Laatste update 10:53
761
10

Voormalig parlementair verslaggever

Ik heb geruime tijd gewerkt als politiek verslaggever en correspondent Brussel van het ANP. Daarna heb ik onder meer gepubliceerd op de The Postonline, Historiek en Frontbencher. Ook verschenen er enkele boeken van mij. ‘Van verzuiling tot versplintering’ uit 2015 is het laatste.

De pijnlijke werkelijkheid van de informateur

In regeerakkoorden worden afspraken gemaakt door partijen die ervan uitgaan dat hun coalitiepartners niet deugen

Als het aan informateur Herman Tjeenk Willink ligt komt er een regeerakkoord op hoofdlijnen. De toekomstige coalitiepartijen zouden zich moeten beperken tot vier à vijf grote problemen die ze met voorrang willen aanpakken. Verder moeten ze zich niet te veel vastleggen. Wanneer er in het regeerakkoord geen afspraken staan over details heeft de Tweede Kamer straks de handen vrij. Dan vormt die, om een in zwang zijnde term te gebruiken, een ‘tegenmacht’ tegen de macht van het kabinet. Dan is er echt sprake van dualisme.

informateur
Foto: ANP / Phil Nijhuis

Maar of hier veel van terechtkomt? Oud-premier Ruud Lubbers noemde een regeerakkoord ooit ‘gestold wantrouwen’. En Lubbers had er verstand van, want hij was betrokken bij tal van formaties, zowel als onderhandelaar als als (in)formateur. In regeerakkoorden, wilde Lubbers maar zeggen, worden afspraken gemaakt door partijen die ervan uitgaan dat hun coalitiepartners niet deugen. Ze dekken zich bij voorbaat in tegen eventueel bedrog door tot achter de komma op papier te zetten wat de bedoeling is van het kabinet in wording. Aan die overeenkomst heeft iedereen zich te houden. Partijen moeten ‘leveren’. Doen ze dat niet, dan ontstaat er een crisissfeer, niet zelden gevolgd door de val van het kabinet.

Om het niet zover te laten komen hanteren regeringspartijen een rigide fractiediscipline. Ook beraadslagen ze voortdurend met elkaar om ‘de klokken gelijk’ te zetten. Vroeger gebeurde dat in het ‘Torentjesoverleg’ op woensdag. In 2002 werd dat door toenmalig premier Jan Peter Balkenende afgeschaft. Zijn coalitiepartner, de LPF, wilde geen kabinet dat steeds maar alles afstemde. Of er achter de schermen niet toch voortdurend overleg plaatsvond is de vraag. Een vraag die je trouwens niet anders dan met ‘ja, natuurlijk’ kunt beantwoorden. Het laatste kabinet-Rutte, nummer drie dus, herstelde het Torentjesoverleg weer in volle glorie. Alleen werd dit niet meer op woensdag gehouden, maar op maandag, en niet meer in het Torentje, maar op een departement.

De afgelopen vier jaar is het behoorlijk misgegaan. Door de toeslagenaffaire en andere onverkwikkelijke geschiedenissen ontstond het beeld van een kabinet dat uitsluitend gericht was op overleven, zonder zich erg druk te maken om de ‘band met de burger’. De Tweede Kamer stond buitenspel. Ze diende alleen als stempelkussen om de ingediende wetsvoorstellen aan een meerderheid te helpen. Coalitiekamerleden die dit niet wensten te pikken, zoals de veelgeroemde CDA’er Pieter Omtzigt, kregen het steeds moeilijker. Laat staan dat de oppositiepartijen er nog aan te pas kwamen.

Dit alles wil Tjeenk Willink voorkomen door regeerakkoorden minder ‘dichtgetimmerd’ te maken. Als regeringspartijen zich beperken tot de hoofdlijnen, kan de Kamer verder ongehinderd opereren en zich ontwikkelen tot een onafhankelijke counterpart. Dan komt er, met andere woorden, een einde aan het monistische handjeklap dat het Binnenhof zo’n slechte naam heeft bezorgd.

Maar het valt te betwijfelen of het zo zal gaan. Bij formaties wordt steeds geroepen om regeerakkoorden op hoofdlijnen, maar in de praktijk komt daar weinig van terecht. Het wantrouwen tussen de partners in het nieuwe kabinet is op dit moment bovendien bijzonder groot. Zo groot, dat geen enkele partij zin heeft opnieuw onder de als leugenachtig bekendstaande premier Mark Rutte te regeren. D66 en CDA zullen dat vermoedelijk uiteindelijk wel doen, maar of de PvdA en GroenLinks (de meest genoemde andere kandidaat-coalitiepartners) ook bereid zijn blijft afwachten. Waarschijnlijk zou een dichtgetimmerd regeerakkoord flink helpen om hen over de streep te trekken, want dan weten ze waar ze aan toe zijn. Maar dichtgetimmerde regeerakkoorden zijn taboe, of staan in elk geval in een bijzonder slecht blaadje.

Kennelijk gelooft Tjeenk Willink zelf ook niet erg in het slagen van zijn missie. In een brief aan de Kamer schrijft de informateur dat er bij elke formatie ‘oprecht de wens wordt geuit snel een akkoord op hoofdlijnen te sluiten’. Om daaraan ietwat moedeloos toe te voegen: ‘De werkelijkheid is meestal een andere.’

Geef een reactie

Laatste reacties (10)