1.798
63

Directeur Milieudefensie

Hans Berkhuizen (1956) zet zich vanaf 2010 als directeur van Milieudefensie in voor een duurzamere wereld. Daarvoor werkte hij jarenlang in de energiesector en de watersector, de laatste jaren als partner bij adviesbureau ORG-ID. Berkhuizen studeerde biologie en natuurkunde aan de universiteit van Leiden.

Burgers kunnen de vruchten plukken van windenergie

Dit is hét moment om iedereen te betrekken bij windenergieplannen

Windenergie draagt bij aan lokale betrokkenheid, saamhorigheid en leefbaarheid. Tenminste, als burgers op de juiste manier worden betrokken bij windmolens. Door windprojecten samen met burgers op te zetten en hen te laten participeren, dragen gemeenten bij aan het opwekken van duurzame energie en kunnen belangrijke voorzieningen met de opbrengst van windenergie worden gefinancierd. Partijen in gemeenteraden maken nog veel te weinig werk van de kansen van burgerparticipatie in windenergieparken. Terwijl juist in de komende raadsperiode grote stappen gezet gaan worden.

De noodzaak voor groene energie is ondertussen wel duidelijk. Om klimaatverandering het hoofd te bieden, de Groningse bodem niet nog harder te laten beven door gaswinning en de beperkte fossiele voorraden er niet volledig doorheen te jassen, moeten we inzetten op hernieuwbare energie. In Europa is Nederland nu hekkensluiter in duurzame energieopwekking. Met het SER-energieakkoord gaan we daar eindelijk wat aan doen.

De komende jaren zullen er veel windmolens bij komen om aan de afspraken in het SER-energieakkoord te voldoen. Het gaat om maar liefst zo’n 2000 windmolens om de beoogde 6000 MW wind op land in 2020 te halen. Gemeenten gaan daarom op zoek naar locaties voor windmolens. En dat is een grote kans, want windenergieprojecten kunnen geld opleveren voor de lokale gemeenschap. Via windcoöperaties kunnen gemeenten er bijvoorbeeld voor zorgen dat het zwembad, de bibliotheek of het buurthuis het wel redt. Of de ontwikkelaar van een windpark kan geld storten in een lokaal duurzaamheidsfonds.

Vreemd genoeg was het inzetten van windenergie in het belang van de gemeenschap geen onderwerp in de verkiezingscampagnes voor de gemeenteraden. Terwijl er deze raadsperiode echt stappen moeten worden gezet om de ambities voor wind op land te halen. Kennelijk was men bang voor negatieve reacties, terwijl er juist een schat aan kansen ligt. Dit is hét moment om burgers te betrekken bij windenergieplannen.

Mensen die in de buurt wonen van een kolencentrale krijgen alleen de nadelen voor hun kiezen, de winst gaat naar de grote energiebedrijven. Kolencentrales zijn bijvoorbeeld belangrijke bronnen van luchtvervuiling en zijn schadelijk voor de gezondheid van omwonenden. De gaswinning in Groningen zorgt voor aardbevingen, scheuren in de muren en onverkoopbare woningen. Maar dat hoeft dus niet. Windenergie kan bij uitstek kansen bieden om omwonenden nu eens de vruchten te laten plukken van energieopwekking in plaats van er alleen maar de lasten neer te leggen.

In Friesland geeft de vereniging ‘Friese dorpsmolens’ het goede voorbeeld. Door met de inwoners van de dorpen te investeren in windmolens wordt er geld verdiend dat direct wordt ingezet voor de gemeenschap. In een aantal dorpen hebben inwoners op deze manier investeringen in de leefbaarheid van hun dorp gedaan. De stichting dorpsmolen in het dorp Pingjum verdeelt de winst sinds 2009 over vijf dorpen. Er worden projecten mee gefinancierd zoals zonnepanelen voor het dorpshuis. Ook krijgen verenigingen steun voor de realisatie van duurzame projecten.

In tijden van bezuinigingen bieden windmolens dus juist kansen voor gemeentebesturen en burgers. Dat is goed voor de draagkracht voor windenergie, voor de leefbaarheid op het platteland en voor onze toekomstige energievoorziening. Dan moeten gemeentebestuurders wel even vooruit kijken. Want windmolens draaien nu eenmaal vooral op visie.

Geef een reactie

Laatste reacties (63)