Laatste update 10:24
26.505
71

eindredacteur Joop

Francisco van Jole is journalist en eindredacteur van Joop.
Verder is hij politiek commentator bij De Nieuws BV en presentator van Draad, een politieke talkshow in Arminius te Rotterdam.

De pandemie van corona kan nog jaren gaan duren

Alleen ingrijpende veranderingen - lees verbeteringen - kunnen ons beschermen tegen de gevolgen van pandemieën en de klimaatcrisis

cc-foto: Thorsten Krienke

De Zweedse Jaap van Dissel heet Johan Carlsson. Deze week waarschuwde hij dat de maatregelen tegen corona nog minstens een jaar van kracht zullen blijven. Minstens een jaar. Dat klinkt als een schok maar het is in lijn met hoe de Zweden vanaf het eerste moment hebben gereageerd: alleen maatregelen doorvoeren die je heel lang kunt volhouden want het virus gaat voorlopig niet weg.

Er is veel discussie over of de Zweden het virus goed bestrijden. Daar heb ik geen verstand van en ik wil me er dan ook niet tegenaan bemoeien. Zoals ik me ook geen oordeel veroorloof over het nut van een mondkapje. Als de regering en wetenschap het adviseren, draag ik het en anders niet. Zoals ik dat altijd doe bij medisch advies. Ik ben geen thuisdokter, noch een hobby-viroloog en heb geleerd dr. Google te mijden bij medische problemen, als ik tenminste geestelijk gezond wil blijven.

Waar het me om gaat is dat de Zweden zo ver vooruit kijken. Ze zijn daarin niet de enigen. In Italië verklaarde de minister van Volksgezondheid dat de huidige maatregelen zeker tot mei zullen duren. Hier in ons eigen land bekruipt me ondertussen het gevoel dat er door het kabinet slechts in dagen wordt gedacht, hooguit weken. In ieder geval nooit verder dan de verkiezingen van maart. Het resultaat van een gebrek aan enige visie.

Rutte gaat er prat op dat hij een hekel heeft aan visie, dat hij afdoet als een stip aan de horizon. Nu is niet alleen de stip maar ook de hele horizon verdwenen. Waar gaan we heen? De nieuwe maatregelen duren voorlopig drie weken, klonk het bij de laatste persconferentie. We moeten het allemaal kennelijk aankijken en het is voor de regering nog steeds onduidelijk of er een tweede golf, een virus-tsunami, op ons afkomt. Het voelt politiek even ongewis als in het begin, alsof de kalender nog steeds januari 2020 aangeeft. Het kabinet overweegt nu koopavonden te verbieden, kennelijk onwetend van het feit dat die al door het winkelend publiek zijn afgeschaft na invoering van de koopzondag. De ploeg van Rutte gluurt angstig door een kier in de deur van de Trêveszaal, zo lijkt het. Is het virus nu weg? Kunnen we al naar buiten?

De econoom Robin Fransman bepleit een totaal andere aanpak en wil dat er anderhalf jaar vooruit gekeken wordt. De samenleving wordt daarbij verdeeld in een kwetsbaar en een onaantastbaar deel. Het ene deel, bestaande uit de ouderen en zwakkeren, krijgt de gelegenheid alle voorzorgsmaatregelen te nemen, denk aan veilige uurtjes in winkels en bioscopen. Het andere deel, de jongeren en oudere thrillseekers, keert terug naar normaal. Hij schreef er over op de economensite ESB en schoof aan bij Op1 om toelichting te geven.

Het plan van Robin Fransman klinkt aantrekkelijk voor degenen die het normale leven weer willen oppakken. Er is alleen een probleem: dat normale leven bestaat niet meer. Net zo min als een Back to the ‘90’s dansavond ooit die zorgeloze jaren terug kan brengen, kan een tweedeling in de samenleving die goeie ouwe tijd van december 2019 nieuw leven inblazen. We gaan daarentegen gestaag richting december 2020, de gevaarlijkste maand van het jaar. De maand waarin iedereen traditiegetrouw bij elkaar kruipt om Sinterklaas dan wel Santa Claus te vieren, het kerstdiner te nuttigen, cadeautjes uit te wisselen.

Stel je Kerst voor in een samenleving die, volgens het model van Fransman, verdeeld is in een voorzichtig en een roekeloos deel en je weet dat het niet gaat werken. Het leven laat zich niet zo verdelen. Fransman wil een snelweg waar een deel van de auto’s 50 rijdt en op het andere met 130 wordt gescheurd, in de overtuiging dat iedereen in z’n eigen baan blijft. Dat is een wereld die je alleen in een simulator of economisch model tegenkomt. De econoom vergelijkt, om zijn ideeën kracht bij te zetten, omgaan met het virus met fietsen. Dat is ook gevaarlijk en doen we toch, zegt hij en gaat daarbij voorbij aan het feit dat fietsen alleen voor jezelf gevaarlijk is. Het virus is dat juist vooral voor anderen. Een auto is daarom een betere vergelijking. En afstand houden is niet voor niets een van de eerste dingen die automobilisten moeten leren.

Maar hoezo voorspelt hij anderhalf jaar? Er komt toch een vaccin? Helaas. Niemand weet of dat vaccin echt gaat werken en zo ja, hoe lang. Tegen de griep, de meest voorkomende ziekte, bestaat ook geen echt sluitend vaccin. En wat net zo belangrijk is: er bestaat ook geen medicijn tegen. Geen pilletje dat je kunt nemen en dat de ziekte verjaagt. Griep kun je alleen maar uitzieken. Corona ook en dat is veel gevaarlijker.

Zo’n dertig procent van de bevolking twijfelt ondertussen over toediening van een eventueel vaccin of zal het zelfs resoluut weigeren. Waarschijnlijk is dat voldoende om het virus te laten voortwoekeren zodat het kan muteren in nieuwe verrassingen. Kortom, dat virus gaat niet zo maar verdwijnen, ook al denkt Fransman en met hem velen van wel.

Het beklijfde amper maar in mei van dit jaar waarschuwde de WHO dat het wel eens 5 jaar kan duren om de pandemie onder controle te krijgen. Vijf jaar. Dat is net zo lang als de Tweede Wereldoorlog in Nederland. Het betekent ook dat we nu in december 1940 zitten.

Na de bevrijding keerde het normale leven niet terug, het veranderde radicaal. In zijn boek De mooiste jaren van Nederland 1950-2000 beschrijft Han van der Horst die periode als de enige echte Gouden Eeuw die Nederland gekend heeft. Met meer vrijheid, meer rijkdom, meer solidariteit en meer gelijkheid. Omdat iedereen daar naar snakte. Je moet er juist niet aan denken dat was teruggekeerd naar het bedompte, onrechtvaardige normaal van de jaren ‘30. Vooruitgang was het doel. De verschrikkingen van de oorlog waren de katalysator. Het is een van de grote krachten van de mens: rampen kunnen omzetten in verbeteringen.

De pandemie die de wereld in zijn greep houdt, kan net zulke veranderingen teweeg brengen. Willen we bijvoorbeeld na vijf jaar thuiswerken straks echt terugkeren naar de gekte van de 20e eeuw waarbij we iedere dag opgesloten in blik naar bedrijventerreinen rijden om daar uren achtereen te verblijven in kunstmatige ruimtes die we kantoren noemen? Of is dit het moment om daar radicaal mee te breken?

Het was de industriële revolutie die mensen er in de 18e en 19e eeuw toe dwong een scheiding aan te brengen tussen privé en werk. Met onder meer complete arbeiderswijken tot gevolg. Een scheiding waar aan vast gehouden is toen de fabrieken werden vervangen door kantoren. Het is tijd om die indeling te herzien want die is schadelijk, overbodig en staat de toekomst in de weg. Een stad of wereld die anders ingericht is, kun je sneller en makkelijker aanpassen aan de dreiging van het virus.

Het zijn veranderingen die hier en daar al gang worden gezet omdat ze nodig zijn. Parijs en Utrecht streven de Stad van een Kwartier na, waarbij alle basisvoorzieningen op niet meer dan een kwartier afstand bereikbaar zijn, te voet, op de fiets of per ov, want voor de auto wordt niet meer ruim baan gemaakt. Een kwartier is toevallig ook een ander woord voor wijk of stadsdeel. Denk je een stad in die zo is ingedeeld, waarbij je ook op niet meer dan een kwartier van je werk woont. Niet meer in een van de kantoorkolossen die nu ongebruikt in de stad staan maar in gebouwen en ruimtes die makkelijk aangepast kunnen worden en niet meer van een en hetzelfde bedrijf zijn.

Zo’n aanpak dient niet alleen het virus te bestrijden maar lost ook het fileprobleem op en vergroot de sociale cohesie. Om nog maar eens twee nijpende problemen te noemen. Bedenk dan hoe je de rest van het leven virusbestendig kunt maken. Meer – elektrische – fietsen, grotere openbare ruimtes. Om de podiumkunsten te redden kun je openlucht theaters neerzetten, waarbij de onderlinge afstanden gemakkelijk aan te passen zijn aan de dreiging. Het theaterseizoen verschuift van de winter naar de zomer. Dat past bij een cultuurverandering die noodzakelijk is geworden door de pandemie, namelijk dat we ons sociale leven meer in de openlucht doorbrengen. Dat is in meerdere opzichten gezond.

Dat we ons in de tweede helft van de vorige eeuw in huizen terug zijn gaan trekken is voor een groot deel veroorzaakt door de komst van de tv. De pantoffelparade, de gewoonte van burgers om in de vroege avond massaal een ommetje te maken en elkaar op straat te ontmoeten, zoals je nog wel in Zuid-Europa ziet, werd vervangen door prime time. TV, of hoe je zo’n scherm nog wilt noemen, is niet meer gebonden aan de huiskamer. En prime time is aan het verlopen. Daardoor is er meer vrijheid voor een ander sociaal leven, in een aangepaste openbare ruimte die is ingericht op onze nieuwe sociale behoeften. Straatmeubilair waarmee je makkelijk afstand houdt bijvoorbeeld.

Het in dit land notoir slechte weer maakt het wel lastig maar hoeft geen beletsel te zijn. Als je er maar oplossingen voor verzint. De Scandinaviërs hebben daar friluftsliv voor bedacht, leven in de open lucht en ze slagen er zo in elkaar ook in de kou te ontmoeten. Het is een andere wereld, die maakbaar is. Maar dan heb je wel een visie nodig om die te kunnen voorstellen. Zoals het idee van cyberspace in de jaren negentig het onbegrepen internet veranderde in een virtuele wereld en iedereen de mogelijkheid bood er toepassingen voor te verzinnen.

Als het om corona gaat ontbreekt die visie en dat wreekt zich op alle terreinen. De afgelopen week was er een relletje over de aanstaande verbouwing van het parlement. Voorzitter Khadija Arib wil dat de noodzakelijke verhuizing uitgesteld wordt omdat in het tijdelijk onderkomen te weinig ruimte zou zijn om anderhalve meter afstand te houden. Een dergelijk uitstel kost 160 miljoen en dus ging daar de discussie over. Maar de echte vraag moet luiden of er bij de nieuwe plannen van het parlement wel rekening gehouden is met een nieuwe virusuitbraak. Wordt het gebouw zo opgezet dat er probleemloos veranderingen doorgevoerd kunnen worden als er een nieuwe virusuitbraak of pandemie komt? De komst daarvan is immers zekerder dan bijvoorbeeld de terroristische aanslag waarvoor op Prinsjesdag een kabinetslid als designated survivor wordt aangewezen.

NRC interviewde de directeuren van de drie planbureaus die eensluidend tot de conclusie komen dat “het kabinet zich tijdens de coronacrisis op meer moet richten dan alleen het afremmen van het coronavirus en het beperken van de directe economische schade.” Ze bepleiten onder meer de aanpak van groeiende sociale problemen als eenzaamheid, ongelijkheid en natuurlijk de klimaatcrisis. Dat begint al op een visie te lijken.

Er is geen enkele reden om aan te nemen dat er na corona, als dat al ooit verdwijnt, niet een nieuw virus komt dat net zo handig gebruik maakt van onze huidige manier van leven. William Gibson, de visionaire sci-fi auteur die het idee van cyberspace bedacht, voorziet een golf aan pandemieën en hij zou zomaar eens gelijk kunnen hebben. Het is verstandig maatregelen te nemen die ons daartegen beschermen. Na de Watersnoodramp zijn voor miljarden de Deltawerken aangelegd, om herhaling van een ramp te voorkomen die zich eens in de paar honderd jaar voltrekt. Waar zijn de Deltawerken tegen de pandemieën?

Alleen ingrijpende veranderingen – lees verbeteringen – kunnen ons beschermen tegen de gevolgen van pandemieën en de klimaatcrisis. Het gaat daarom niet om terug te keren naar normaal, het gaat om het maken van een beter normaal.

De studenten hebben dat al wel door en protesteren tegen het uitblijven van veranderingen. De Volkskrant schreef op 28 september: “Volgens de studenten wordt er te veel gekeken naar de korte termijn en te weinig rekening gehouden met het scenario dat het virus nog jarenlang een groot onderdeel van het leven zal zijn.” Een paar maanden online lesgeven biedt geen soelaas. Je kunt nu wel steeds een tijdelijke maatregel nemen maar het is nu het moment om onderwijs radicaal te veranderen en verbeteren. Als er geen stages meer gelopen kunnen worden, wat kun je dan verzinnen dat net zo goed of liefst beter werkt? En wat voor het onderwijs geldt, geldt ook voor de rest van de wereld.

Over een paar maanden, in maart 2021, zijn er verkiezingen. Met wat pech raast de virusexplosie, die je als gevolg van sociale feestdagen als Kerst en Oud & Nieuw kunt verwachten, dan nog door met alle gevolgen van dien en gaat het debat vooral daar over. Over de statistieken van de dag en de maatregelen van de week.

Bedenk dan dit. Het nieuwe kabinet dat we kiezen moet vier jaar aanblijven. Volgens het scenario van de WHO duurt de pandemie mogelijk die hele regeerperiode voort. Tot aan de verkiezingen van 2025. De vraag is in wat voor land we dan willen wonen. En hoe. Laat daar de ideeënstrijd over gaan.

Geef een reactie

Laatste reacties (71)