5.408
14

Econoom

Paul Teule studeerde economie en filosofie in Amsterdam. Hij is docent politieke economie aan de Universiteit van Amsterdam en werkt aan een proefschrift over duurzame economische groei. Daarnaast doet hij freelance onderzoek op het gebied van economie, duurzaamheid en de Europese Unie.

De economie van de doodstraf

De democratische weg is niet de enige weg om dit barbaarse relikwie tot het verleden te verbannen

Op de deur van een collega hangt een New Yorker-cartoon met een wat saaiige man met een aktentas, die tegen zijn dochter zegt: “Daddy’s going off to defeat terrorism in subtler, economic ways.” Het herinnert me er altijd aan dat elk probleem een economische dimensie heeft en dat je soms de economische achterdeur moet nemen om te bereiken wat je wil.

Zo ook bij de strijd tegen de doodstraf. Dit weekend las ik dat er in Texas een tekort dreigt aan ‘pentobarbital’, het middel dat wordt gebruikt bij executies. Ook andere staten kampen met problemen met het uitvoeren van executies door gebrek aan de benodigde middelen. Het interessante gegeven: executies zijn in zekere zin een kwestie van vraag en aanbod. Alleen het feit dat 63 procent van de Amerikanen vóór is, wil niet zeggen dat het ook gebeurt. Als niemand de doodstraf meer wil uitvoeren, of de benodigde spullen wil leveren, houdt het op. Je kunt als tegenstander dus je strategie verleggen van de politiek naar de ‘productie’ van de doodstraf.

Voor anti-doodstrafactivisten is het zaak om iedereen die direct en indirect de doodstraf mogelijk maakt te identificeren, te informeren (soms weet een farmaceut simpelweg niet dat haar product voor zoiets gebruikt wordt) en zo nodig publiekelijk te schande te maken. En waarom zou je niet ook de makers aanpakken van het bed, de riempjes, de naalden en apparatuur, en voor mijn part die klok die er altijd hangt?

Het lijkt me dat geen enkel bedrijf – althans geen bedrijf buiten de gevangenis-industrie – in de media wil komen als aanbieder van executies. “Mede mogelijk gemaakt door…” Dit geldt voor Europese bedrijven, maar ook voor Amerikaanse. Want waarom zou je die 37 procent van je klandizie die tegen de doodstraf is tegen het hoofd stoten? Het is niet zo dat die 63 procent opeens alleen bij jou zal kopen, omdat de concurrent niet aan executies mee wil werken.

Toch is de politieke dimensie hardnekkig: de staat Georgia heeft bijvoorbeeld onlangs besloten de informatie van betrokken leveranciers van middelen en de identiteit van de bewakers die de executies uitvoeren, tot staatsgeheim te maken. Georgia is in het verleden in opspraak geraakt omdat ze haar spullen afnam bij een louche Britse fabrikant, die opereerde vanuit een rijschool in Londen. Dat soort publicitaire pareltjes wordt nu dus moeilijk opduikbaar voor activisten. En de doodstraf aanvechten met technische argumenten over de (bij)werking van de toegediende middelen wordt ook lastiger.

Maar er is nóg een economische kaart die je kunt spelen: de kosten. Er zijn talloze studies die uitwijzen dat het veel goedkoper is om iemand levenslang te geven, dan om het hele circus rond de doodstraf, met alle administratieve rompslomp, op te tuigen voor een handjevol executies. Voor een staat als Californië scheelt dat zo maar 90.000 dollar per “inmate” per jaar. In “tijden van crisis” is dit een strategie, maar wel een gevaarlijke: echt goedkoop is het om het executietraject te versnellen en geen beroepsprocedures toe te staan.

Hoe dan ook, de democratische weg is niet de enige weg om dit barbaarse relikwie tot het verleden te verbannen.

Dit artikel staat ook op Sargasso

Geef een reactie

Laatste reacties (14)