684
2

Directeur Search For Common Ground

Dirk-Jan Koch: auteur van 'De Congo Codes', was diplomaat in Congo (2008- 2011) en is nu directeur van Search for Common Ground, een internationale organisatie gericht op conflict-transformatie.

De Nederlandse hand in Afrikaanse corruptie

Het wordt hoog tijd dat bedrijven financiële verantwoording afleggen over hun investeringen in ontwikkelingslanden

Noem je vak internationale tegenwerking in plaats van internationale samenwerking”, zeiden mijn studenten tijdens mijn colleges op de Katholieke Universiteit van Kinshasa. “Jullie bedrijven corrumperen onze leiders. Jullie betalen ze onder tafel zodat jullie toegang blijven houden tot onze grondstoffen en markten.”

De studenten vonden dat corrupte leiders daardoor in het zadel blijven terwijl ze de Congolese bevolking uitbuiten. Ze wierpen me Heineken voor mijn voeten, dat 60 procent van de biermarkt in handen heeft in Congo. “Wij kunnen er niet achter komen hoeveel winst ze maken en hoeveel belasting ze betalen. Hoe kunnen wij onze regering ter verantwoording roepen?” Daar stond ik dan, ik dacht dat we goed deden met onze Nederlandse ontwikkelingshulp, maar mijn studenten waren ons liever kwijt dan rijk.

Het kan anders en het ligt in handen van minister Ploumen, die de portefeuilles ontwikkelingssamenwerking en buitenlandse handel heeft. Nederland is op het vlak van ontwikkelingssamenwerking internationaal koploper in transparantie: mede dankzij de minister is Nederland een van de drijvende krachten achter het International Aid Transparency Initiative. Hierdoor kan je met een paar muisklikken zien hoe en waar hulpgelden worden besteed.

EITI-certificaat
Echter, aan de buitenlandse handelskant van de portefeuille van de minister, ontbreekt deze transparantie. Hierdoor is belastingontwijking voor multinationals een fluitje van een cent. Een onderzoek van de Noorse regering becijferde onlangs dan ook dat er wellicht tien keer meer onterecht kapitaal wegsijpelt uit ontwikkelingslanden dan dat er ontwikkelingshulp naartoe gaat.

Met mijn studenten besloot ik daarom op onderzoek te gaan. We richtten de blik op het grootste transparantie-initiatief voor bedrijven ter wereld: het Extractive Industries Transparancy Initiative (EITI), waar Nederland en een bedrijf zoals Shell lid van zijn. Indien landen en bedrijven het EITI-certificaat willen krijgen, moeten ze zeggen hoeveel geld ze aan overheden hebben gegeven. Overheden moeten op hun beurt zeggen hoeveel geld ze ontvangen hebben van die bedrijven.

Congo heeft geen EITI-stempel: de auditors van het EITI laten zien dat de bedrijven in het land over het algemeen beweren tientallen miljoenen euro’s méér te geven aan de Congolese overheid dan dat die overheid zegt te ontvangen. Mijn studenten onderzochten of het niet hebben van die stempel enig enig effect heeft voor Congo of de betrokken bedrijven. Het antwoord is: nee. Er komen juist steeds meer mijn- en oliebedrijven naar het land, die het financieel steeds beter doen. Intussen schieten de villa’s van Congolese ministers als paddestoelen uit de grond, maar blijft de bevolking in armoede leven.

Belastingparadijzen
Het is me in Congo duidelijk geworden dat veel vrijwillige zelfreguleringsinitiatieven al snel verworden tot vrijblijvende initiatieven. We vragen vriendelijk aan multinationals of ze alstublieft duidelijk willen maken hoeveel winst ze per land maken, hoeveel belasting ze betalen en aan welke overheden. We verzoeken eerbiedig aan de banken of ze transparanter kunnen worden over de miljoenen van Afrikaanse leiders die ze helpen onderbrengen in belastingparadijzen. O ja, en het maakt niet uit als u niet meewerkt hoor! Onze ontwikkelingsorganisaties zouden al lang publiekelijk aan de schandpaal genageld zijn voor zoveel ondoorzichtigheid.

Het is een enorme kans dat de minister zowel hulp als handel in haar pakket heeft. Laat haar na haar succes met het International Aid Transparency Initiative doorpakken en dezelfde hoge standaarden opleggen aan Nederlandse bedrijven en ervoor zorgen dat deze bedrijven koplopers worden in transparantie, net als onze hulporganisaties.

Dit artikel verscheen eerder in Trouw

Geef een reactie

Laatste reacties (2)