij willekeurig zijn en nauwelijks het niveau van citymarketing ontstijgen, zijn dit positieve ontwikkelingen voor een toekomst waarin (mega)steden een steeds grotere rol op het wereldtoneel spelen.

De studenten in Hongkong kennen niet anders dan dat ze in een autonome stadstaat wonen. Ze zijn vastbesloten hun rechten en vrijheden te verdedigen. De moed die zij tentoonstellen tegenover de stedelijke autoriteiten en Beijing maakt het Burgerplein nu al tot een historische plek. Nu maar hopen dat het niet als een tweede Tiananmen de geschiedenis in gaat.

De essaybundel The Future of Human Rights in an Urban World: Exploring Opportunities, Threats and Challenges (red. Thijs van Lindert en Doutje Lettinga) is gratis te downloaden.

Geef een reactie

Laatste reacties (10)