6.472
15

Ondernemer/ Publicist

Mick Blok studeerde economie, informatica en bedrijfskunde, en begon zijn carrière als zakenbankier bij Morgan Stanley. Ook was hij strategieconsultant bij McKinsey en The Anders & Winst Company en voorzitter van GroenLinks in Amsterdam-Oost, Schaatsclub IJsburg en Stichting Protect EveryBody. Hij publiceert regelmatig over mensenrechten, rechtstaat en klimaat.

De open school als hoeksteen van het beleid

Het is tijd eerlijk te zijn over waarom scholen expres vrijwel onbeschermd open gaan

Nederland heeft dit jaar in vergelijking met de meeste andere Europese landen relatief soepele controlemaatregelen tegen de corona-uitbraak gehad. Zelfs de huidige “lockdown” dwingt mensen niet thuis te blijven, ondanks onze overvolle ziekenhuizen en hoge infectiegraad. Maar nergens is het contrast met andere landen groter dan in de scholen. Afstand, maskers, ventilatie, regelmatige tests en quarantaine krijgen overal de aandacht die ze verdienen. In Nederland is er een rechtszaak nodig om de zaken in beweging te krijgen, maar maandag gaan de basisscholen grotendeels op de oude voet weer verder. De 5 pagina’s aan maatregelen die de Rijksoverheid donderdag aan scholen oplegde komen niet eens in de buurt van wat andere landen doen, of aan wat infecties stopt, hoewel ze wel die indruk kunnen wekken.

De Europese uitzonderingspositie qua infectiepreventie in onze scholen doet de vraag rijzen of het kabinet de scholen wel wíl beschermen. De meeste maatregelen die andere landen nemen zijn bepaald niet duur of ingewikkeld. In afwezigheid ervan ontstaan meer infecties. Infecties die in het najaar leidden tot steeds meer naar huis gestuurde leerlingen, daarna klassen, en in december zelfs het hele schoolsysteem. Het kabinet lijkt dus niet alleen eenvoudige maatregelen te vermijden, maar ook gesloten scholen en zelfs een algehele lockdown te hebben geriskeerd (en gekregen), terwijl beveiligde scholen die op zijn minst hadden vertraagd. Waarom doet de overheid niet wat andere landen wel doen?

Bron: Rijksoverheid

De sleutel tot het antwoord op die vraag ligt in de gekozen strategie van het kabinet. Zoals Premier Mark Rutte vorige week nog bevestigde is deze ongewijzigd sinds maart: Het kabinet accepteert dat het virus rondgaat, tenzij de ziekenhuiscapaciteit in gevaar komt. Ook wordt gepoogd de “kwetsbare” delen van de bevolking te beschermen tegen infectie. Dat betekent dat het voorkomen van infectie van “onkwetsbare” mensen geen rol speelt in het beleid, tenzij hun infectie direct of indirect ziekenhuizen vult. Omdat jonge mensen zelden in het ziekenhuis komen na besmetting, is daar de wens tot bescherming het minst groot. Dat zou dus de ontbrekende bescherming in de scholen kunnen verklaren: het kan de betrokken ministers gewoon niet echt schelen hoe veilig ze zijn, want het virus kan weinig kwaad. Dit is ook de conclusie van de rechter in de recente Veilig Onderwijs-zaak.

In het buitenland is zelfs beweerd dat infecties op scholen netto positieve effecten hebben. De Belgische topviroloog Marc van Ranst betoogde in maart dat de scholen open moesten blijven om met relatief weinig schade groepsimmuniteit op te bouwen, die dan de rest van de bevolking zou helpen beschermen. Ook het hoofd van de Zweedse FHM (RIVM+GGD) sprak die wens uit in een openbaar gemaakte e-mail. In een Franse talkshow werd de jeugd door alle gasten bedankt voor het opbouwen van immuniteit tijdens de zomer. En ook in de VS sprak een interne adviseur van de regering over de wens mensen te besmetten.

Beleidsmakers in deze landen zien dus wel een rol weggelegd voor de scholen bij gecontroleerde verspreiding. Maar ons land heeft het meest expliciete verspreidingsbeleid, en is het enige land waar de regering herhaaldelijk (en ook recent) heeft uitgesproken groepsimmuniteit te willen opbouwen. Bij voortduring wordt door RIVM-directeur Jaap van Dissel en OMT-leden als Marc Bonten in positieve termen gesproken over groepsimmuniteit (“een investering”), en ook minister Hugo de Jonge deed dat in recent nog: “uiteindelijk moeten we naar groepsimmuniteit”.

Vrijgegeven wob-documenten laten een beeld zien van ministers die de scholen per se open willen omdat thuisonderwijs ouders van het werk houdt. Ook wordt school gezien als een bescherming van kinderen in minder veilige gezinssituaties. Dat zijn goede argumenten, maar het gaat niet om open of dichte scholen. Wie dergelijke overwegingen van cruciaal belang vindt, wil goed beschermde scholen. Italiaanse kinderen gaan dit schooljaar waarschijnlijk niet thuis zitten, omdat tot de tanden bewapende scholen weinig tot geen infecties opleveren. Het kabinet en RIVM weten dat allemaal donders goed, en het ontbrekende argument zou dan logischerwijs immuniteitsopbouw kunnen zijn.

Het is daarom zeer aannemelijk dat ook in kringen van het RIVM al vroeg is besloten infecties wel weg te houden bij ouderen, maar niet bij jongeren. Deze gedachtegang werd bevestigd door OMT-lid Ann Vossen, die stelde qua besmetting: “kinderen onderling ook, ze zullen […] een ouder infecteren, hopelijk hebben die dan ook milde klachten”. Sterker nog, met de keuze de uitbraak “gecontroleerd te laten uitrazen” zou het monsterlijk zijn om kinderen niet met voorrang te laten besmetten. Althans, als overwegingen van totale sterfte in de maatschappij boven argumenten van beschermen van weerloze minderjarigen worden gesteld, natuurlijk.

De “smoking gun” is de Catshuispresentatie van Van Dissel van 31 januari, waarin de modellering laat zien dat open scholen met de nu dominante B117 variant tot zeer grootschalige infectie zullen leiden en dan via groepsimmuniteit vanaf begin maart tot dalende infecties zullen leiden (met een compliment voor de timing). In een interview met de NOS gaf Van Dissel zelfs aan te hopen dat de B117-variant zal helpen nog gevaarlijker varianten onder controle te houden, door besmettelijker te zijn. Wie durft dan nog te wedden dat de opening van de scholen geen component van wenselijke infectie heeft?

Zo komen allerlei rare gebeurtenissen in Nederland in een ander daglicht te staan. In de eerste plaats natuurlijk de eerdergenoemde slecht beschermde scholen, die opeens essentieel lijken voor het beleid. Maar ook het optreden van minister Slob, die in een talkshow eerst betoogde dat scholen zelf moeten beslissen over hun veiligheid maar “dat is natuurlijk niet de bedoeling” zei toen het gesprek richting maskers in de klas ging. Ook ging de minister zijn boekje te buiten toen scholen recent werden opgedragen werd kinderen met snotneuzen toch toe te laten op school, en later juist niet; het ministerie heeft daarin geen bevoegdheid. En de haast die er nu is de scholen te openen, met alle chaos die daarmee gepaard gaat, met een vakantie voor de deur, wijst op bredere maatschappelijke doelstellingen.

Vanuit het OMT is veel gewag gemaakt van het belang van open scholen op een manier die richting het absurde ging. Een maandje thuisonderwijs is niet zomaar “gevaarlijk”, en beweringen over grootschalige mishandeling of leerachterstanden zijn dat wel. Er is ook veel onzin beweerd over de veiligheid. Dat kinderen weinig besmettelijk zijn was nooit geloofwaardig, werd ingetrokken onder druk van een rechtszaak, maar is nu weer springlevend. Leraren worden aan minder risico blootgesteld dan andere beroepsgroepen? Dat is misbruik van statistieken, en allang ontkracht. Al met al ontstaat het beeld van een muur van desinformatie die slechts infectie via scholen dient.

Vanuit RIVM, OMT en kabinet lijkt de keuze het virus rond te laten gaan als de ziekenhuizen de zieken maar aankunnen ongetwijfeld evident, net als de keuze scholen nauwelijks te beschermen tegen besmettingen. De intenties zijn vast de allerbeste. Maar voor zover het beleid neerkomt op het expres toestaan van infecties bij jongeren wordt de grond juridisch en moreel al gauw heet onder de voeten van het kabinet. Ook zullen de ouders en leerkrachten zoiets niet licht opvatten naarmate de oogkleppen afvallen. Er is een cruciaal verschil tussen “scholen open kost levens, maar kinderen moeten ook wat” en “via de lichamen van kinderen en hun ouders redden we de economie”. Het is ook niet voldoende om te zeggen dat andere overwegingen belangrijk of belangrijker zijn dan immuniteitsopbouw, want het meewegen van “investering” door kinderinfectie is ook verwerpelijk als het een minieme rol zou spelen in de afwegingen.

Het is daarom voor onze kinderen en het schoolsysteem te hopen dat het kabinet alsnog zal besluiten om de internationaal gebruikelijke voorzorgsmaatregelen te nemen. Het alternatief is voortgaande chaos, ziekte en leerachterstanden. De vakbonden maken zich nu eindelijk zorgen en oefenen druk uit op veiliger onderwijs, en er is een begin aan veiliger scholen. Maar actie is urgent: uit de presentaties van Van Dissel blijkt (zie de foto) dat hij er op rekent dat open scholen vanaf 8 februari honderdduizenden kinderen gaan besmetten, en dat binnen enkele weken. Ook als die gok werkt en maart (tijdelijk) hoop biedt door dalende infecties, zal de schade aan volksgezondheid en onze maatschappelijke verhoudingen nog lang doorwerken.

Geef een reactie

Laatste reacties (15)