1.328
52

Lobbyist en Politiek Filosoof

Robbert Baruch is Manager Public Affairs bij Buma/Stemra. Hij is op 12 oktober 1967 in Amsterdam geboren. Hij studeerde Politicologie (Politieke Filosofie) en Bestuurskunde in Leiden en Theologie in Amsterdam en Jeruzalem. Zijn studie politicologie rondde hij af met een scriptie over Vondel's Palamedes en de 17e-eeuwse Nederlandse politieke filosofie. Na zijn studie werkte hij achtereenvolgens als communicatiestrateeg bij een internationaal reclamebureau, communicatiemanager bij de ING Groep, bestuursadviseur, wethouder van de Rotterdamse deelgemeente Feijenoord en lobbyist voor het Verbond van Verzekeraars in Den Haag.

De hypocrisie van de dierenliefde

Ik ben niet van de school die zegt dat de rituele slacht het beste is wat een dier kan overkomen. Maar de hypocriesie waarmee het debat over de rituele slacht wordt gevoerd is weerzinwekkend

In Nederland worden jaarlijks honderden miljoenen dieren gelslacht. De verplichte “verdoving” (die is uitgevonden om het industriele slachtproces mogelijk te maken), vindt bij het meeste vee plaats door het schieten van een stalen pin in de hersens het dier. Hierbij wordt niet per dier gecontroleerd of het bedwelmen effectief is. Onderzoek laat zien dat deze vorm van bedwelming in een aanzienlijk deel van de gevallen niet werkt.

De rituele slacht van dieren betreft ongeveer 200.000 dieren. De kosjere slacht vormt op zijn beurt weer een fractie van de rituele slacht: ongeveer 1500-3000 dieren.

Ritueel slachten is geen industrieel maar een individueel proces. Elk dier wordt apart en met de hand geslacht. Anders dan bij industrieel slachten bestaat er dan ook geen mogelijkheid dat een slacht misgaat. Een van de taken van de rituele slachter is ervoor te zorgen dat het dier snel wordt geslacht.

Het onderzoek naar welke vorm van slachten het meest diervriendelijk is, is niet eenduidig. Vergelijkend onderzoek tussen het individueel slachten en industrieel slachten ontbreekt. Maar ook als alleen het slachten op zichzelf bekeken wordt, zijn de conclusies niet unaniem. Bij het wetsvoorstel is baseert de kamer zich nu alleen op het onderzoek dat door de Partij van de Dieren is gepresenteerd. Onafhankelijk, éénduidig onderzoek ontbreekt.

De Raad van State constateert dat het voorstel stuit tegen artikel 6, eerste lid van de Grondwet. Grondrechten mogen alleen beperkt worden in uitzonderlijke en dringende omstandigheden. Door het ontbreken van bovengenoemd onderzoek, zijn die niet aangetoond. Ook is niet aangetoond dat het wetsvoorstel proportioneel is voor het beoogde doel.

Door de PvdD is gesuggereerd dat ook na invoering van een verbod op onbedwelmd slachten kosjere slacht mogelijk zal blijven. Dit is niet het geval. De Joodse ritus verzet zich tegen het voorafgaand bedwelmen van dieren. Na invoering van een dergelijke wet zal de Joodse gemeenschap in Nederland aangewezen zijn op import of vegetarisme.

In de 17e vluchtten Joden naar Nederland vanwege de vrijheid van godsdienst. De Raad van State zegt dat het voorstel hiermee in strijd is.

Het wetsvoorstel ritueel slachten is voor de Joodse gemeenschap in Nederland een emotioneel en belangrijk onderwerp. Het is teleurstellend dat in de aanloop naar het debat hierover niet gebruik is gemaakt van ander onderzoek, geen interesse is getoond in de achtergrond, geen overleg is geweest met de betrokkenen en geen inschatting is gemaakt van de consequenties voor de mensen die het het meeste aangaat.

De opstelling van mijn eigen partij is weer eens bizar: hoewel de woordvoerder in de eerste termijn een groot aantal redelijke vragen had, bijvoorbeeld over hoe de vrijheid van godsdienst behouden kan blijven en dierenleed zo veel mogelijk verminderd, is er, zonder dat die vragen beantwoord zijn, buiten het debat om, het standpunt naar buiten gekomen dat de PvdA het voorstel van de Partij van de Dieren gaat volgen.

In Den Haag wordt bij het kleinste wetsvoorstel nog een hoorzitting of rondetafelgesprek gehouden. Dat is hier niet gebeurd. De haast waarmee en de manier waarop dit wetsvoorstel erdoor gedrukt worden laat daarmee niet alleen de hooghartige manier zien waarmee groepen Nederlanders “getolereerd” worden, maar maakt de nieuwe politieke mores, waarbij emotie en tactiek zwaarder wegen dan de vraag “wat is rechtvaardig” en “wat vinden we ervan”. En dat is dubbel pijnlijk.

Dit artikel is overgenomen van het weblog Baruch Blogt

Geef een reactie

Laatste reacties (52)