4.362
41

Socioloog, specialist bestuursrecht

Sinds 1976 socioloog. Vanaf 2000 bestuursrecht: bezwaar en beroep voor mensen en actiegroepen die een verschil van mening hebben met de overheid. In de meeste gevallen betreft het de gemeente Utrecht. Vooral zaken die te maken hebben met luchtverontreiniging, het kappen van bomen en de laatste jaren ook CO2 (vooral door autoverkeer en biomassa installatie).

‘De meeste mensen deugen’ van Rutger Bregman is opium voor het volk

Als je beweert dat mensen eigenlijk best deugen, zou je je de vraag moeten stellen waarom ze zich dan zo weinig verzetten tegen uitbuiting.

Eerlijk gezegd denk ik dat het veel verkochte De meeste mensen deugen van Rutger Bregman zo’n succes is omdat het stiekem aan mensen vreet dat ze vlees blijven eten, auto blijven rijden, het vliegtuig blijven nemen, mobieltjes en elektronica kopen waar kobalt voor nodig is dat door kinderen wordt gedolven, profiteren van de uitbuiting van arme mensen in arme landen door westerse bedrijven, profiteren van de ongelijkheid in onze eigen land. Ook al laten onze media lang niet alle ellende in de wereld zien, het kan de mensen in Nederland niet ontgaan dat ze het goed hebben doordat andere mensen en dieren het slecht hebben en dat moet juist bij mensen die deugen een gevoel van schuld oproepen. En dan geeft een boek met de boodschap dat de meeste mensen best deugen verlichting: “Gelukkig zijn we zo slecht nog niet!”

Maar juist als je beweert dat mensen eigenlijk best deugen, zou je je de vraag moeten stellen waarom ze zich dan zo weinig verzetten tegen uitbuiting, roofbouw op de natuur, oorlogen en tegen politici en invloedrijke ondernemers die daar niets tegen doen. Bregman laat in zijn boek zien dat er best mensen zijn die andere mensen te hulp schieten, in het koude water springen om mensen uit een zinkende auto te redden, die wel in verzet komen (Denen die de Joden hielpen op tijd naar Zweden te vluchten), maar hij heeft het niet over de talloze mensen die de andere kant op kijken als er vluchtelingen naar hun onveilige land van herkomst worden uitgewezen, over mensen die spotgoedkoop textiel kopen en er niet mee zitten dat dat textiel goedkoop is dankzij uitbuiting van arme mensen en er ook niet mee zitten dat steeds meer mensen in eigen land onder de armoedegrens terechtkomen en over mensen die zich nog steeds geen zorgen willen maken over de klimaatverandering.
Bregman zet zich af tegen sociaal psychologen als Zimbardo en Milgram, maar die hebben, anders dan hij in zijn boek suggereert, helemaal niet willen aantonen dat mensen van nature niet deugen en zich gaan misdragen zodra het laagje beschavingsvernis weg is. De ondertitel van The Lucifer Effect (2007) van Zimbardo is “understandig how good people turn evil”. Zowel Milgram als Zimbardo wilden, net als Bregman, laten zien dat het situationele factoren zijn (autoritaire verhoudingen / de gevangenis) die maken dat mensen zich gaan misdragen, ook als ze zich daar ongelukkig en schuldig bij voelen. Het is niet voor niets dat ze mensen bij wijze van experiment in een nagebootste autoritaire en gevangenissituatie brachten. In het artikel van Zimbardo uit 1973 waar Bregman naar verwijst (A study of prisoners and guards in een simulated prison) staat expliciet dat hij het negatieve effect van de gevangenis op het gedrag van cipiers en gevangenen wilde aantonen. Dus niet het gedrag van mensen als je het laagje beschavingsvernis weghaalt.

Dat Zimbardo en Milgram zouden hebben willen laten zien dat mensen zich gaan misdragen zodra je het laagje beschavingsvernis weghaalt, is zo tegengesteld aan wat ze met hun experimenten hebben willen aantonen dat ik sterk de indruk heb dat Bregman zich zo tegen hen afzet om zijn opvatting te kunnen presenteren als “een nieuwe geschiedenis van de mens”, die totaal tegengesteld zou zijn aan wat tot nu toe door theologen, filosofen en sociaal wetenschappers (als Zimbardo en Milgram) werd beweerd. Ik ben het met hem eens dat autoritaire leiders vaak proberen mensen af te schilderen als zondige naturen die straffe leiding nodig hebben, maar de opvatting dat mensen best deugen en dat het doorgaans situationele factoren zijn die hen ertoe aanzetten mee te doen met het kwaad is allerminst nieuw. We treffen die veelvuldig aan in sociale wetenschappen als criminologie, sociologie, sociale psychologie.

Met name treffen we die opvatting aan bij sociale wetenschappers van na de Tweede Wereldoorlog, die zich de vraag stelden: hoe is het mogelijk dat talloze gewone brave mensen zich, ook met grote tegenzin, lieten inschakelen bij het uitvoeren van oorlogsmisdaden? Het antwoord op die vraag was niet dat mensen tot barbarij vervallen als het dunne laagje beschavingsvernis wegvalt, maar dat het doorgaans zo is dat mensen het niet opbrengen weerstand te bieden aan autoritaire leiders, dat ze bang zijn zich impopulair te maken bij de groep waartoe ze behoren of dat ze zich makkelijk laten ophitsen door media en demagogen. Ook genocidestudies komen niet tot de conclusie dat mensen nu eenmaal barbaren worden zodra ze van God of de beschaving los zijn, maar schrijven het meedoen van gewone mensen aan moordpartijen toe aan ophitsing door politieke en religieuze leiders en sociaaleconomische omstandigheden (verregaande ongelijkheid, structurele werkloosheid). Bregmans ‘nieuwe geschiedenis van de mens’ is dus allerminst nieuw.

Bregman wijst in zijn boek op soldaten die het vertikken het bevel tot schieten op te volgen of expres mis schieten, waarmee hij iets laat zien van de dwang waaraan soldaten worden blootgesteld. Hij wijst op de uitvinding van het privébezit, dat het tijdperk inluidde waarin 1% van de mensheid de overige 99% begon te onderdrukken en haalt met instemming Rousseau aan, die de geboorte van de staat rampzalig vond. Hij schildert op macht beluste leiders af als psychopaten. Hij stelt dat de combinatie van schaarste en hiërarchie vergif bleek te zijn. Opgehitst door cynische machthebbers zouden mensen elkaar de ergste dingen aandoen. Sociopaten zouden dankzij het kapitalisme aan de macht komen en op totalitaire instituties zoals klassieke scholen zou het meest worden gepest. En ook wij, aldus Bregman, worden tegen elkaar uitgespeeld door demagogen en haatzaaiers. Wat onbegrijpelijk is, is dat Bregman zich totaal niet de vraag stelt: zouden mensen om te deugen niet in verzet moeten komen tegen al die maatschappelijke structuren en cynische machthebbers die hen aanzetten tot het kwaad?

Brave mensen nemen vaak niet de moeite zich goed te informeren, zich te organiseren en zich te verzetten. Het kost tijd, je wordt er vaak somber van en er zijn wel leukere dingen om te doen. Zouden mensen dat wel doen, dan zou het hun goed duidelijk worden hoe ze worden voorgelogen en gemanipuleerd door de staat en door politieke en economische machthebbers. Dan zouden ze massaal in verzet kunnen komen tegen onrecht, discriminatie, milieubederf en uitbuiting die in hun naam plaatsvindt (want gesanctioneerd door politici die zij zelf hebben gekozen) of waar geen eind aan komt door hun eigen consumentengedrag (kobalt door kinderarbeid, goedkoop textiel, dierenleed en CO2-uitstoot door eten van vlees e.d.). Dat is waarom ik niet begrijp hoe Bregman van mensen kan zeggen dat ze deugen, als ze niet de moeite nemen zich goed te informeren en niet in verzet komen tegen tirannen en instituties die hun verhinderen deugdzaam te zijn.

In plaats van zijn lezers op te roepen zich te bevrijden van de macht van tirannen en psychopaten die hen aanzetten tot het kwaad en ze uit te leggen dat ze helemaal niet deugen als ze daar niet tegen in verzet komen, doet Bregman hun tien leefregels aan de hand waarmee ze een positief en deugdzaam mens zouden kunnen zijn: vertrouwen in andere mensen, goed doen, compassie trainen, begrip hebben voor anderen, hun naaste liefhebben, (vertekend) nieuws in de media mijden, de andere wang toekeren en positief zijn. Het weerstand bieden aan tirannen en instituties die mensen ertoe aanzetten mee te doen met het kwaad komt in zijn rijtje leefregels niet voor (wél in het rijtje van tien regels in het zeer lezenswaardige The Lucifer Effect van Zimbardo). Politieke en economische machthebbers die onze wereld naar de kloten helpen zullen heel blij worden van de tien leefregels die Bregman de lezer meegeeft, vrees ik, want kritische mensen die in verzet komen, daar hebben ze het niet op. Dat is waarom ik vind dat zijn boek niet deugt en gewoon opium is voor het volk.

Geef een reactie

Laatste reacties (41)