2.911
97

Schrijver

Caspar Visser ‘t Hooft is de auteur van de romans Koningskinderen (IJzer,
2010), Feniksbloem (IJzer, 2012) en Waldenberg (IJzer, 2014). Caspar Visser 't Hooft woont en werkt in Frankrijk.

Coronapas versus de vrijheid om te geloven

Er waren natuurlijk mensen die over dit alles hun schouders ophaalden. Ze smaalden wanneer over dwang werd gesproken. Dwang? Hoezo dwang?

cc-foto: Gri*su

In Frankrijk is half juli 2021 een sanitair paspoort ingevoerd. Wanneer je gevaccineerd bent, of wanneer je doormiddel van een ondergane test, met een zeer beperkte geldigheidsduur, kunt aantonen dat je geen Corona hebt, krijg je een QR-code en mag je dingen doen die zonder die code verboden zijn. Want zonder zo’n pas mag je niet meer naar restaurants, cafés, of het nu binnen is of op het terras. Ook bezoek aan bioscoop, theater, bibliotheek, sportschool, zwembad en zo meer zijn dan illegaal. De restauranthouders, de kroegbazen en het personeel van de sportieve en culturele instellingen zijn verplicht zelf de klanten en bezoekers te controleren. Zo niet, dan krijgen ze een forse boete. In Nederland willen ze dit systeem ook invoeren.

Niet iedereen is met deze gang van zaken in zijn schik. Dat is zacht gezegd. Toch is het verbazend hoeveel mensen er geen been in schijnen te zien. Ze zijn ingeënt, ze beschikken over een code – waar is het probleem? Goed, maar de anderen dan? Hun vrijheid wordt toch op een haast ongekende manier ingeperkt. Je kunt de maatregel toch niet anders dan een dwangmaatregel noemen. Hoezo dwangmaatregel? – hoor je dan mensen zeggen. Niks dwangmaatregel, iedereen is toch vrij in zijn keuze: wie voor vaccinatie kiest kan zich overal vrij rond bewegen, wie niet voor vaccinatie kiest moet of telkens zich opnieuw laten testen (wat op den duur flink wat geld dreigt te gaan kosten) of wordt in zijn bewegingsvrijheid beperkt. Je bent vrij om te kiezen, of – na één prikje – voor vrijheid of voor beperkte vrijheid – tja…

Wie denkt er zo makkelijk met deze drogreden vanaf te komen, heeft het mis. Dit alles doet me denken aan de geschiedenis van Marie Durand, die achtendertig jaar opgesloten heeft gezeten in de kasteeltoren van Aigues Mortes, de oude havenstad nabij Montpellier. Dat was in de tijd dat in het koninkrijk van Lodewijk XIV de protestanten werden vervolgd. Toen in 1685 het Edict van Nantes werd herroepen, en daarmee een streep werd gehaald door het recht van de protestanten om hun godsdienst uit te oefenen, startte de koning een campagne die tot doel had de protestanten te bekeren. Hij stuurde zijn dragonders naar recalcitrante gezinnen die aan hun protestantse geloof bleven vasthouden. Ze moesten die dragonders logies bieden. De dragonders hadden een vrijbrief gekregen, ze mochten zich bij hun gastgezinnen naar hartenlust misdragen. Voor veel protestanten bleek dit te veel, ze gingen over tot het rooms-katholicisme, en hun kinderen werden katholiek gedoopt. Er waren er ook die stand bleven houden.

Marie Durand was zo iemand. Voor haar waren de machthebbers zelfs dusdanig geducht dat ze haar gevangennamen en in de toren van Aigues Mortes opsloten. Met haar broer Pierre had ze clandestiene erediensten in de openlucht georganiseerd. In de ‘Tour de Constance’ verkeerde ze in het gezelschap van een twintigtal andere vrouwen die net als zij hadden geweigerd het protestantse geloof af te zweren. En daar zat ze – achtendertig jaar lang. Door haar onverzettelijkheid en haar natuurlijke overwicht werd ze de geestelijke leidster van het groepje vrouwen.

Zo is ze de geschiedenis ingegaan. Elke dag kwam een priester de vrouwen opzoeken. Op zalvende toon fluisterde hij hen toe dat ze maar één woord hadden uit te spreken of ze herkregen hun vrijheid. Dat woord was ‘j’abure’, dat wil zeggen ‘ik zweer af’. Bij Marie Durand is het woord nooit over de lippen gekomen. Wel heeft ze op de muur van het ronde vertrek waar de vrouwen verbleven het woord ‘résister’ gegrift. Dat wil zeggen ‘zich verzetten’. Het is er nog steeds te zien. Er waren natuurlijk mensen die over dit alles hun schouders ophaalden. Ze smaalden wanneer over dwang werd gesproken. Dwang? Hoezo dwang? Die vrouw is toch vrij: of ze kiest voor opsluiting in een toren, of voor het toetreden tot de moederkerk – en dan mag ze de toren weer uit.

De vergelijking tussen mensen die niet willen dat een vaccin in hen wordt gespoten en mensen die in het Frankrijk van de achttiende eeuw niet wilden dat een katholieke priester doopwater over hen uitgoot is natuurlijk in zoverre relatief dat de situatie voor deze laatsten veel schrijnender was. Dat staat buiten kijf. Maar toch… Het argument dat zegt dat iemand vrij is om te kiezen waar je van tevoren die persoon in zijn vrijheid hebt beperkt, werd – en wordt – in beide gevallen aangevoerd. En is in beide gevallen even bedrieglijk.

Zonder vrijheid geen vrije keuze, of het nu is voor het vaccin of niet, of het nu deze of die andere geloofsrichting betreft – en we blijven even goede vrienden. Waarom niet?


Laatste publicatie van Caspar Visser 't Hooft

  • Frankrijk in 50 klanken

    Verhalen

    2018


Geef een reactie

Laatste reacties (97)