1.896
33

Psycholoog, auteur, columnist

Roos Vonk is hoogleraar sociale psychologie aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Ze is daar onder meer betrokken bij de master-opleiding Gedragsverandering.

Daarnaast heeft ze jarenlange ervaring als coach en trainer op het gebied van zelfkennis, authenticiteit, en zelfontwikkeling. Ze staat bekend om haar talent om wetenschappelijke inzichten op begrijpelijke en onderhoudende wijze te presenteren aan een breed publiek.

Vonk heeft een column in Psychologie Magazine en schreef eerder de bestsellers Ego’s en andere ongemakken, Menselijke gebreken voor gevorderden en Liefde, lust en ellende.

Burgers tegen agressie

Ga niet zitten pruttelen over je eigen persoonlijke 'vrijheid': er zijn echt dingen groter en belangrijker dan jouw comfort

Burgers moeten een rol gaan spelen om het geweld tegen conducteurs te beteugelen. Het idee is: als een conducteur met een al te agressieve passagier te maken krijgt, moet hij een reiziger kunnen aanwijzen die hem helpt. Goed idee?

Het idee is goed. Uit onderzoek naar het omstandereffect weten we dat mensen in een noodsituatie vaak niet ingrijpen; en dat het helpt wanneer de hulpbehoevende één omstander aanwijst: jij daar, wil jij me helpen? Hiermee voorkom je dat iedereen denkt: ‘Niemand doet iets, dus het zal wel meevallen’ of: ‘Dat moet een ander maar even fiksen’.

Aan de andere kant weten we ook dat omstanders die ingrijpen bij geweld zelf klappen kunnen oplopen. Afgelopen week nog liet schrijfster Marion Pauw via haar facebook-pagina weten dat ze een blauw oog opliep door enkel 112 te bellen toen ze getuige was van geweld. Omgekeerd, als je dat weet te voorkomen door zelf een dader in elkaar te meppen, bijvoorbeeld een inbreker, sta je in no-time voor de rechter met de vraag of het geweld wel evenredig was. Het komt dus nog nauw kijken ook.

Het probleem is: je kunt het omstander-effect wel tegengaan door een burger aan te wijzen, maar je lost niet het achterliggende verschijnsel op: dat mensen te makkelijk wegkijken en zich niet verantwoordelijk voelen voor wat er buiten hun eigen persoonlijke cirkel gebeurt. Daders weten dat, ze voelen dat, en daardoor is een heel natuurlijke rem op agressie en asociaal gedrag verdwenen: de rem van de groep.

Mensen hebben het grootste deel van hun evolutionaire geschiedenis geleefd in kleine groepen van enkele tientallen. Als in zo’n groep iemand agressief deed of iets anders deed dat slecht was voor het collectief, bemoeide iedereen zich ermee. Onaangepaste groepsleden werden uiteindelijk uit de groep gegooid. En omdat je in je eentje minder kans had om in leven te blijven, en al helemaal niet om je voort te planten, bleven degenen over die zich wisten in te houden.

Wij zijn met z’n allen het nageslacht van mensen die zich aanpasten aan de groep, en we hebben van nature een monitor die registreert of anderen ons gedrag afkeuren en of we ergens mee weg kunnen komen. Agressievelingen in de trein hebben dat ook. Maar als anderen wegkijken en als niemand reageert zodra de toon wat agressiever wordt (belangrijk, want je moet agressieve neigingen meteen de kop indrukken voordat ze aanzwellen), is er geen sociale rem op hun gedrag.

Dit gebeurt niet alleen in de trein maar op alle fronten. Slachtoffers van pesten vertellen steevast, als ze thuis zitten met een burnout, dat iedereen wegkeek. Mensen gooien afval op straat en iedereen laat het gebeuren – en laat het liggen. En toen ik ooit bij de voorbereidingen voor een barbecue protesteerde tegen een gerecht waar plofkip in zat, keken allen naar hun schoenpunten. Op grotere schaal gebeurt hetzelfde: we willen allemaal af van de intensieve vee-industrie, we willen allemaal dat het klimaat en de planeet worden gered, maar de meesten van ons eten vlees, vliegen, en menen dat de redding ergens anders vandaan moet komen. Maar waar vandaan? De overheid doet hetzelfde en verschuilt zich ook weer achter grotere krachten (‘Europa’, ‘vrije handel’, ‘economie’). De overheid kijkt net zo hard weg als iedereen.

De schaal van onze samenleving is te groot geworden om elkaar te kunnen aanspreken op gedrag. Iedereen mag doen wat ie niet laten kan; als jij mij met rust laat, bemoei ik me niet met jou. Mensen die zich er nog druk om maken, wordt verweten dat ze moralistisch zijn en anderen hun ‘vrijheid’ willen afnemen (wat het helemaal niet is hoor: je eet plofkip omdat iedereen het doet, niet omdat dat jouw hoogst persoonlijke individuele keuze is, voortkomend uit jouw unieke overtuigingen). Geleidelijk verdwijnt de sociale controle uit ons DNA.

Het motto ‘Verbeter de wereld, begin bij jezelf’ is hier bij uitstek van toepassing. Of het nu gaat over grote of kleine misstanden: als je een betere (leef)wereld wilt, wees dan geen schoenpuntenstaarder. Kom voor de dag, ook als het eng is. Doe niet mee met de slappe-zakken-meute, wees iemand die het verschil maakt. Je kunt die burger zijn die de conducteur beschermt, maar nog beter is dat je alle andere omstanders erbij betrekt: Kom op mensen, dit laten we toch zeker niet gebeuren?

Haal ook niet je schouders op als iemand anders het voortouw neemt, ga niet zitten pruttelen over je eigen persoonlijke ‘vrijheid’: er zijn echt dingen groter en belangrijker dan jouw comfort. Als iedereen meedoet, geeft dat een veel sterkere rem op geweld – en op alle gedrag dat schadelijk is voor het collectief. En het is nog fijn ook. Het schept een band en na afloop – als de agressor is weggevlucht, zich rot geschrokken van die plotselinge eendracht – schud je elkaar de hand en zeg je: zo, dat varkentje hebben we mooi gewassen met z’n allen.

Het laatste boek van Roos Vonk is Je Bent Wat Je Doet

Volg Roos ook op Twitter, Facebook


Laatste publicatie van RoosVonk

  • De eerste indruk

    2017


Geef een reactie

Laatste reacties (33)