1.812
43

Journalist

Johannes Dolislager (1989, Groningen) heeft al zijn hele leven iets met de journalistiek. Via de radio en de krantenwereld kwam hij uiteindelijk bij de VARA terecht waar hij werkt als internetredacteur. Toch kruipt het krantenbloed waar het niet gaan kan en daarom werkt hij in de avonden, vrijdagen en weekenden nog voor diverse huis-aan-huisbladen in Noord-Nederland. Gedurende zijn 7-jarige carrière daar heeft hij een netwerk opgebouwd en kwam daardoor op plekken die voor anderen gesloten bleven. Wat hij overgenomen heeft van het gebied is de nuchtere kijk op de wereld. Een feestje is leuk, maar hoeft zeker niet met kaviaar.

De christelijke school verdwijnt langzaam

Met het verdwijnen van de kleine scholen, verdwijnt ook het christelijke onderwijs

Een nieuwe fase in de schoolstrijd, het politieke gevecht over de gelijke behandeling van openbaar en christelijk onderwijs dat al ruim honderd jaar speelt en af en toe oplaait. In krimpgebieden door heel Nederland gaan de komende jaren scholen verdwijnen. Deels door algehele sluiting en deels door fusie. Hoewel de plannen nog in de kinderschoenen staan, dreigt het christelijk onderwijs nu het onderspit te delven.

In veel krimpgebieden in met name Noord-Nederland wordt gewerkt aan een zogenaamd ‘Integraal Huisvestingsplan’, typische beleidstaal voor een politiek waarmee bepaald wordt welke scholen volgens gemeenten open mogen blijven en welke dicht moeten. Op zich een bijzonder plan, want gemeenten gaan niet over het sluiten van bijzondere scholen. Daarover gaat het schoolbestuur.

Inmiddels druppelen de eerste concrete plannen binnen. In de Groningse gemeente De Marne bijvoorbeeld zitten nu nog 903 kinderen op de basisschool. Volgens de prognoses zullen dat er in 2027 234 minder zijn. Het plan van onderwijswethouder Harm Evert Waalkens – we kennen hem nog als PvdA Tweede Kamerlid – is om minimaal vier en misschien wel vijf scholen te sluiten. Het betekent dat eenderde van de scholen verdwijnt. Volgens Waalkens moeten de openbare en bijzondere basisscholen samen in één gebouw met één bestuur. Voor het gereformeerd onderwijs kan eventueel een uitzondering worden gemaakt, mede ook omdat zij niet meewillen in een nieuwe constructie.

Argumenten voor een samenvoeging zijn naast het kostenaspect de sociaalemotionele ontwikkeling van leerlingen. Schoolbestuurders uit de regio krijgen steeds vaker de vraag van ouders waarom hun dochtertje met slechts één ander meisje in de klas zit. Volgens schoolbestuurders is de situatie niet wenselijk. Daarnaast zouden docenten het lesgeven aan meer dan twee leerjaren tegelijk – in een combinatieklas – niet aankunnen.

Wie tegen de plannen zijn, zijn de mensen uit de christelijke hoek. Zij vrezen het verdwijnen van hun identiteit en alles wat daarmee samenhangt. Nu nog horen de leerlingen iedere ochtend een verhaal uit de bijbel, maar zal dat verdwijnen als de scholen samen verder moeten. Het zorgt voor onrust. Ouders komen in opstand en de fusies lijken te resulteren in de aloude strijd tussen gelovigen en de anderen.

Zo verdwijnt de christelijke identiteit langzaam, luidt de vrees. Uit voorlopige resultaten van Kortlopend Onderwijsonderzoek blijkt dat samenwerkingsscholen vaker een openbaar dan een christelijk karakter hebben. Door de resultaten ontstaat bij veel ouders de angst dat er wel eens een einde kan komen aan het christelijk onderwijs. Het gevolg zou zijn dat kinderen niet genoeg met de Heer in aanraking komen en daardoor een ‘afvallige’ van de kerk kunnen worden.

Voor die ouders is het van levensbelang dat het bijzonder onderwijs blijft bestaan. Ze zoeken steun bij christelijke partijen in de Tweede Kamer. Deze pleiten hardgrondig dat kleine scholen ook kwaliteit leveren, maar doen ze dat omdat ze dat echt vinden of tegen beter weten in om hun achterban in stand te houden?

Volg Johannes Dolislager ook op Twitter

Geef een reactie

Laatste reacties (43)