6.912
41

R&D manager

Sharah Mak is geboren in Australië en groeide op in Nederland in de hippe kunstscene van de jaren zeventig en tachtig. Daarna werd ze met open armen ontvangen in het clubleven van de jaren negentig. Ze werkte in de media, muziek en sport. Nu schrijft ze aan een boek over haar ervaringen.

De enige Hollandse man

"Meneer? Kunt u alstublieft uw honden ergens anders laten poepen?"

Hij kijkt schichtig om zich heen. Kleding- en haarstijl regelrecht uit de jaren tachtig. Broek te hoog en te strak rond zijn kruis. Hij rookt, praat plat en hard. Het huis waar hij met zijn vriendin woont ruikt naar een oude boerderij. Het lijkt alsof ze twaalf kinderen hebben maar ze wonen met z’n tweetjes.

Hij heeft rossig haar met een matje en iets nogal agressiefs over zich. Zijn honden zijn ook rossig en lijken bijtgraag. Grote stinkende honden. Hij laat de dieren meerdere keren per dag uit in de straat. Of eigenlijk laten de honden hem uit. En wanneer zij elkaar uitlaten dan ben je als buurtbewoner bang. Dan stap je je auto niet uit. Dat kan ook niet want hij laat de hondenriem graag zo losjes vieren dat ze tegen de portier opspringen en het schuim uit hun bekken tegen mijn autoraam aan spat. Het heeft iets weg van die honden in Guantanamo Bay die ik op foto’s zag, alleen was er dan zogenaamd sprake van het bedwingen van een verdachte van immens terroristisch geweld. Ik wil alleen maar mijn huis in.

Al een tijd hebben we in de buurt last van zijn honden, vooral de bergen stront die op de stoep liggen, geen kind kan daardoor meer buiten spelen. Ik wil hem al een hele tijd vragen of hij niet ergens anders zijn honden kan laten poepen zodat mijn kind met haar bal buiten kan spelen. Nu is het moment. Ik verzamel al mijn moed. Terwijl ik ondertussen probeer mijn huis in te komen, met een heel bange dochter in mijn nek.

“Meneer? Kunt u alstublieft uw honden ergens anders laten poepen? Mijn dochter, eigenlijk alle kinderen in deze straat kunnen niet buiten spelen”, vraag ik terwijl ik mijn zenuwen probeer te bedwingen want de honden staan 50 centimeter agressief blaffend en schuimbekkend voor ons.

“Wat denk jij wel joh, kankerwijf!! Ik betaal hondenbelasting dus ik mag lopen waar ik wil.” Hij kijkt me aan alsof IK de hoop stront in de straat ben.
“Ja, maar hondenbelasting heeft toch nergens wat mee te maken? Ik betaal ook waterbelasting maar dat wil toch niet zeggen dat ik bij u mag douchen?” Hij laat de riemen van de honden net nog iets losser. Ik bevries zowat van angst. Het schuim uit de bekken spat tegen me aan.

“Kankerhoer!”, roept-ie heel hard, waardoor buren hun ramen openen om te kijken wat er aan de hand is. “Jij moet echt uitkijken kankerwijf! Ik gooi je ramen in!” Ik voel mij echt bedreigd, vooral door zijn honden.

Als hij eindelijk doorloopt en ik naar binnen kan om mijn meisje te troosten belt meteen een buurvrouw aan. “Je moet uitkijken voor hem, hij heeft al eens iemand neergestoken hier in de straat.” Er is iets heel engs aan, alsof ik in een thriller beland. Ik besluit er melding van te maken bij de politie en loop met mijn dochter en nog 7 andere kinderen uit de straat naar het politiebureau op de hoek. Gelukkig is er iemand aanwezig maar aangifte doen kan niet niet want er is ‘niets’ gebeurd, wordt me uitgelegd. Maar mochten straks mijn ramen ingegooid worden dan wil ik wel dat duidelijk is dat ik er tevoren melding van heb gemaakt, antwoord ik.

“We komen wel even bij u langs.” Ik vraag waarom want ik ben nu toch al op het bureau? Blijkbaar willen ze erg graag langs komen. Ik vraag met klem, nee met drie klemmen, dat ze niet in hun blauwe uniform aan mijn deur komen want dat zal het alleen maar erger maken.

Ik loop met de kinderen terug onze straat in. Het is een warme zomerdag. We draaien de hoek om en wat zien we daar? Een politiebusje voor mijn deur, drie agenten op de stoep. Of ze even binnen mogen komen. Ik vraag of ze weg willen gaan omdat de vreselijke buurman uit zijn raam hangt en van die ‘keel doorsnijden’ gebaren maakt.

De politie vertrok, de buurman bleef een week voor de deur hangen. Mijn dochter heeft nooit meer buiten gespeeld.
Wij waren bang voor de enige Hollandse man in de straat.  

Geef een reactie

Laatste reacties (41)