3.265
82

Historicus

Han van der Horst (1949) is historicus. Hij schreef onder meer The Low Sky: understanding the Dutch', Nederland: de vaderlandse geschiedenis van de prehistorie tot nu, Een bijzonder land, het grote verhaal van de Vaderlandse geschiedenis, Onze Premiers en Schep Vreugde in het Leven, Levenslessen uit de grote depressie. Op elke laatste zondag van de maand is hij om elf uur in de ochtend te horen als boekbespreker in het VPRO-radioprogramma over geschiedenis OVT.

Communistisch Platform roept tedere herinneringen op

Mijn hart smolt een beetje toen ik de website van de dissidenten doornam. Scherp kwamen de jaren zestig mij voor de geest toen op de Lijnbaan in Rotterdam de Rode Tribune werd uitgevent

De SP heeft een zestal leden de partij uitgeflikkerd omdat zij “geradicaliseerde zolderkamercommunisten” zouden zijn. Ze hebben een klassieke door Lenin geformuleerde doodzonde begaan: fractievorming. Dat deden ze door een Communistisch Platform in het leven te roepen. Wie eigen pressiegroepjes vormt binnen de partij die de voorhoede van het proletariaat belichaamt, doorbreekt de eenheid. Interne discussies zijn wel toegestaan maar als zich eenmaal rond een bepaald onderwerp een meerderheid heeft gevormd, dienen de verliezers zich stil te houden en het uiteindelijke besluit naar buiten toe te verdedigen.

De SP heeft weliswaar afstand genomen van het klassieke marxisme-leninisme, maar stalinistische gewoonten sterven langzaam en het partijbestuur heeft nog steeds weinig geduld met dissidenten. Als actief partijlid moet je heel hard werken en het is niet gauw goed genoeg. De zolderkamercommunisten hebben erom gevraagd. Ze wisten wat ze te wachten stond toen ze hun Platform in het leven riepen. Met zulke grappen hoef je bij Lilian Marijnissen niet aan te komen. Dat kun je zien aan haar gezicht en horen aan haar stem.

Communistisch Rode Tribune
Mijn hart smolt een beetje toen ik de website van de dissidenten doornam. Scherp kwamen de jaren zestig mij voor de geest toen op de Lijnbaan in Rotterdam de Rode Tribune werd uitgevent, het colportageblad van het Marxistisch Leninistich Centrum Nederland (MLCN), dat met strakke hand werd geleid door Nico Schrevel en de legendarische pijpfitter Daan Monjé, die allebei uit de Communistische Partij van Nederland (CPN) waren gezet wegens afwijkingen van de partijlijn. De toenmalige leider Paul de Groot weigerde zich uit te spreken over het conflict tussen de Sovjet-Unie en de Chinese Volksrepubliek.  De Rode Tribune koos ondubbelzinnig voor Mao Zedong en de culturele revolutie van de Rode Garde.

In de Jan Porcellistraat had het Centrum een verdiepinkje van waaruit de activiteiten – vooral missie en zending – werden georganiseerd. Het was de bedoeling om het MLCN uit te bouwen tot een echte communistische partij, die de ideologisch afgedwaalde CPN zou vervangen. Dat moest stap voor stap gebeuren. Men nam er de tijd voor. Schrevel en Monjé wisten dat ze de geschiedenis aan hun kant hadden. De door Marx blootgelegde wetten van de maatschappelijke ontwikkeling leidden onherroepelijk tot de ondergang van het kapitalisme aan zijn eigen tegenstellingen. Het proletariaat kon de strijd alleen maar winnen. Doel van de op te richten communistische partij was om dit proces te versnellen. Uiteindelijk gingen Schrevel en Daan Monjé met grote bonje uit elkaar. De revolutionaire pijpfitter werd daarna de grondlegger van de Socialistische Partij, die na zijn dood werd overgenomen door Jan Marijnissen uit Oss. The rest is history.

Dissidente clubjes
Het was heerlijke folklore allemaal, die dissidente clubjes rond de CPN. Ze dreven een beetje mee op de echte culturele revolutie van die dagen, de bevrijding van de jeugd uit de beknelling van het verzuilde Nederland met zijn strakke normen, zijn seksuele benepenheid en zijn afkeer van ongebreideld genot. Zo rond 1970 had je in Amsterdam en Eindhoven de Rode Jeugd. Rotterdam kende naast het MLCN de Coro, de Communistische Organisatie Rotterdam en Omstreken. De geheime dienst vormde een eigen partij De Marxistisch Leninistische Partij Nederland (MLPN) die zogenaamd bewondering had voor het Albanië van de stalinist Enver Hoxha. En dan waren er ook de trotskisten van de Vierde Internationale. Zij beriepen zich op de ideologie van Leon Trotski, de grote tegenvoeter van Stalin die uit de Sovjet-Unie verdreven was en sindsdien voor klassieke communisten geldt als de grote bederver. De machtsstrijd tussen beiden was op ideologische gronden uitgevochten. Stalin meende dat socialisme in één land mogelijk was. Trotski bracht naar voren dat dit pas een reële kans had als eerst de wereldrevolutie had plaats gevonden. Ze maakten elkaar uit voor verraders van de ware leer, zoals geformuleerd door hun beider voorganger en leermeester Lenin.

Ik woonde eens een openbare vergadering bij van de Vierde Internationale waarin de vraag werd behandeld of er in de socialistische maatschappij privileges zouden bestaan. De uitkomst was dat aan de voorhoede van het proletariaat inderdaad zekere voorrechten toekwamen omdat die nodig waren voor de  wereldrevolutie. Waarom precies weet ik niet meer. De spreker leerde ons ook dat die revolutie gemaakt zou worden door de boeren, de arbeiders én de soldaten. Juist de soldaten mochten  wij niet vergeten.

Aan mijn stamtafel in café Brandon aan de Keizersgracht in Amsterdam zat vrijwel dagelijks een gezellige Vlaming die niet alleen student politicologie was maar ook een actief lid van de Rode Jeugd Amsterdam. Ze waren meen ik met zijn achten en op een dag werd hij geroyeerd wegens fractievorming. Decennia later kwam ik zijn kop tegen in Elseviers Magazine. Hij bleek zich ontwikkeld te hebben tot handelaar in exquise wijnen. Ik zou zijn naam met enige moeite wel naar boven kunnen googelen maar waarom zou je zo’n brave man een halve eeuw na dato nog outen?

Wat later – aan het begin van de jaren tachtig – stonden ze trouwens weer met zo’n blaadje te venten in Rotterdam, ditmaal voor de bibliotheek. Dat was de Rode Morgen, een uitgave van de GML, de groep Marxisten Leninisten in Nederland. Al die clubjes bestreden elkaar tot op het bot. Ze hadden maar één ding gemeen. De letters (ML) achter de naam van hun organisatie. Dat betekende Marxisties Leninisties. Dit uiteraard met uitzondering van de trotskisten, want die vielen overal buiten.

En toch weer niet. Ze hadden namelijk een officiële tactiek: ze sloten zich aan bij massa organisaties om die van binnenuit te veranderen zoals dat heette. In de jaren zeventig werden de trotskisten daarom lid van het FNV en de PvdA. Dat van binnenuit veranderen lukte natuurlijk voor geen meter.

Uiteindelijk hebben die revolutionairen slechts eenmaal het begin van een deuk in een pakje boter geslagen: dat was de grote Rotterdamse havenstaking van 1970, die uitbrak nadat de 21-jarige Wouter ter Braake van de Kommunistische Eenheidsbeweging Nederland (het MLCN van Nico Schrevel en Daan Monjé in een nieuwe incarnatie) daar in een massavergadering van boze arbeiders toe had opgeroepen. Tienduizend havenarbeiders stroomden onder zijn leiding door de Maastunnel naar het kantoor van de werkgevers. De erkende vakbeweging bewerkte vervolgens een loonsverhoging waarna de staking eindigde. Ter Braake is nu zen coach.

Voorhoede van het proletariaat
De uit de SP gesmeten zolderkamercommunisten hebben – zo blijkt uit hun website –  bepaalde trotskistische trekjes: ze wilden tenslotte de partij van binnenuit veranderen. Bovendien vind je op hun site wel het een en ander over de wereldrevolutie.

Hoe dan ook: ze roepen tedere herinneringen op aan mooie tijden. Met zijn zessen de voorhoede van het proletariaat. Lees deze prachtige citaten: “Wij stellen dat er in de huidige situatie absoluut geen plaats is voor revolutionair geweld in Nederland. Wij treffen geen voorbereidingen voor een dergelijke strijd, wij bewapenen noch onszelf noch anderen, en wij roepen zeker niet op tot een burgeroorlog. Wel stellen wij dat het te verwachten valt dat, naarmate links groeit, het vraagstuk van geweld steeds prangender wordt. Wij voorzien dat met de groei van links ook extreem-rechts niet stil zal blijven zitten. Zij zullen alles doen om zichzelf te bewapenen en delen van het politie-apparaat en de krijgsmacht voor zich te winnen. Hier moeten wij ons niet door laten verrassen. Dit moeten wij voor zijn.

Maar zelfs in een situatie waar geweld naar ons idee wel geoorloofd zou zijn, wil dit niet zeggen dat dan alles maar kan en mag. Mocht geweld uit zelfverdediging nodig zijn, dan willen wij dit onder democratische controle hebben. Wij zijn geen voorstanders van groepjes revolutionairen die uit eigenrichting de wapens grijpen. Wij zijn voorstanders van een militiesysteem, met een brede participatie die garandeert dat geen enkel groepje eigengerichte paramilitairen z’n zin kan doordrijven”.

Je kunt zeggen wat je wilt, maar dit staat als een paal boven water:

“Mensen noem elkaar geen mietje.
Eenmaal zing je allemaal,
allemaal het oude liedje:
‘t is de schuld van het kapitaal”.

Tenslotte: hoe dacht haatopa zelve vijftig jaar terug? Dat valt samen te vatten in de leuze: “De enige goede leiding is de waterleiding”.

Leen Jongewaard zingt De Schuld van het Kapitaal, tekst Michel van der Plas, overigens katholiek en redacteur van Elseviers Weekblad. Nou dan was je verkeerd hoor in 1970. In onze ogen dan natuurlijk, bij Provadya of het jongerencafé.

Naschrift: Wie meer wil weten over de revolutionaire franje van Nederland verwijs ik naar alle boeken van Igor Cornelissen, destijds redacteur van Vrij Nederland en aanhanger van Leon Trotski maar in het bijzonder naar Van Zwolle tot Brest-Litowsk. Onstuimige herinneringen. De lieden die hij beschrijft hebben wél een ander kaliber dan de marxisten-leninisten van een halve eeuw terug.


Laatste publicatie van Han van der Horst

  • Zwarte Jaren

    Nederland in de Tweede Wereldoorlog

    2020


Geef een reactie

Laatste reacties (82)