12.157
22

Dichter/kunstenaar

Quinsy Gario (Nederlandse Antillen, 1984) heeft Theater-, Film- en Televisiewetenschap gestudeerd aan de Universiteit Utrecht en is begonnen aan Comparative Women's Studies in Culture and Politics. Hij heeft zijn eigen radioprogramma genaamd Roet In Het Eten dat twee wekelijks op Mart Radio wordt uitgezonden.

Hij is lid van het Pan-Afrikaans kunstenaars collectief State of L3, het Antilliaans schrijverscollectief Simia Literario, redactielid van Andy's Art & Culture Market en redacteur bij Space Invaders. Van zijn hand zijn twee dichtbundels uitgekomen. In november 2011 won hij MC Theater's Hollandse Nieuwe Theatermakersprijs 2011. Een week later werd hij gearresteerd in Dordrecht voor zijn kunstproject Zwarte Piet Is Racisme.

Op 30 oktober 2012 kwam zijn theaterstuk uit genaamd Geit In Blik bij Podium Mozaïek dat over de formatie van het nieuwe kabinet gaat.

De aanval op Sylvana Simons

Sylvia Witteman en Marcel van Roosmalen zijn boos dat VIVA Simons aanstelde als columnist na racistische blunder

Sylvana Simons wordt nu as we speak door het slijk gehaald omdat ze het lef heeft om voor de VIVA te schrijven naar aanleiding van hun ‘zwarte mannen lijst’-incident. Het begon al toen Simons door RTL Boulevard werd geïnterviewd over het incident en de beeldredactie van het programma onder haar gezicht de naam Ruth Jacott plaatste. Het feit alleen dat zo’n fout, opzettelijk of niet, gemaakt kan worden laat al zien hoe erg het gesteld is met de zichtbaarheid van zwarte vrouwen in het Nederlands medialandschap.

Daarna werd een 14 jaar oud interview gecirculeerd op Twitter om te vragen of Simons wel de juiste is voor een column over diversiteitsvraagstukken. In het interview had Simons gezegd dat zwarte mannen onbetrouwbaar zijn en zij nooit met een zwarte man zou uitgaan. Een incident waarover Simons sindsdien al verschillende keren over heeft gezegd dat ze dat meisje niet meer is. Wat naar voren komt, met dit gretig teruggrijpen op een fout uit het verleden, is wie wel en geen fouten mag maken en doorgaan. Rutger Bregman, bekend van ‘alleen hysterische Amerikaanse zenuwlijers vinden ons racisten’, schreef daar een goed stuk over genaamd De Vrijheid van Meningsverandering.

Verklaring van Anti-Racisme
Een van de mensen die het oude interview van Simons circuleerde was Sylvia Witteman. Je weet wel, de vrouw die het woord neger niet uit haar columns kon houden. De witte vrouw die een uitgesproken fetisj heeft voor zwarte mannen, zegt nu dat ze door de film Hair heeft geleerd dat dat juist anti-racisme is. Dat ik dat een van de meest belachelijke statements ooit vind heeft waarschijnlijk niet alleen te maken met het generationeel verschil tussen ons beide, maar ook omdat ik een zwarte man ben. Ik stel het niet zo op prijs dat ik gezien wordt als een speeltje waarmee een witte vrouw haar VVAR, Verklaring Van Anti-Racisme, mee kan behalen. Maar goed, dat ben ik.

Wie ook met gestrekt been tegen de aanstelling van Simons als columnist inging was Marcel van Roosmalen. In een buitengewoon zuur stuk stak hij de draak met haar danskwaliteiten om daarna de rest van zijn column te wijden aan haar zogenaamde gebrek aan intelligentie. De helft van zijn column is een bericht van Simons op Facebook waarin ze meedeelt dat ze een nieuwe columnist voor de VIVA is geworden. Als een werkelijke taalnazi maakt hij een punt over interpunctie in een Facebook-bericht en vergeet terloops zijn redacteur bij de NRC te bedanken voor het opschonen van zijn eigen teksten. Hij zet taal in om Simons niet alleen voor dom wicht uit te maken, maar ook als inherent niet-Nederlands. Een uitsluitingstactiek die al jaren wordt gebruikt op journalistieke opleidingen en door redacteuren om de Nederlandse schrijverswereld opvallend wit te houden.

Het stuk eindigt hij met het belachelijk maken van het feit dat schrijvers voor dag-, week- en maandbladen in Nederland overwegend wit zijn. Een feit dat door zijn eigen krant onderzocht is en kennelijk nog steeds niet benoemd mag worden, of als positieve discriminatie richting witte schrijvers gekarakteriseerd mag worden. Door het niet te noemen kan je het ook nooit aanpakken en veranderen. Van Roosmalen noemt slechts het feit dat Simons andere schrijvers werk ontneemt. Wat uit beide columns naar voren komt is dat ze boos zijn dat een zwarte vrouw een baan heeft gekregen die zij volgens hen niet verdient.

Witte Redders
Van Roosmalen en Witteman zijn boos dat Simons nu columnist is terwijl ze geen schrijversachtergrond heeft. Maar zijn ze ook zo boos op cabaretier Youp van ’t Hek? Of op televisiemaker Wilfried de Jong? Ik heb zelf nog niets voorbij zien komen waarbij die twee witte mannen worden afgebrand op het feit dat ze een andere creatieve achtergrond hebben dan uitsluitend schrijver. Maar daar gaat het uiteindelijk ook niet om. Mensen als Van Roosmalen en Witteman zijn voornamelijk boos op het feit dat Simons dit zelf voor elkaar heeft gekregen. Zij heeft het initiatief genomen en heeft niet gewacht totdat iemand haar die kans bood.

Daarom begon het stuk van Van Roosmalen ook eerst met een pluim richting Simone van Saarloos’ actie van een paar weken geleden. Daarin gaf Van Saarloos haar plek af aan Fatihya Abdi, Clarice Gargard en Ama Koranteng-Kumi. In Van Roosmalens lezing van die actie was het bedoeld om specifiek deze vrouwen te helpen. Hij miste dat het eigenlijk om columnisten en redacteuren zoals hem en Witteman ging. Hun ‘natuurlijke’ positie als columnist in de NRC werd ter discussie gesteld, maar zij zagen slechts hulpbehoevende vrouwen waarmee zij een gevoel van goedheid bij zichzelf konden opwekken. Dat Simons, Abdi, Gargard, Koranteng-Kumi en anderen zich eigenlijk helemaal niet zo opstellen, wordt óf als vervelend ervaren zoals bij Simons, óf niet erkend zoals bij Abdi, Gargard en Koranteng-Kumi.

Integratie voorbij
Wat de Van Roosmalens en Wittemans nog niet willen toegeven is dat ze simpelweg bang zijn om de wereld vanuit een andere invalshoek te zien. De inzichten en gedachtes geboren uit een witte huidskleur zien zij ongehinderd en ongeremd terug wanneer ze een krant of weekblad openslaan, of wanneer de televisie aanstaat. Dit soort mensen willen dat men integreert volgens hun comfort-niveau. Men wil de macht blijven behouden om te bepalen wie waar en hoe terecht komt. Afgezien van de arbeidsmarktdiscriminatie, is het nog steeds niet doorgedrongen dat we die fase van integratie voorbij zijn.

Er is een onuitgesproken angst, niet alleen voor gelijkwaardigheid, waarbij ook Simons ruimte wordt gegund door haar netwerk en connecties, maar ook voor een zwarte redder. Simons heeft zich opgeworpen als een redder voor de witte psyche waaruit dat racistisch lijstje in de VIVA kon voorkomen. In het huidige cultureel klimaat wordt racisme, bedoeld of niet, weer erkend. Proberen om dat besef de kop in te drukken, zoals Witteman en Van Roosmalen met hun columns doen, is vechten tegen de bierkaai. Voor mijn part kunnen zij dat blijven doen, maar dan zonder de institutionele en materiële support van respectievelijk De Volkskrant en de NRC. Hopelijk leert de VIVA van het incident en wordt er niet alleen ruimte gemaakt voor Simons als columnist maar voor een algehele mentaliteitsverandering binnen de redactie.

@QuinsyG

Dit artikel verscheen ook op Roet in het Eten

Lees ook de opinie van Wensly Francisco: Sylvana Simons en Viva slaan de plank mis 

Geef een reactie

Laatste reacties (22)