Laatste update 22:08
4.254
72

Historicus

Han van der Horst (1949) is historicus. Hij schreef onder meer The Low Sky: understanding the Dutch', Nederland: de vaderlandse geschiedenis van de prehistorie tot nu, Een bijzonder land, het grote verhaal van de Vaderlandse geschiedenis, Onze Premiers en Schep Vreugde in het Leven, Levenslessen uit de grote depressie. Op elke laatste zondag van de maand is hij om elf uur in de ochtend te horen als boekbespreker in het VPRO-radioprogramma over geschiedenis OVT.

Censuur is een hardnekkige Nederlandse traditie

Waakzaamheid is geboden tegen de valse profeten die zo proberen de vrije ontplooiing van ons mensen te beteugelen. Zet ze aan de dijk voor het te laat is. Het wordt tijd dat we echt afscheid nemen van domineesland.

cc-foto: HelenHates Peas

In de Verenigde Staten is het heel gebruikelijk dat uitgevers manuscripten door zogenaamde sensitivity readers laten navlooien op woordgebruik, uitdrukkingen en passages die bepaalde lezers zouden kunnen treffen als pijnlijk, beledigend of racistisch. In Nederland komt dat nog maar zelden voor, zo werd tot nog toe algemeen aangenomen. De NRC diepte er dit jaar voorbeeld van op. Uit een vertaling van Dante’s vijftiende eeuwse Inferno zijn de passages weggelaten waarin de profeet Mohammed en zijn schoonzoon Ali helse straffen ondergaan. Sommige lezers mochten eens gekwetst zijn.

Ook de vertaling van Amanda Gormans gedicht The hill we climb is door sensitivity readers op mogelijke verkeerdigheden gecontroleerd. Onlangs noteerde Trouw waarderend hoe het Orkest van de Achttiende Eeuw uit die Zauberflöte van Mozart enige elementen had weten weg te halen die tegenwoordig als racistisch worden ervaren. Er komt een zwarte slaaf in voor, Monostatos, die wordt aangesproken op een wijze waarvoor je nu in de tram een pak slaag riskeert van Afro-Caribische Nederlanders.

Nu blijkt echter dat deze praktijk al sinds jaar en dag gebruikelijk is. De belangrijkste schoolboekenuitgevers – Malmberg, Zwijsen, Noordhoff en Thieme – Meulenhoff – laten hun oren hangen naar de leiding van reformatorische scholen, zo ontdekte Maarten Dallinga van de NRC. De onderkop van zijn artikel spreekt boekdelen: ¨Geen bikini’s, geen evolutie en niet teveel kermis¨. Samenstellers van leerboeken krijgen de opdracht ongewenste feiten, woorden en verschijnselen te vermijden. Als dat onmogelijk blijkt, mogen ze niet in gunstige zin worden besproken. Malmberg zet het expliciet op de site: ¨We hechten er waarde aan dat leerlingen werken met lesmaterialen die individuen of groepen op geen enkel manier kan kwetsen¨. Het bedrijf heeft zelfs een meldpunt ingesteld.

Eigenlijk hadden we het allemaal kunnen weten. Nederland heeft een grote traditie in het kuisen van teksten, zeker als ze voor adolescenten bestemd zijn. Op de middelbare school gebruikten wij een door uitgeverij Het Spectrum als Prisma Pocket uitgegeven bijbel waarin niet het hele Oude Testament was opgenomen. De schuine passages waren consequent weggelaten. Ook leerden wij niet waarom God precies Sodom en Gomorra strafte: de bevolking wilde twee engelen gods verkrachten, die bij Lot logeerden. Toen de gulle gastheer in plaats van hen zijn twee dochters aanbood, namen zij daarmee geen genoegen.

Tot vandaag de dag bestaat de indruk dat dit soort praktijken sinds de jaren zestig van de vorige eeuw tot het verleden behoren. En dat wij allang jongeren niet meer beschermen tegen teksten, illustraties, muziek en feiten die in bepaalde kringen voor onbehoorlijk doorgaan. Islamitische scholen liggen al bijna twee decennia onder het vergrootglas. Hebben zij deze norm soms vervangen door wat de aanhangers van Wilders en hun sympathisanten aanduiden als middeleeuwse opvattingen? Als daar maar een spoortje van aan het licht komt, als de schijn maar wordt gewekt, is het huis te klein. Verlichting gemist en zo.

Sensitivity readers zijn helemaal geen nieuw verschijnsel. Ze behoren bij een hardnekkige Nederlandse traditie: het versluieren van de werkelijkheid, van het pijnlijke, het confronterende, het ontregelende omdat het publiek anders maar in de war zou raken of zijn goede luim verliezen.

Het is ontmoedigend dat ook kringen die zich emancipatoir wanen, deze trieste praktijk hebben omhelsd zoals bijvoorbeeld blijkt uit dat gesleutel aan die Zauberflöte, een opera die zijn première beleefde op 30 september 1791. De zangeres Roberta Alexander zegt hierover in Trouw onder andere: “Mozart heeft waarschijnlijk nooit een zwart mens in het echt gezien. Als hij nu geleefd had, zou hij een dergelijke tekst ook nooit accepteren”. Tja, wat zou Julius Caesar gezegd hebben als hij nu leefde? Of Jezus Christus? Zou Martin Luther King het woord negro nog in de mond nemen of had hij er juist een geuzennaam van gemaakt?

Met discussie daarover kom je op een heilloze weg: je gaat de groten uit het verleden corrigeren op grond van opvattingen die nu algemeen worden aangehangen. Dat is bederf. Mozart verdient beter. (Over)gevoeligheid voor wat niet meteen in je straatje past, is niet het probleem van de zenders maar van de ontvangers. Zij benemen zich daarmee het zicht op de werkelijkheid. Ze kunnen daarmee niet volledig mens zijn. Ze missen het vermogen de werkelijke bokken van de werkelijke schapen te scheiden. In een vrije maatschappij zou het doel van elk onderwijs en van elke vorming erop gericht moeten zijn mensen van deze lastige handicap af te helpen. Dit overigens zonder de levensbeschouwing van hun keuze aan te tasten want daar houden zij te allen tijde recht op.

Nu kun je elke discussie over dit onderwerp doodslaan door over Jud Süss te beginnen, de beruchte antisemitische speelfilm uit het Derde Rijk. Moet dat dan ook maar kunnen? Filmisch en verhaaltechnisch gezien heeft de regisseur Vait Hartlan immers een degelijke prestatie geleverd. Dat kan geen mens ontkennen.

Het doel van Jud Süss is haatzaaien. Dit haatzaaien is in Nederland verboden en de criteria daarvoor hangen nauw samen met wat er in de Grondwet staat over discriminatie. Het is heel wat anders als je producten van de geest gaat navlooien op kleine onderdeeltjes die sommige mensen als micro-agressie kunnen ervaren omdat ze niet stroken met hun denkbeelden over wat fatsoenlijk en acceptabel is in het maatschappelijk verkeer. Dat is benepen, dat doodt elk risico en juist in het nemen van risico´s ligt de kwaliteit van wat denkers, dichters en kunstenaars aan ons voorleggen.

Waakzaamheid is geboden tegen de valse profeten die zo proberen de vrije ontplooiing van ons mensen te beteugelen. Het is allemaal truttigheid. Zet ze aan de dijk voor het te laat is. Het wordt tijd dat we echt afscheid nemen van domineesland.

Voor het overige ben ik van mening dat het toeslagenschandaal niet uit de publieke aandacht mag verdwijnen en de affaire rond het Groninger aardgas evenmin.

Ter toelichting:

Een uitgebreid maar leuk en illustratief voorbeeld van hoe je een geestesproduct van vroeger kunt bekijken als het elementen bevat die we nu zacht gezegd opmerkelijk vinden: “Ich lass mir meinen Körper schwarz bepinseln¨ (Ik laat mijn lichaam zwart verven), is een grote hit uit een van de eerste Duitse speelfilms Einbrecher uit 1930. We zien onder andere de grote sterren Willy Fritsch en Lilian Harvey.

Ook de Amerikaanse jazzmusicus Sidney Bechet, die zijn carrìère vooral in Frankrijk maakte is in deze film met zijn band en zijn danseressen te zien. In 2009 nam Max Raabe “Ich lass mir meinen Körper schwarz bepinseln”¨ in zijn programma op.

Voor de liefhebbers hier de hele tekst

Ach, wie herrlich ist es in Paris!
Die Frauen sind so süß –
Und dennoch ist mir mies!
Jeden Abend Smoking oder Frack –
So geht es Tag für Tag.
Das ist nicht mein Geschmack!!

Ich lass mir meinen Körper schwarz bepinseln, schwarz bepinseln
Und fahre nach den Fidschi-Inseln, nach den Fidschi-Inseln.
Dort ist noch alles paradiesisch neu.
Ach, wie ich mich freu!
Ach, wie ich mich freu!

Ich trage nur ein Feigenblatt mit Muscheln, Muscheln, Muscheln
und gehe mit ‘ner Fidschi-Puppe kuscheln, kuscheln, kuscheln.
Von Bambus richte ich mir eine Klitsche ein.
Ich bin ein Fidsche, will ein Fidsche sein!

Ich lass mir meinen Körper schwarz bepinseln, schwarz bepinseln
Und fahre nach den Fidschi-Inseln, nach den Fidschi-Inseln.
Dort ist noch alles pardiesisch neu.
Ach, wie ich mich freu!
Ach, ach, wie ich mich freu!

Ich trage nur ein Feigenblatt mit Muscheln, Muscheln, Muscheln
Und gehe mit ‘ner Fidschi-Puppe kuscheln, kuscheln, kuscheln.
Von Bambus richte ich mir eine Klitsche ein.
Ich bin der Fritsche, will der Fidsche sein!

De tekst is geschreven door Robert Liebmann, in 1942 in Auschwitz vermoord. Hij speelde ook een grote rol bij Der Blaue Engel met Marlene Dietrich. De componist was Friedrich Holländer, die aan Liebmanns lot ontkwam omdat hij tijdig naar de Verenigde Staten vluchtte. Alle muziek in de Blaue Engel is van zijn hand. Holländer en Liebmann waren waren twee kunstenaars uit de Weimar Republiek die deugden tot op het bot.

Waar komt dat zwart schilderen en al die verwijzingen naar de Fiji eilanden in de Pacific vandaan? In 1920 verscheen in Duitsland Der Papalagi. Reden des Südseehäuptlings Tulavii aus Tiaves. Het bevat toespraken van een opperhoofd op het eiland Samoa (tot de Eerste Wereldoorlog een Duitse kolonie) over het leven in Duitsland. Dat komt er slecht af vergeleken met de paradijselijke toestanden in de Pacific waar het natuurlijke leven zich heeft gehandhaafd. Der Papalagi werd een bestseller, waarvan nog steeds nieuwe edities verschijnen. Het heeft in de jaren zestig en zeventig de Duitse Groenen zeer geïnspireerd.

Liebmann vond blijkbaar dat Fiji in zijn tekst beter klonk dan Samoa. Pas in een laat stadium werd bekend dat de werkelijke auteur de kunstenaar Erich Scheurmann was, wiens gedachtenleven overigens onder invloed van het nazisme een keer ten kwade zou nemen. Maar dat was nog niet gebeurd toen hij in 1920 in de vorm van die zogenaamde toespraken zijn kritiek op de gekunsteldheid en de onnatuurlijkheid van het leven in Europa publiceerde.


Laatste publicatie van Han van der Horst

  • Zwarte Jaren

    Nederland in de Tweede Wereldoorlog

    2020


Geef een reactie

Laatste reacties (72)