936
64

Historicus

Han van der Horst (1949) is historicus. Hij schreef onder meer The Low Sky: understanding the Dutch', Nederland: de vaderlandse geschiedenis van de prehistorie tot nu, Een bijzonder land, het grote verhaal van de Vaderlandse geschiedenis, Onze Premiers en Schep Vreugde in het Leven, Levenslessen uit de grote depressie. Op elke laatste zondag van de maand is hij om elf uur in de ochtend te horen als boekbespreker in het VPRO-radioprogramma over geschiedenis OVT.

De last van het verleden

Het fatsoen eist dat wij de onaangename feiten in het verleden van Nederland niet verdoezelen, maar eerlijk en scherp belichten

Nederland heeft een extra week van de geschiedenis achter de rug: tweemaal werd het geconfronteerd met een zwarte bladzijde uit het verleden. Een rechter wees schadevergoeding toe aan de nabestaanden van de slachtoffers die vielen tijdens een door Nederlandse soldaten aangerichte massamoord in het Javaanse dorpje Rawagedeh. De staat heeft nog niet besloten of zij tegen deze uitspraak in beroep gaat en wij kunnen alleen maar hopen dat onze overheid niet tot zo’n laagheid zal besluiten. Zondagavond zond de publieke omroep de eerste aflevering uit van een historische serie over Nederlands aanzienlijke rol in de slavenhandel.

Dat zijn geen dingen om trots de driekleur voor te hijsen maar ze maken integraal deel uit van de Nederlandse geschiedenis. Wat betekent dat voor de huidige generaties? Hebben zij de zonde van hun voorvaderen geërfd? Moeten zij de verantwoordelijkheid voor de (mis)daden van het verleden op zich nemen? Nazaten van slaven in het bijzonder wijzen op deze verantwoordelijkheid. Zij eisen verontschuldigingen en in een aantal gevallen schadevergoeding.

In het algemeen geldt de regel dat je kinderen niet verantwoordelijk kunt stellen voor de misstappen van hun ouders, laat staan dat je ze aan kunt spreken op wat generaties vóór hen is gebeurd. Mag je de gemiddelde Jordaner (die nu op een flat in Purmerend woont) aanwrijven dat zijn voorouders niets deden toen de slavenschepen van Ghana naar Curacao voeren?

De vraag stellen is hem beantwoorden. Natuurlijk niet. Bovendien vloeit er door de aderen van menig lelieblanke in zijn eigen dorp geboren en getogen Nederlander net zo goed slavenbloed, of liever gezegd dat van lijfeigenen. Zeer veel Nederlanders stammen af van vroege voorlopers van de gastarbeiders die in de periode van pakweg 1600 tot 1840 uit Duitsland naar Nederland kwamen om een paar centen te verdienen en uiteindelijk bleven hangen. Vaak ontliepen zij zo een situatie van halve of hele lijfeigenschap die met slavernij veel aspecten gemeen had. Mijn eigen voorouders arriveerden tussen 1780 en 1800. Zij hebben nooit iets met de slavenhandel tussen Afrika en Amerika van doen gehad. Ook heeft geen enkel lid van mijn familie ooit in Indonesië gevochten. Ik heb dus nergens iets mee te maken.

Ik heb dus nergens iets mee te maken?

Of toch wel?

Ik bezit de Nederlandse nationaliteit en het daarbij behorende paspoort. Ik ben burger van het Koninkrijk der Nederlanden en daarom hoor ik bij deze staat. Dat geldt voor alle staatsburgers, waar hun wiegje ook stond, wie hun voorouders ook waren. Alleen dat paspoort telt. Zij krijgen daarmee Nederland met huid en haar, met zijn vreugde en verdriet, met zijn totale geschiedenis. Daar horen de zwarte bladzijdes bij. Wie voor Nederland kiest en het paspoort ophaalt bij het gemeentehuis, krijgt daarmee automatisch de last van het verleden op de schouders gedrukt. Wie niet bereid is deze te dragen, kan maar één ding doen: het Nederlanderschap opgeven.

Nogmaals: afkomst doet er niet toe. Het gaat om het staatsburgerschap.

Daarom kan geen enkele Nederlandse staatsburger van een andere Nederlandse staatsburger compensatie eisen voor wat zijn of haar voorouders is aangedaan. Zij zijn allebei even verantwoordelijk.

Nederland staat op dit gebied niet alleen. Vrijwel alle landen ter wereld hebben in hun geschiedenis schandelijke en schaamtevolle elementen. Wat het slavernijverleden betreft passen we bijvoorbeeld in dezelfde categorie als Ghana, want de West-Indische Compagnie kocht de meeste slaven destijds en gros van handelaren uit dat land. Maar daarom hoeft het niet zijn schouders op te halen over het verleden, ook al doen veel andere landen dat wel.

Het fatsoen eist dat wij de onaangename feiten in het verleden van Nederland niet verdoezelen, maar eerlijk en scherp belichten. Je hoeft de Colijnstraten en de Afrikaanderwijken van het land niet meer om te dopen, nu wij geleerd hebben de daden van de Afrikaner boeren of van voormalig premier Colijn anders te zien. Het moge echter duidelijk zijn dat er geen nieuwe Colijnstraten of Afrikaanderbuurten meer bij zullen komen. Ook kan het Nederland van nu uit de zwarte bladzijdes van zijn geschiedenis lessen  trekken.

Je zou bijvoorbeeld kunnen stellen dat een land met zoveel schaamte om het slavernijverleden het bestrijden van mensenhandel door internationale prostitutiebendes de allerhoogste prioriteit hoort te geven. Of dat een land met een twijfelachtig koloniaal verleden niet lullig moet doen als zich weduwen uit Indonesië of Srebrenica melden en om genoegdoening vragen.

Streven naar eerlijke en vrije internationale handelsrelaties is in dit verband ook een mooi punt om werk van te maken. Zo gaat een democratie volwassen om met de last van het verleden


Laatste publicatie van Han van der Horst

  • Nepnieuws

    Een wereld van desinformatie

    Februari 2018


Geef een reactie

Laatste reacties (64)