3.765
42

Onderzoeker en promovendus

Aniki is afgestudeerd in International Development Studies aan de Universiteit van Utrecht in 2010, en momenteel werkzaan als promovendus aan the Chinese University of Hong Kong en doet onderzoek naar etnische minderheden en bosgebruik in Vietnam.

De oplossing voor het ‘Marokkanenprobleem’

Een vijfledig voorstel om een complexe kwestie te tackelen

De afgelopen tijd zijn er veel columns en nieuws-items langs geweest over het criminaliteitsprobleem van Nederlanders met een Marokkaanse achtergrond. Malika el Allaoui, een Marokkaanse Nederlander, schreef enige tijd geleden op Joop een alleraardigst stukje waarin ze schreef over hoeveel ze van Nederland hield, maar dat haar kikkerlandje steeds killer werd als het ging over om mensen van haar etniciteit. In plaats van lof, kreeg ze vooral veel kritiek.

Immers 65 procent van de Marokkanen zou aangehouden zijn door de politie, en El Allaoui kwam niet met concrete oplossingen voor het probleem. Pauw en Witteman, van de ‘linkse’ Vara, hebben het nu ook al een week over het probleem gehad, en kennelijk weet niemand wat er echt moet gebeuren. Ik kom, als voormalig allochtone jongere (volgens de definitie van CBS), nu met vijf concrete oplossingen.

6.8 Procent van de Marokkaanse mannen is verdacht van een misdaad, niet 65 procent
Hoe zit het allereerst met de statistiek omtrent Marokkaanse Nederlanders en criminaliteit? Veel mensen, waaronder onze grote Blonde Leider, komen met de 65 procent-verklaring. Die stelt dat 65 procent van de Marokkaanse jongeren is aangehouden door de politie, en dat we daarom een bepaald probleem hebben, dat niet zo zeer een Nederlands probleem zou zijn. Maar hoe zitten de cijfers nou werkelijk in elkaar?

Allereerst, als we kijken naar de cijfers van het Centraal Bureau van Statistiek, kunnen we opmaken dat in 2010 6,3 procent van alle Marokkaanse mannen een geregistreerde verdachte van een misdaad is geweest, tegenover 1,3 procent van de Nederlandse mannen. Dat is een boven representatief aandeel in de criminaliteit, maar zijn Marokkaanse Nederlanders ook de grootste etnische groep? Neen, 79 van de 1000 Marokkaanse mannen was een verdachte van een misdrijf in 2010, maar van Nederlanders oorspronkelijk afkomstig uit de Dominicaanse Republiek en de Nederlandse Antillen en Aruba, waren dat er respectievelijk 93 en 84 in dat zelfde jaar. Sterker nog sinds 2007 is het Marokkaanse aandeel sterk gedaald, van 97 in 2007, 93 in 2008, en 88 van de 1000 in 2009.

Overigens, is ook bij de andere genoemde groepen een daling te constateren. Aangehouden worden door de politie wil nog niet zeggen dat je ook daadwerkelijk een crimineel feit hebt begaan. Daarnaast vindt criminaliteit plaats in met name de armere stedelijke wijken – wijken met relatief veel nieuwe Nederlanders. Tot slot richtte het onderzoek, waar Wilders naar verwijst, zich slechts op een groep Marokkaanse jongeren. Maar ja, de cijfers zeggen dat Marokkaanse Nederlanders een relatief hoger aandeel hebben in de criminaliteit dan autochtone Nederlanders. Wat moeten we daar vervolgens aan doen?

Twee scenario’s
We kunnen twee scenario’s schetsen die dit probleem zouden kunnen aanpakken, immers het is een probleem. Het eerste scenario gaat er vanuit dat het probleem een inherent Marokkaans probleem is, en dat het daarom in de aard van het beestje zou zitten om crimineel gedrag te vertonen. Als dat het geval is, hebben we een aantal oplossingen tot onze beschikking – deportatie van criminele Marokkaanse Nederlanders, assimilatie of geforceerde segregatie.

We kunnen, a la de Aboriginals in Australië, Marokkaanse kinderen wegnemen van hun ouders en ze zelf opvoeden, we kunnen het internationaal recht schenden door het discrimineren van minderheden. Zoals u het wellicht vermoedt, het zijn allemaal geen redelijke oplossingen, tenzij u extreem-rechtse opvattingen heeft natuurlijk, wat overigens uw goed recht is.

Het tweede scenario is wat meer pragmatisch en gaat er vanuit dat het probleem complex is, dat het is ontstaan uit meerdere factoren (gebrek aan sociale controle, socio-economische achterstand, onderwijs, straatcultuur, kloof tussen thuis, buitenshuis en school, etc.) en dat we juist deze factoren moeten herkennen en stapsgewijs moeten aanpakken. Beste Nederlanders van de 21ste eeuw, dit is mijn oplossing.

1) Maatschappijleer
Op de middelbare school vonden wij maatschappijleer altijd een zinloos vak. De leraar was ongemotiveerd en het was niet tot weinig actueel. Het was iets wat je gedaan moest hebben om je diploma te kunnen krijgen. Ik vind dat onze huidige maatschappijleer op de schop moet, waarin we leraren speciaal opleiden om kinderen de geneugten van het individualisme aan te leren, maar ook het sociaal besef dat we met z’n allen verantwoordelijk zijn voor onze maatschappij. Met name op het vmbo is dit nodig, we hebben inspiratie nodig, een hervorming in ons onderwijsstelsel.

Het klinkt cliché, maar een overheid kan moeilijk ouders achter de voordeur gaan vertellen hoe ze hun kinderen moeten opvoeden, dat is paternalistisch en daar zit niemand op te wachten. Wel moeten we ouders meer mogelijkheden geven om raad te zoeken als ze het echt niet zien zitten met de opvoeding van hun kinderen. Als overheid, echter, kunnen we onze kinderen alleen opvoeden via het onderwijs – dat moet innovatiever, creatiever en we moeten er meer geld in steken.

2) Hangen niet verbieden, maar faciliteren
Een straatcultuur kun je niet elimineren noch verbieden. Jongeren met een Marokkaanse achtergrond voelen dat ze op straat alle vrijheid hebben, in tegenstelling tot thuis waar er over het algemeen strenge regels zijn. Als kinderen of jongeren elkaar gaan opvoeden, dan gaat het mis. We moeten sociale controle hebben, immers waarom zijn Marokkanen in Marokko niet boven-gemiddeld crimineel? Waarom hebben andere landen precies dezelfde problemen met andere groepen?

Een uiterst pragmatische oplossing is om meer te investeren in buurthuizen in probleemwijken. Als je hangen niet kunt verbieden, kun je het wel faciliteren en zodoende overzicht over hebben. Marokkanen zijn Nederlands best geïntegreerde allochtonen en ik weet zeker dat veel Marokkaanse sociaal-werkers zich zouden willen bemoeien met dit soort buurthuizen. Interpreteert u dit niet als dat ik Marokkaanse criminelen zou willen belonen voor hun slechte gedrag, maar vaak kan men het probleem oplossen door de jongeren van jongs af aan te begeleiden in het volwassen worden.

3) Eens een crimineel, niet altijd een crimineel
Veel criminele jongeren zijn zulke slechte jongens niet. Puberen tussen drie culturen (Marokkaanse, Nederlandse en de straatcultuur) is geen makkelijke opgave. Je bent in een identiteitscrisis, je bent makkelijk beïnvloedbaar, met vragen over volwassen worden kun je niet bij je ouders terecht en het is natuurlijk ook ‘not-done’ om je leraar het een en ander te vragen over seksualiteit en opgroeien.

First-time offenders zijn makkelijker te beïnvloeden dan veelpleger en daarom zouden first-time offenders voldoende moeten worden ondersteund door jeugdzorg, nadat ze hun straf gekregen hebben, om zich weer aan te passen aan de maatschappij. Een crimineel worden gaat via een negatieve spiraal, en hoe verder je afglijdt, des te minder kunnen we je helpen.

4) Goed nieuws is juist nieuws
Politici zullen altijd statistieken misbruiken om stemmen te winnen. Wilders liet pas van zich horen nadat bekend werd dat de verdachten van het doodschoppen van de grensrechter voor een deel Marokkanen waren, maar waar was hij tijdens de stille tocht?

De media zou juist over positieve ontwikkelingen nieuws-items moeten maken, in plaats van zich alleen maar te richten op slechte ontwikkelingen. Zoals ik al eerder liet zien, neemt de criminaliteit onder Marokkaanse jongeren af, groeide het aantal Marokkaanse afgestudeerden in het hoger onderwijs van 1084 in 2006/2007 naar 1367 in 2010/2011 (een groei van 26% in 4 jaar). We hebben diverse Marokkaanse vertegenwoordigers in de politiek, in de media, in de zorg, en allerlei andere voorzieningen, die zich uit de naad werken om volwaardige en hardwerkende burgers te kunnen zijn.

Wie had zich in de jaren ’60 ooit kunnen voorstellen dat uit al die analfabete dorpelingen die we importeerden uit Marokko burgemeesters, wethouders, ondernemers, leraren en zelfs rappers zouden ontstaan? Media doen jullie taak, en laat ons de feiten zien die wij relevant achten om onze maatschappij te kunnen beoordelen.

5) Kom met oplossingen in plaats van enkel constateren
Hierbij mijn oproep aan ieder de een mening heeft over dit probleem (ik gok iedereen), om met concrete oplossingen te komen. In plaats van loze politieke kreten te slaan om zieltjes te winnen, hebben we pragmatische oplossingen nodig. Ik hoop dat mijn stukje aan dit debat bijgedragen heeft, een constructief debat dat ver af staat van wat populistisch gemekker en jarenlange herhaling.

Mucahid Aniki (25) is onderzoeker en promovendus aan de Chineze Universiteit van Hong Kong.

Geef een reactie

Laatste reacties (42)