1.035
3

Adviseur, docent, auteur, dagvoorzitter

Erwin van de Pol (1957) studeerde na een loopbaan van afwasser tot ligwagenconducteur op internationale treinen, o.a. geschiedenis en internationale betrekkingen in Amsterdam en Rome. Op een intermezzo in het diplomatenklasje na is hij meer dan 30 jaar organisatieadviseur, eerder o.a. bij KPMG, nu bij Rijnconsult. Hij begeleidt oa Colleges van B&W en is docent bij het interuniversitair instituut voor organisatieontwikkeling Sioo. Schreef honderden artikelen en vier bekroonde essays, is auteur van het literaire voetbaltijdschrift Hard gras en Civis Mundi en columnist van Holland Management Review (voorheen M&C).

De essentie van vakmanschap vind je ook bij Bernard Haitink

Beginnend in een vak leer je kunstjes: hoe doe je de dingen? Dan komt de kunde: hoe maak je iets dat voldoet aan de professionele eisen in je vak?

De necrologieën, talkshowgesprekken en documentaires over Bernard Haitink vanwege zijn overlijden waren leerzaam en soms fascinerend. Los van zijn overweldigende liefde voor de muziek, zijn respectvolle en attente omgang met orkestleden en de magische wijze waarop hij een orkest kon laten klinken zoals hij het wilde, is zijn ontwikkeling als dirigent betekenisvol. Vooral als je de filmbeelden uit het begin van zijn loopbaan vergelijkt met die van hem op latere leeftijd. Op oudere beelden zie je hem wilde, houterige gebaren maken als ware hij een poppenkastfiguur die aan zijn armen wordt getrokken. Tientallen jaren later zien we korte, vloeiende, geconcentreerde bewegingen, terwijl Haitink met zijn ogen contact zoekt met het orkest. Hij doet bijna niets, waardoor hij veel meer impact blijkt te hebben.

Beginnend in een vak leer je kunstjes: hoe doe je de dingen? Dan komt de kunde: hoe maak je iets dat voldoet aan de professionele eisen in je vak? Vervolgens komt de kunst, je doet iets unieks dat bij jou hoort.

Essentieel in dat proces is het zoeken naar de essentie van het vakmanschap. Haitink is er een prachtig voorbeeld van, net als jazzmusicus Miles Davis. Die speelde razendsnel heel veel noten in het begin van zijn loopbaan. Uiteindelijk was zijn adagium vijftig jaar later You don’t have to play many notes, if you only play the right one.

Of een ander voorbeeld uit de kunsten, Piet Mondriaan. Hij begon met: “Hoe meng je verf en hoe smeer je het op het doek?” Dan komt de kunde. Mondriaan maakt in deze fase van zijn ontwikkeling schilderijen die technisch lastig zijn voor niet-kunstenaars, neem het schilderij Bomen langs het Gein. Het einde van zijn oeuvre is Victory Boogie Woogie, een schilderij dat iedereen kan maken die minstens één hand heeft met nog wat vingers eraan. Maar het ging Mondriaan erom dat hij met de vlakjes die het schilderij kenmerken, gekomen was bij de essentie van wat hij wil vertellen als kunstenaar.

Voor topkok Robert Kranenborg is een goede kok niet zozeer iemand die mooie sauzen maakt of ingewikkelde recepturen. Een goede kok herken je volgens hem aan liefde voor voedsel, de wijze waarop iemand een tomaatje of een eitje snijdt.

Haitink leerde ons de les dat je op zoek naar de essentie van je vakmanschap juist minder kan doen, als je goed begrijpt wat je doet. Want aan de basis van die korte gebaren bij Haitink lag altijd een zeer gedegen kennis van de partituur ten grondslag. De kunst was gebaseerd op de kunde. Dat geldt voor de professionele ontwikkeling in elk vak. Van binnen heeft de kennis zich verdiept, waardoor de buitenkant minder aandacht behoeft. Kwestie van ouder worden en houden van je vak.

Geef een reactie

Laatste reacties (3)