Laatste update 14:42
748
12

Emeritus hoogleraar Gezondheidszorg

Ivan Wolffers (1948) studeerde af als arts. Sindsdien schrijft hij over medische onderwerpen, variërend van medicijnen tot zijn eigen prostaatkanker. Hij promoveerde in de medische antropologie en werd in 1989 benoemd tot buitengewoon hoogleraar aan de Vrije Universiteit in Amsterdam waar hij tot zijn emeritaat in 2014 Gezondheidszorg en Cultuur doceerde.

De dood is de olifant in de porseleinkast

Nog meer over de dood praten? Er is zoveel dood rondom ons. Ik wil dat iedereen praat over hoe we de wereld van onze kinderen en kleinkinderen leefbaar kunnen maken te houden.

11212509764_c7ca4fa3fc_z“Ik wil dat iedereen over mijn dood praat,” zegt een vrouw in een interview in de Guardian. Zestien jaar geleden hoorde ze dat ze een dodelijke ziekte heeft, haar einde komt steeds dichterbij. Haar levenspartner en kinderen lijden met haar mee. “De dood is de olifant in de porseleinkast. Kinderen moeten alles leren over seks, drugs en belasting, maar weten niet hoe ze om moeten gaan met de dood,” zegt ze. Aanvankelijk vond ik het wel een pakkende tekst, vooral dat ‘seks, drugs en belasting’, maar naarmate ik het vaker las, kwamen er twijfels.

Dat is wat de dood doet
Nog meer over de dood praten? Er is zoveel dood rondom ons.  Deze week las ik dat de oudste persoon ter wereld was doodgegaan. Nu overlijdt die eens per maand geloof ik (het is een soort wisselbeker), maar deze keer is het bijzonder omdat nu Emma Morano, wonende in Verbania in Italië met haar 116 jaar de oudste van de wereld is en als zij overlijdt is er niemand meer die in de negentiende eeuw geboren werd. Zij zal de deur van de eeuw van Napoleon en Bismarck achter zich dicht doen. Dat is wat de dood doet: de geschiedenis uitwissen.

Het lukte me niet meer mijn blog van deze week te schrijven omdat ik empathie voel met de vrouw die zo graag over de dood praat, maar tegelijkertijd vind dat de dood schromelijk overschat wordt en dat we het beter over onze geschiedenis kunnen hebben. Twee dagen lang leek ik door dat dilemma uitgeschreven te zijn, iets dat voor mij zo’n beetje gelijk staat aan de dood. Om niet te merken dat ik vast zat begon ik mijn bureau op te ruimen en vond daar een ongeopende witte envelop. Daarin bleek de stamboom van de familie te zitten, gemaakt door een volle neef van mijn vader. Ik las namen en jaartallen, achter elkaar. Mijn overgrootouders, Nathan Wolffers en Helena Guggenheim, kregen twaalf kinderen en die kregen ook allemaal weer kinderen. Aan het einde van de  tweede wereldoorlog waren van de nakomelingen van Nathan en Helena alleen nog mijn grootvader en mijn vader en zijn neef over. Tussen haakjes stonden achter de namen van de dode familieleden plaatsnamen: Sobibor, Bergen Belsen, Auschwitz.

De geïndustrialiseerde dood
De twintigste eeuw. Daar kunnen we voorlopig de deur nog niet van dicht doen. Over de dood van al die mensen moeten we nog praten. En we moeten begrijpen hoe het mogelijk is geweest dat Europa zo’n rotzooi werd, politici wetten ontwikkelden om mensen naar achtergrond en afkomst van elkaar te scheiden, hoe de implementatie van die wetten steeds draconischer werd en ten dienste daarvan de dood geïndustrialiseerd werd. Het ergste was het misschien wel dat er zoveel foute burgemeesters en verklikkers waren, die enthousiast hielpen bij het zorgen dat de regels niet overtreden werden en de mythe van een zuivere bevolking niet verontreinigd werd.

Dank burgemeester Heijmans dat u deze week het goede voorbeeld gaf: een lesje onderduiken doe je zo. Wij staan niet automatisch aan de goede kant als je geroerd werd bij het lezen van ‘Het Achterhuis’ of het Anne Frank huis bezoekt. Als er al een olifant in de porseleinkast rondloopt, dan is het dat: Dat zo weinigen willen praten over hoe de geschiedenis van de mateloze dood zich zou kunnen herhalen.

De samenwerking is voorbij
Ik denk dat ik daarom liever in de Guardian zou schrijven dat ik wil dat niemand over mijn dood praat, dat het beter is om over de omstandigheden te praten die ervoor zorgen dat de wereld steeds onaangenamer wordt. Ik wil het hebben over hoe de stress steeds groter wordt, daardoor de natuurlijke controle op onze boosheid aangetast raakt en we het lijken te hebben opgegeven er samen nog iets leuks van te maken, steeds vaker een vuurwapen kopen en op internet opzoeken hoe je een bom in elkaar zet. Pesten op school een probleem? Nee pesten in de politiek, pesten in het vinden van een manier om milieuproblemen op te lossen, pesten als het aankomt op het bestrijden van vooroordelen jegens andersdenkenden. Pesten, pesten, pesten. De samenwerking is voorbij en daarmee dreigt de samenleving uiteen te vallen in steeds kleinere eenheden.

De dood komt vanzelf
Veertien jaar geleden hoorde ik dat ik een ongeneeslijke ziekte heb en de dood komt steeds dichterbij. Bij mij is het allemaal niet zo erg als voor die mevrouw in de Guardian. Dat snap ik als ik haar verhaal lees. Ze zegt: “Iedereen heeft wensen. De mijne is te leven in een wereld waarin iedereen eerlijk en open over de dood praat.”

“Hoe is het?” vragen mensen me en ik zeg altijd “Ik vind dat het goed met me gaat”. Dichter bij de werkelijkheid kan ik niet komen. De dood komt vanzelf.

Deze week liep ik langs de weg die naar het station voert – keurig links houdend – toen een jonge vrouw met een kindje van een jaar of vier achterop haar fiets langs me reed. Ik zag haar stralende lach, haar vrolijk opwaaiende rok en hoorde haar tegen haar kind zeggen “Wat is het fijn dat je mijn zoon bent. Je bent ook zo’n leuk kind.”

Ik wil dat iedereen praat over hoe we de wereld van onze kinderen en kleinkinderen leefbaar kunnen maken te houden.

De achterachterkleinkinderen van Nathan en Helena en ook hun kinderen. Omdat mijn oom achter namen in de stamboom ook nog ‘mijn vader’, ‘mijn moeder’, ‘mijn zus’, ‘mijn zus’, ‘mijn oom’, ‘mijn tante’ had toegevoegd werd de doodsdreiging ineens concreet. En ik snapte ook dat mijn grootvader elf broers en zussen in die kampen had verloren en dat mijn vader met hun kinderen had gespeeld en ze nooit meer terug had gezien. Maar ook dat ik zorgeloos kon opgroeien omdat de mensen die na die oorlog waren overgebleven het met elkaar eens waren: zoiets mocht nooit weer gebeuren.

Beeld: David Ohmer


Laatste publicatie van IvanWolffers

  • Broer van God

    Oktober 2017


Geef een reactie

Laatste reacties (12)